En Adam zag dat de liefde was verdwenen

Jutta Richter: De oorsprong van alles. Vertaald door Dorienke de Vries. Brandaan, € 14,90 * * * *

In de nieuwe roman van Jutta Richter De oorsprong van alles kijkt Adam terug op zijn leven. Verbitterd vraagt hij zich af waar de liefde is gebleven. Eva was de vervulling van al zijn wensen – en het begin van het einde. Want ze neemt geen genoegen met wat de Heer hun toestaat, wil almaar meer. En Adam is te zwak om haar tegen te houden. Ze moeten de tuin verlaten, omdat Adam de vriendschap met de Heer heeft verloochend. Het paar staat in de kou.

Maar dan komt het kind, Kaïn, en dat is een geluk. Een breekbaar geluk, want Kaïn lijkt op Eva, ook hij kent geen grenzen. Pas als Abel er is, de tweede zoon, die naar Adam aardt, lijkt alles volmaakt. Alleen de Heer weet dat met de liefde van de vader voor dit ene kind een nieuwe tragedie begint. De zondeval mondt uit in een moord en onder een ontroostbare maan praat Adam, de oude, met een wijze poes. Die poes speelt in het boek een belangrijke rol. Soms voert ze zelf het woord. Of de verteller kiest haar perspectief en dan denkt de poes dit: ‘Zo zijn de mensen immers? Naderhand zeggen ze altijd dat ze het niet wilden. Maar eerst doen ze precies wat ze niet willen en geen kat ter wereld zal dat ooit kunnen begrijpen…’

De oorsprong van alles houdt het midden tussen een parabel en een sprookje. Archaïsche zinnelijkheid verbindt zich met krachtige poëzie. Die tegelijk teder is. Een beperkt aantal dingen, bezield en onbezield, geeft kleur aan de compacte tekst. De maan, de kat, de wind, de poort, de bron: uit veel meer dan dat bestaat Adams wereld niet. De lichte taal draagt moeiteloos de zware inhoud. Ook wie niets van religie moet hebben wordt door Richter aan het denken gezet: hoe kan het dat de mens, die vol verlangen naar het welslagen van de liefde en het leven is, toch steeds de mist in gaat?

Adam en Eva zijn in. Ralf König schreef over hen en Ingo Schulze (Adam und Evelyn) ook. Schulze stuurt het paar, na de Val van de Muur, naar het Westen om daar het verloren paradijs te zoeken: zijn boek heeft een politieke dimensie. Richter houdt zich verre van politiek. En van antwoorden. De schrijfster, die samen met een heleboel katten in een echt kasteel woont, schuwt prozaïsch realisme. Hoe helder haar taal ook is, één geheim blijft toch bewaard. Het is het geheim van de schoonheid.

Anneriek de Jong