Lockerbie-Libiër is na Schotse cel weer thuis

Schotland liet gisteren de zieke Abdel Basset al-Megrahi vrij, die voor de aanslag boven Lockerbie tot levenslang was veroordeeld. Libië acht hem onschuldig.

In weerwil van Amerikaanse en Britse waarschuwingen heeft Libië Abdel Basset al-Megrahi gisteren een heldenwelkom bereid. Hij werd in 2001 tot levenslang veroordeeld wegens betrokkenheid bij de aanslag op een Amerikaans passagiersvliegtuig boven het Schotse Lockerbie in 1988. De Schotse minister van Justitie, Kenny MacAskill, zei eerder op de dag dat het Schotse rechtsgevoel om genade te tonen hem had bewogen tot de vrijlating, al had Megrahi geen mededogen getoond met de 270 doden van ‘Lockerbie’. Megrahi (57) lijdt volgens zijn artsen aan terminale prostaatkanker.

De Britse minister van Buitenlandse Zaken, David Miliband, was vanochtend „zeer verbijsterd en diep bedroefd” over het welkom in Tripoli, met honderden jonge mannen met Libische en Schotse vlaggen en patriottische muziek op de achtergrond.

Megrahi herhaalde gisteren in een door zijn advocaat voorgelezen verklaring onschuldig te zijn en noemde zijn veroordeling door een Schotse rechtbank in Kamp Zeist „een schande”. Seif al-Islam al-Gaddafi, een zoon van de Libische leider, hamerde ook op dat thema toen hij Megrahi kwam ophalen.

„Ik denk dat het ontstellend, weerzinwekkend en zo walgelijk is dat ik er nauwelijks woorden voor kan vinden”, zei Susan Cohen uit New Jersey, wier 20-jarige dochter Theodora bij de aanslag omkwam. „Dit is geen humanitaire maatregel”, zei ze tegen het persbureau AP. „Dit is onderdeel van geef-Gaddafi-wat-hij-wil-zodat-we-de-olie-kunnen-hebben.”

Cohen was niet de enige die sprak van een olie-deal. De Britse oliemaatschappij BP sloot al in 2007 een miljoenencontract met Libië, na twee bezoeken van de toenmalige Britse premier Tony Blair aan Gaddafi toen hij na de regeling van de Lockerbie-zaak weer in de gratie was. BP sprak deze week krantenberichten tegen dat Megrahi’s vrijlating zijn activiteit in Libië zou vergemakkelijken: er waren geen problemen. Maar een in Tripoli gevestigde analist, professor Mustafa Fetouri, zei tegen Reuters dat de vrijlating „zeker een positief effect” zal hebben voor Britse bedrijven.

In Groot-Brittannië vinden Megrahi’s betuigingen van zijn onschuld echter wel weerklank. De Britse arts Jim Swire, wiens dochter Flora omkwam bij de aanslag, zei gisteren tegen de BBC „geen moment te geloven dat deze man erbij betrokken was op de manier waarop hij [door de rechtbank] betrokken werd geacht”.

Critici van het vonnis baseren zich op het besluit van een onafhankelijke Schotse justitiële commissie. Die stond in 2007 Megrahi toe ten tweeden male in hoger beroep te gaan wegens de mogelijkheid van een gerechtelijke dwaling. De commissie kwam na een onderzoek van drie jaar met een rapport waarin ze zes voorbeelden had geïdentificeerd die daarop wezen. Een daarvan was de betrouwbaarheid van de eigenaar van een winkel in Malta waar Megrahi kleren zou hebben gekocht die in een koffer in het vliegtuig om de bom waren gewikkeld.

Megrahi heeft zijn beroep, dat nog steeds liep, vorige week ingetrokken om zijn vrijlating volgens de Schotse wet mogelijk te maken.

Communiqué Schotse commissie op nrc.nl/buitenland