de container

Nicolien Scheerman, 24 jaar, studeert klinische ontwikkelingspychologie. Woont vier jaar in een container.

Paars!

„Ja, ik vond het een mooie kleur en het oorspronkelijke wit vond ik nogal kaal. De kleur is wel vrij overheersend en ik was bang dat ik er snel op zou zijn uitgekeken, maar het is ook maar een tijdelijke woning. Daarna heb ik wat dingen in dezelfde kleur erbij gekocht, zoals de lamp en het dekbed.”

En die groene kikker?

„Die is van mijn buurmeisje geweest. Zij is een jaar geleden overleden en toen hebben haar ouders de gieter aan mij gegeven, als een soort aandenken aan haar.”

Heb je veel contact met de andere bewoners?

„Vooral met de eerste lichting zoals wij dat noemen, de bewoners die al vanaf het begin hier wonen. We gingen toen allemaal voor het eerst op kamers in Amsterdam, en bij het klussen klopten we bij elkaar aan voor een hamer of ander gereedschap. Ook hielden we af en toe een feestje. De meesten zijn inmiddels wel afgestudeerd en hebben een andere woonruimte gevonden. Met de nieuwe mensen heb ik niet zoveel contact.”

Hoeveel geld heb je uitgegeven aan de inrichting van je kamer?

„Dat zou ik niet kunnen zeggen. Ik heb heel veel gekregen. Het bed en de kastjes zijn van mijn ouders, de bank komt van mijn tante.”

Ben je er vaak?

„Ik ben nu bezig met mijn scriptie en daarom dus vrij veel thuis. Als ik afgestudeerd ben moet ik binnen een half jaar verhuizen, want we hebben een campuscontract. Ik heb nooit gezocht naar een andere woning.”

Marjolein Kooyman

Om het groeiend tekort aan studentenwoningen op te lossen verbouwen woningbouwcorporaties zeecontainers tot woonruimten. In deze serie worden bewoners van de containerwoningen geïnterviewd.