Rock voor ambtenaren

Hij kwam als Amerikaans soldaat naar Europa. Hij verdient nu zijn geld met muziek maken in Den Haag. Onder het ministerie van VROM. En soms er in.

Elke doordeweekse morgen is het een bijzonder schouwspel: aan de zijkant van Den Haag CS stromen de forenzen het station uit. In de hoge doorgang onder het ministerie van VROM spoeden de ambtenaren met aktetassen zich naar hun bureaus, terwijl ze worden begeleid door de scheurende klanken van een elektrische gitaar. Op een krukje midden in de stroom forensen zit een straatmuzikant te spelen. Het contrast kan niet groter tussen de strakgepakte mannen en de vrouwen in mantelpakjes, en de smoezelig geklede muzikant, het hoofd omgeven door slierten lang haar. Een enkeling blijft staan, gooit een muntje op de gitaarhoes aan de voeten van de straatmuzikant. De meesten keuren hem nauwelijks een blik waardig en lopen gehaast verder.

Elke dag tussen 7 en 10 uur is dit de stek van Chuck Deely (Detroit, 1951). Het jaar rond, dag in, dag uit, weer of geen weer, altijd is hij hier te vinden om het passerende ambtenarenpubliek met zijn elektrische gitaar te trakteren op stevige rockriffs. Van de muziek kan Deely aardig rondkomen, vertelt hij. Kort geleden heeft hij een nieuwe cd uitgebracht, Street Vision. Met die naam borduurt Deely voort op eerdere titels uit zijn discografie. Ze verwijzen vrijwel allemaal naar de straat, want dat is Deely’s belangrijkste theater. Deely kwam in de jaren zeventig naar Europa als soldaat, was gelegerd in Heidelberg en belandde daarna in de muziek. Na veel omzwervingen, liefdesleed en drugsproblemen kwam hij een aantal jaren geleden in Den Haag terecht.

Eerdere cd’s maakte hij nog samen met andere, bevriende musici, Street Vision is geheel een eigen productie, vertelt hij. Deely – sinds kort in bezit van opnameapparatuur – bespeelde alle instrumenten zelf en vulde zelf de verschillende zangpartijen in. De meeste nummers op de cd zijn stevige rock ’n’ roll songs, zoals het passerende ambtenarenvolk dat van Deely gewend is. Tegelijk is het een behoorlijk diverse verzameling songs, op één na allemaal door Deely zelf geschreven. Op het nummer ‘Pickin' to beat the devil’ speelt Deely fingerpickin’ gitaar in de beste tradities van de country & western-stijl. Op andere nummers klinkt een vleugje Steve Miller Band door, hoor je de sound van Bonnie ‘Prince’ Billy of klinkt - door de raspende stem – de echo van Tom Waits. „Verrassende namen”, vindt Deely. „Ik denk zelf bij het maken van mijn muziek veel eerder aan Jimi Hendrix, Van Halen, BB King, Lou Reed of Django Reinhardt.”

Deely is een bekende Haagse straatmuzikant. In 2004 speelde hij op het Binnenhof samen met het Residentieorkest een nummer van Neil Young. Hij heeft een fanpagina op Hyves en er is zelfs een wikipedia-pagina aan hem gewijd. Hij wordt regelmatig uitgenodigd om een paar nummers te spelen op feestjes bij VROM, vertelt hij. „En ik heb ook gespeeld bij het afscheid van een minister, een vrouw die over de wijken ging. Hoe heet ze ook weer?” Ella Vogelaar? „Ja die. Dank je wel, zei ze, toen ik gespeeld had.”

CD: Chuck Deely, Street Vision, 10 euro, te koop bij de artiest, dagelijks tegenover de hoofdingang van het ministerie van VROM