Bolt ook op 200 m naar zege in wereldrecordtijd

De Jamaicaanse sprinter Usain Bolt is gisteravond, een dag voor zijn 23ste verjaardag, in het Olympiastadion van Berlijn ook wereldkampioen op de 200 meter geworden. Na de 100 meter van zondag verbeterde hij opnieuw het wereldrecord, met elfhonderdste seconde. Bolt scherpte zijn eigen record van 19,30 seconden aan tot 19,19.

Bolt is de overtreffende trap van sprinten. Of hij zich nu meldt bij de Olympische Spelen of de wereldkampioenschappen, hij schudt schijnbaar achteloos supertijden uit zijn mouw. Het gebeurde een jaar geleden in Peking en iedereen met verstand van sprinten sprak van een wonder. Sneller was menselijkerwijs onmogelijk. Maar met Bolt is alles mogelijk, ook het onmogelijke.

Toen de Amerikaanse oud-atleet Michael Johnson gistermiddag werd gevraagd of hij Bolt in staat achtte het wereldrecord op de 200 meter te verbeteren, reageerde hij terughoudend. Hij zou het kunnen, zei de oud-atleet die begin en midden jaren negentig de 200 en 400 meter domineerde. Maar of hij zou slagen? Johnson had zijn twijfels, omdat hij de tijd van 19,30 wel erg scherp vond.

De werkelijkheid ontsteeg de scepsis van een groot kampioen, want Bolt liep met grote passen schijnbaar achteloos naar 19,19 seconden.

Johnson werd ook gevraagd of Bolt diens wereldrecord van 43,18 seconden op de 400 meter zou kunnen verbeteren. Het blijft een hypothese, omdat de Jamaicaan geen plannen heeft die afstand erbij te doen, maar Johnson is er zeker van dat Bolt ook op de 400 meter kan uitblinken. „Hij zal er enige wedstrijden voor nodig hebben, want de 400 meter is moeilijker dan de sprintnummers en moet je leren lopen. Maar een man met de kwaliteiten van Bolt is ertoe in staat.”

Als Bolt zo doorgaat, worden records relatief. Maar de Jamaicaan overschreed gisteravond nog een grens. Hij is de eerste sprinter die zowel bij de Olympische Spelen als de wereldkampioenschappen de 100 en 200 meter in wereldrecordtijden won.