De muzikale zigeuners van Lowlands

Buraka Som Sistema mengt harde techno en dubstep met wereldmuziekstijlen, zoals de Afrikaanse kuduro-sound.

Zondag staat de Angolees-Portugese band op Lowlands.

Dansmuziek waar je stevige billen van krijgt, dat wil Buraka Som Sistema maken. Hun electrofunk is geënt op kuduro (‘harde kont’), de swingende muziekstijl uit de getto’s van de Angolese hoofdstad Luanda. Deejays Lil’ John en Riot, producer Conductor en rapper MC Kalaf mengen snoeiharde dance met Kuduro en andere wereldmuziekstijlen. De Portugese hoofdstad Lissabon is hun uitvalsbasis. Ze behoren er tot de Afrikaanse gemeenschap, nadat hun ouders of zijzelf om politieke of economische redenen uit Angola vertrokken. In Lissabon leiden ze het bestaan van muzikale zigeuners: ontheemd en altijd op zoek naar een nieuwe horizon. Als producers bewegen ze zich in een sfeer van techno, dubstep en baile funk. M.I.A., de Britse rapster met roots in Sri Lanka, doet mee op hun debuut Black Diamond.

„Bij Afrikaanse muziek wordt meestal het clichébeeld tevoorschijn gehaald van een oude man met een gitaar onder een boom”, zegt de spil van de band DJ Conductor (Andro Carvalho). „Dat beeld is volkomen achterhaald. In Angola heb je net zo goed jonge muzikanten met laptops, die via internet in verbinding staan met hippe stromingen uit de hele wereld. Kuduro is een relatief nieuwe muziekstijl die begin jaren negentig ontstond, toen jonge Angolezen hun eigen vorm van techno begonnen te maken. Automatisch kropen daar Afrikaanse invloeden in, met name percussieritmes en gitaren die gesampled werden. Door die warme ritmes zijn er opvallende overeenkomsten met Zuid-Amerikaanse samba.”

Conductor ontvluchtte Angola toen hij betrokken dreigde te raken bij de burgeroorlog, die woedde sinds het land in 1975 onafhankelijk werd van Portugal. Na de officiële beëindiging van de oorlog in 1995 bleven de naweeën nog zeker tien jaar voelbaar. „Ik wilde geen soldaat worden, maar muzikant. Dat werd niet toegestaan in Angola. Op mijn veertiende was ik al twee keer gearresteerd, omdat ze me groot genoeg vonden om militair te worden. Mijn moeder moedigde me aan om te vluchten. Ze zag me liever levend in het buitenland dan dood in haar achtertuin.”

In Lissabon maakt hij muziek waarin Afrikaanse en Europese invloeden samenkomen. „Ik kende Lil’ John en Riot als club-djs, van de harde funk die ze draaiden. Toen we zelf muziek gingen produceren, lag het voor de hand dat er kuduro in door zou klinken. Onze roots liggen in Angola, maar onze demo’s klonken meteen heel internationaal. M.I.A. hoorde ons nummer ‘Sound of Kuduro’ en belde ons meteen dat wilde samenwerken. Haar zangpartij heeft ze in een studio in Londen aan onze track toegevoegd. Pas later ontmoetten we haar in het echt.”

Muzikale grenzen bestaan niet meer sinds de opkomst van internet, onderstreept Conductor. „Kids in Angola horen de nieuwste tracks uit Engeland net zo snel als kids in Amsterdam. Muzikanten in Portugal zitten niet meer in een geografisch isolement, maar maken deel uit van een internationaal netwerk. In ons korte bestaan zijn wij al in Japan geweest, en in Amerika. Dankzij internet gaat goede nieuwe muziek als een lopend vuurtje de wereld rond. Onze muziek klinkt veel mensen op het eerste gehoor vreemd in de oren. Djs draaien het niet vaak, omdat ze vinden dat het niet in hun set past. Daarom moeten we zelf naar al die landen toe om er ruchtbaarheid aan te geven. Ons album heet Black Diamond omdat het een zeldzaam geluid bevat dat van grote waarde is.”

Popmuziek is geen plek om politiek te bedrijven, vindt Conductor. Wel hebben ze zich ingespannen om verschillende Angolese rappers in te schakelen voor gastrollen op hun album: Znobia, Kano, Saborosa en Puto Prata. „Die MC’s hebben het over hun dagelijkse problemen: hoe corrupt het land is en hoe moeilijk ze het hebben om rond te komen. Maar wij hebben onze muziek, zeggen ze erbij, wij overleven het wel. Hun leefomgeving is niet drastisch anders dan die van andere grote steden in de rest van de wereld. Als het over Afrika gaat, denken veel mensen meteen aan olifanten en de jungle. Maar Angola heeft evengoed steden waar het wemelt van de auto’s, blik en beton. Onze muziek is urban, niet per definitie Afrikaans.”

Een nieuw en fris geluid is wat Buraka Som Sistema nastreeft. „In Lissabon bestaat geen bloeiende clubscene, behalve wanneer je naar fado of coverbands wilt luisteren. Voor elektronische muziek is er nauwelijks een podium. We voelen ons rebellen, zigeuners. Gelukkig wordt onze muziek in de rest van de wereld beter opgepikt. Door kids met laptops die alle spannende muziek downloaden waar ze de hand op kunnen leggen. Een prima ontwikkeling, vind ik dat. In essentie ben ik ook nog altijd zo’n jochie met een laptop.”

Buraka Som Sistema speelt zaterdag in de Bravo-tent, 17.45 - 18.45 uur