Holbrooke in gesprek met extremisten

Het Amerikaanse beleid in Pakistan begint vorm te krijgen. Praten met vrienden van de Talibaan, maar ook af en toe militair hard toeslaan.

Amerikaans diplomaat Richard Holbrooke, in 1995 architect van het Dayton-vredesakkoord voor Bosnië, begint zijn stempel te drukken op Pakistan. Deze week was hij voor de vijfde keer op bezoek in het land, sinds zijn aantreden begin dit jaar als speciaal gezant voor Pakistan en Afghanistan.

Ditmaal zette hij een delicate en cruciale stap. In Islamabad ontmoette hij niet alleen president Zardari, hij nam ook uitgebreid de tijd voor gesprekken met de leiders van extreem-fundamentalistische moslimgroeperingen, eensgezind in hun sympathie voor Talibaan en Al-Qaeda en in hun felle antipathie jegens Amerika.

De ontmoetingen, maandag met Maulana Fazlur Rehman, leider van de Jamiat Ulema-e-Islam partij, en dinsdag met Liaqat Baloch, leider van de Jamaat-i-Islami partij, illustreren de bravoure waarmee Holbrooke (68) zijn diplomatieke handwerk verricht. En de gesprekken onderstrepen het tweesporenbeleid dat de VS onder president Obama willen volgen in Pakistan en Afghanistan: praten met iedereen die wil praten, militair hard toeslaan als dat geboden is om de vijand uit te schakelen.

Ter herinnering aan dat laatste: vanochtend werd bekend dat in Noord-Waziristan, in het Pakistaanse grensgebied met Afghanistan, opnieuw zeker negen dorpelingen zijn gedood bij een raketaanval, uitgevoerd met een onbemand vliegtuig. In het getroffen dorp zouden zich aanhangers van de Afghaanse Talibaan-leider Jalaluddin Haqqani ophouden. Twee weken geleden oogstten de VS hun grootste succes tot dusver met hun zogeheten drone-aanvallen. Toen liet Baitullah Mehsud, de leider van de Pakistaanse Talibaan, naar aangenomen wordt het leven.

De aanval van vanochtend lijkt een verrassing, daags na de gesprekken deze week, maar is het niet. Holbrooke noemde zijn onderhoud met Baloch „het langste intellectuele debat dat ik ooit had in dit land”. Of hij daarmee iets wilde zeggen over president Zar-dari is onduidelijk. Wel duidelijk is dat van beide zijden in de gesprekken geen enkel misverstand is blijven hangen over elkaars bedoelingen en de hartgrondige meningsverschillen. De moslimleiders brachten hun afkeer over de Amerikaanse aanwezigheid in Pakistan en de luchtaanvallen onder woorden, Holbrooke zei dat ze gewoon doorgingen.

De VS hopen dat persoonlijke ontmoetingen zullen bijdragen aan een doorbraak. Maar deze strategie is in Pakistan en in Afghanistan uiterst riskant, waarschuwen sceptici. „Hoe vaker Amerikaanse diplomaten extremisten ontmoeten, des te belangrijker die worden gemaakt, ongeacht de uitkomst van de gesprekken”, schrijft The Washington Times. „De grote verliezers zijn de Pakistaanse liberalen.”

Dat is niet wat Holbrooke voor ogen heeft. In Pakistan prees hij ook het optreden van het Pakistaanse leger tegen de Talibaan in de Swat-vallei. Door de Talibaan daar te verdrijven en met de dood van Mehsud komt er langzamerhand ruimte om te beginnen aan economische wederopbouw van Pakistan, zei hij. Ook daar willen de VS hun stempel op drukken.

Kaart Pakistaanse Talibaan: nrc.nl/pakistan