IRA is een straatbende, Britten zijn een stel sukkels

Scene uit de film Fifty Dead Men Walking (2009) Foto: LOC Filmdistribution

Fifty Dead Men Walking.

Regie: Kari Skogland. * * Met: Ben Kingsley, Jim Sturgess.

Jim Sturgess is een van de leukste nieuwe Britse acteurs. Vorig jaar was hij te zien in de verrassingshit 21 waarin hij onder aanvoering van Kevin Spacey een plot beraamde om het casino op te lichten. Nu mag hij lekker nozemachtig met druipsnor in een leren jekkie in een andersoortig diefje-met-verlosdrama optreden. Dat de achtergrond van Fifty Dead Men Walking doodserieus het hoogtepunt van de Noord-Ierse burgeroorlog in de jaren tachtig is, doet er bijna niet toe.

Sturgess speelt Martin McGartland (op wiens gelijknamige boek de film is gebaseerd, maar die zich er na het zien van het eindresultaat met veel rumoer van distantieerde). Deze kruimeldief en straatschuimer werkte zich eind jaren tachtig op tot zowel verklikker van de Britten als topkiller binnen de IRA.

Dat is natuurlijk een mooi klassiek verhaal over idealen en verraad. Maar de Canadese regisseur Kari Skogland die het tot film bewerkte, lijkt het niet zoveel te kunnen schelen of ze het over de maffia, een verzetsgroep of een terroristische cel heeft. Laat staan dat het ertoe doet of de gebeurtenissen in de film waargebeurd zijn of niet.

Fifty Dead Men Walking is een slordige thriller. Eentje die een wel erg groot beroep doet op de welwillendheid van de toeschouwer om te geloven dat het allemaal zo makkelijk ging, dat Ierse opstandelingen en Britse infiltranten elkaar doorlopend konden ontmoeten in het Belfast van 1988.

McGartlands kwade genius Fergus wordt gespeeld door Ben Kingsley die altijd goed is en er tegelijkertijd in slaagt om een parodie op zichzelf neer te zetten. En zo wordt alles na verloop van tijd geridiculiseerd. Politiek, geschiedenis, who cares? De IRA verwordt tot straatbende, het Engelse leger tot een stelletje sukkels. Alleen in liegen en bedriegen zijn ze beiden even goed.

In de woorden van Skogland moest haar film namelijk een „menselijk verhaal” worden.

Dana Linssen