Bouwleges lopen fors uiteen

Wie een dakkapel wil bouwen in Leiden, betaalt 34,88 euro voor de vergunning. Wie in Zundert een dergelijke vergunning nodig heeft, betaalt ruim 18 keer zoveel: 638,40 euro. Dat blijkt uit een vandaag gepubliceerd onderzoek van de Vereniging Eigen Huis (VEH).

Volgens de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) hebben de grote verschillen te maken met de beleidsvrijheid die gemeenten hebben bij het vaststellen van de tarieven. Arjen Konijnenberg van de VNG stelt dat in sommige gemeenten niet alle kosten worden doorberekend in de leges, maar uit de algemene middelen worden gefinancierd. „In andere gemeenten wordt er juist voor gekozen om alleen de gebruiker, degene die de vergunning aanvraagt, te laten betalen.”

Tom van Middelaar van de VEH heeft daar vraagtekens bij. „Dat zou best kunnen, maar ook verschillen in efficiency spelen een rol.” De VEH wil dat er een einde komt aan de ondoorzichtige rekenmethodes en pleit voor een uniform rekenmodel. De VNG is daarmee bezig en verwacht dit in het najaar rond te hebben. Gemeenten zijn echter niet verplicht het VNG-model te gebruiken.

In het verlengde van de discussie ligt de vrees van VEH dat door de recessie gemeenten de prijzen van de leges zullen verhogen. Konijnenberg van de VNG: „Dat wordt elk jaar gezegd en dat blijkt nooit te kloppen.”

Lees het onderzoek over bouwleges via veh.nl