Studeren is straks voor de rijken

Deeltijdstudenten van de Hogeschool van Amsterdam ontvingen een brief dat hun collegegeld per direct met 38 procent wordt verhoogd. Afgezien van lokale berichtgeving was er geen ophef over hun situatie. Geen Kamervragen en de consumentenprogramma`s bleven stil.

Deeltijdstudenten hebben als eerste studenten in Nederland te maken met het systeem van instellingscollegegeld. Dit systeem houdt in dat de overheid de financiering voor universiteiten en hogescholen stopzet, en dat de universiteit of hogeschool alle kosten mag gaan verhalen op de student. Om het nog erger te maken: ze mogen het verschuldigde collegegeld per jaar vaststellen, terwijl studenten over het algemeen niet één, maar vier tot zes jaar studeren. De student heeft na twee jaar geen mogelijkheid meer tot overstappen naar een goedkopere onderwijsinstelling en wordt gedwongen de prijsverhoging te accepteren.

Langzaam wordt het systeem van instellingscollegegeld uitgebreid naar meer studenten dan alleen deeltijders. In juni nam de Tweede Kamer een wet aan, waardoor hogescholen en universiteiten voor de tweede studie van de student zelf kunnen bepalen hoe veel collegegeld ze vragen.

Het kabinet onderzoekt zelfs de mogelijkheden om het systeem waar de HvA studenten de dupe van werden voor alle universitaire masterstudenten te introduceren. Door het vrijgeven van het collegegeld en door het ontzeggen van goede financiering voor de instellingen brengt het kabinet de toegankelijkheid van het hoger onderwijs in gevaar.

Met instellingscollegegeld neemt de sociale mobiliteit af en worden mensen gevangen in de sociaal-economische omstandigheden van hun ouders. In Nederland wordt straks een dubbeltje steeds minder vaak een kwartje en is studeren weer voor de rijken.