Activist Bono had beter moeten weten

Sommige tijdschriften roepen iedere week de winnaar en de verliezer van de week uit. In het CS doen we dat niet zo gauw, maar anders was U2-zanger Bono zeker aangewezen als verliezer van de week.

Wat is er gebeurd? Eerst verhinderde een groep milieuactivisten en bewoners het vertrek van tientallen vrachtwagens met apparatuur uit Dublin, thuishaven van de band, waar U2 was in het kader van hun huidige tournee. Een bevlogen milieuactivist als Bono zou minder CO2 de lucht in moeten stoten, luidde de kritiek.

Daarna mengde de voormalig voorman van The Talking Heads, David Byrne, zich in de discussie. Op zijn weblog hekelde hij de excessieve kosten van U2’s wereldtour – alleen al een geschatte veertig miljoen dollar om steeds het podium op te bouwen. Byrne: „Dat is toch een klein beetje uit balans met alle mensen die in Afrika sterven en zo.” Een bevlogen Afrika-activist als Bono zou zijn geld beter moeten besteden, wilde hij maar zeggen.

En nu bedreigt de zanger ook nog de fragiele verhoudingen in Bosnië, nadat hij tijdens een concert in Kroatië heeft gezegd dat zijn Bosnische paspoort „een van mijn dierbaarste bezittingen” is. De zanger kreeg het Bosnische staatsburgerschap in 1997 uit handen van president Alija Izetbegovic, na afloop van het concert dat U2 in Sarajevo gaf. Het was een blijk van dank voor Bono’s inspanningen voor Sarajevo tijdens de belegering van de Bosnische hoofdstad (1992 -1995). Zo toonde U2 tijdens hun concerten via een satelliet beelden van de belaagde stad en zijn inwoners.

Bono heeft altijd gezegd zich verbonden te voelen met Bosnië vanwege zijn Ierse achtergrond. Immers, ook hij komt uit een land dat lange tijd door etnische en religieuze conflicten was verscheurd.

Die uitleg maakt zijn handelswijze nog onbegrijpelijker. Bosnië kent drie bevolkingsgroepen: Bosnische moslims, Bosnische Kroaten en Bosnische Serviërs. Veertien jaar na de oorlog wonen zij nog vaak gescheiden in hun eigen gebied. Bono heeft zich altijd alleen voor de Bosnische moslims ingespannen. Naar het concert in 1997 in Sarajevo kwamen alleen moslims. Bovendien ontving hij zijn paspoort uit handen van Izetbegovic, president van de Bosnische moslims in oorlogstijd. Kroaten en Serviërs beschouwen hem als een oorlogsmisdadiger.

Dat Bono het Bosnische paspoort deze week tijdens een concert in de Kroatische hoofdstad een van zijn dierbaarste bezittingen noemt, getuigt van weinig inlevingsvermogen en van nog minder besef van de precaire verhoudingen. En het komt het fragiele verzoeningsproces zeker niet ten goede.

Bosnische Kroaten en Serviërs willen nu Bono’s paspoort intrekken. Een wet maakt dat mogelijk. Die wet is voornamelijk gericht tegen buitenlandse islamitische strijders die tijdens de oorlog naast de moslims vochten en na de oorlog een paspoort kregen. Maar Bono staat niet boven de wet, verklaarde minister Srdoje Novic van Binnenlandse Zaken, een Bosnische Serviër, afgelopen week. „We maken geen uitzonderingen, ook niet voor Bono Vox.”

Zo staat Bono plotseling tussen gedegradeerde jihadstrijders – tot vermaak van Kroaten en Serviërs. Een bevlogen vredesactivist had beter moeten weten.