Inval van politie in A'dam was 'overdreven'

De grootscheepse politie-inval in een café in Amsterdam Zuidoost in 2007 deugde niet. De omvang en de aard van het politieoptreden stonden in geen verhouding tot het doel van de actie, namelijk het opsporen van illegalen en fraude.

Dit concludeert de Nationale ombudsman, Alex Brenninkmeijer, in een vanmorgen verschenen rapport. Het merendeel van de cafébezoekers ondervond volgens hem onnodig hinder van de inval. Uiteindelijk is er ook niemand strafrechtelijk vervolgd.

De politie viel het Grand Café Het Vervolg binnen in de nacht van 15 op 16 juni 2007 tijdens een Afrikaans feest. Bij de actie, die zo’n vier uur in beslag nam, waren ongeveer tachtig politieambtenaren betrokken. Politie verwachtte illegalen aan te treffen en mensen die zich bezighielden met criminele activiteiten zoals internetfraude. Van de 220 bezoekers bleken 35 inderdaad illegaal te zijn. De belangenorganisatie All Included klaagde vervolgens bij de Nationale ombudsman.

Volgens de ombudsman stond de politie-inval in geen verhouding tot de gevolgen voor de cafébezoekers. De komst van tientallen agenten verstoorde hun feest en mensen werden enige tijd opgesloten in het café. De controle op illegaliteit had bijvoorbeeld ook bij de uitgang van het café kunnen gebeuren, vindt de ombudsman.

Daar komt bij dat de politie-inval niet plaats had op basis van het strafrecht, maar van de Vreemdelingenwet. De Vreemdelingenwet regelt bevoegdheden rond toezicht en controle op vreemdelingen. De ombudsman vindt het een zorgelijke ontwikkeling dat de Vreemdelingenwet wordt ingezet als het strafrecht geen oplossing biedt. Er is niet gebleken dat de opgepakte illegalen ook betrokken waren bij de internetfraude.

De uitvoering van de actie is wel behoorlijk verlopen. Bij de inval is meteen informatie uitgedeeld aan de bezoekers. Mensen die geen identiteitspapieren bij zich hadden, kregen de gelegenheid om familie of vrienden te bellen. Het transport voor arrestanten was goed geregeld.