Een Vlaamse met een Jamaicaanse ziel

Een jaar geleden studeerde ze nog psychologie, nu werkt Selah Sue met grote internationale producers. „Ragga is voor mij zo natuurlijk geworden, ik zou het niet willen missen.”

Blank als porselein is ze. Ernstige, metaalblauwe ogen. In het open raam van haar studentenhuis in Leuven vormt het zonlicht een witte krans om haar blonde hoofd. Maar dit popje heeft een zwarte stem; krachtig, hees, rauw, vibrerend. Ze rapt, scat en spuugt woorden in een lui, Afrikaans aandoend Engels. Een Vlaamse met een Jamaicaanse ziel, dat is Sanne Putseys (20) – beter bekend als Selah Sue. ‘White girl, rhymes like a Jamaican’, staat er al bij een YouTube-post.

Putseys luisterde veel naar reggae en ragga op de middelbare school. Nu is ragga een onmisbaar element in haar repertoire, naast soul, hiphop, en rustiger werk. Ze schreef twee eigen ragganummers: Raggamuffin en Fyah Fyah; hits op YouTube en MySpace. Putseys: „Ragga is voor mij zo natuurlijk gaan voelen, ik zou het nooit meer willen missen.”

Naast een Jamaicaanse ziel heeft de zangeres een chaotische geest. „Wordt dit een lang interview? Waar is het eigenlijk voor?” Ze draagt slippers onder een strakke zwarte jurk met witte polkadots en heeft haar haar slordig opgestoken. Haar studentenkamer, krap twintig vierkante meter, is niet voorbereid op bezoek. Het groene dekbed rommelig beslapen, ondergoed op de grond. Een bord met ketchupresten in de kast, halflege flessen rode wijn en cola op de schouw. „Ja, mijn vriend en ik zijn allebei nogal slordig. Maar nu hebben we pas schoongemaakt.” Ze staat weliswaar op Lowlands, maar wil van haar bezoek weten wat voor festival dat eigenlijk is. Groter dan Pinkpop? Echt? Wow.

Het is snel gegaan met Selah Sue. Anderhalf jaar geleden studeerde ze nog psychologie. Ze zong een keer twee liedjes op een openmic-avond in Muziekcentrum Het Depot in Leuven. Daar werd ze gezien door zanger Milow, en hup, nu vliegt ze de wereld over om te onderhandelen met producers als Dr. Luke, Sly en Robbie, Farhot en Wyclef Jean.

Die aandacht maakt haar niet onzeker. „Integendeel: ik ben nog nooit zo gelukkig geweest. Nu kan ik doen wat ik echt wil. Vorig jaar was ik nog een doelloze psychologiestudent. Nu heeft opeens alles zin: ik werk elke dag aan mijn debuutalbum, en wil er het allerbeste album denkbaar van maken. Ik wil dat het een kunstwerk wordt.”

Origineel is het in elk geval, de jonge Vlaamse die doorleefde ragga zingt. Zelfs als ze het kort voordoet op slippers in haar meisjeskamer komt het volstrekt geloofwaardig over. Ze zet haar mond wijd open, en beweegt lippen en tong snel en nadrukkelijk – haar hele gezicht beweegt mee. De heesheid en het donkere timbre heeft ze van zichzelf, de expressieve techniek leidt tot de juiste hoekigheid. Ook het tempo en het accent kloppen. Wonderlijk.

Putseys: „Toen ik klein was, kon ik al goed accenten imiteren. Op de middelbare school deden mijn broer en zijn vrienden vaak die raggastijl na, en dat wilde ik toen natuurlijk ook.” Op haar twaalfde nam ze klassiekegitaarles, op haar vijftiende stopte ze daarmee. „Alleen klassiek repertoire studeren was niks voor mij. Ik wilde zelf schrijven, en erbij zingen.”

Diverse partijen toonden al interesse in de zangeres. Maar Putseys knokt hard voor behoud van haar stijl. „Ik wil een uniek geluid. Ja, ik heb een keer Valerie van Amy Winehouse gezongen, omdat ik dat een lekker lied vind. Maar ik wil zeker geen lookalike zijn.”

Haar eigenzinnigheid kostte haar een contract bij Universal, verkennende gesprekken met producer Dr. Luke brak ze af. „Ja, die mensen zeggen wel dat je je eigen stijl mag behouden, maar ondertussen moet wat je maakt geschikt zijn voor een groot publiek. Ik weet hoe dat klinkt, en dat wil ik niet.” Natuurlijk, Wyclef is ook commercieel, erkent ze. „Maar als het commercieel is zoals The Miseducation of Lauryn Hill: succesvol, maar ook steengoed, dan mag het.” Putseys noemt Hill als de belangrijkste invloed op haar zangstijl; het hortende, stotende, de langgerekte lettergrepen uitgestrooid over de melodie. Ja, dat wil ze wel even voordoen. „Supposed to be-ie-ieee”, stottert ze hees, met veel lucht tussen de klanken.

Schrijven kun je zo’n zanglijn niet, zegt Putseys. Als ze bezig is aan een nieuw liedje, neemt ze elk experiment op. Al improviserend ontstaan de beste dingen. „Ik zou heel graag ook op het podium improviseren, maar dat kan nu niet, omdat ik meestal mezelf begeleid op gitaar. Ik kan eigenlijk niet zo goed gitaar spelen, dus nu zit ik steeds vast aan die paar akkoorden. Dat ben ik behoorlijk beu.”

De ergernis over haar ‘handicap’ de gitaar komt vaker terug in het gesprek. Het hindert haar, ze wil sneller vooruit. „Ik verveel me snel. Bovendien kan ik veel meer met mijn stem. Als iemand nu de gitaar van me overneemt, kan ik me op mijn stem concentreren.”

Dat proces is in ontwikkeling. Putseys vond artistiek onderdak bij het Franse label Because Music, dat samenwerking met diverse producers regelt. De zangeres krijgt nu bijvoorbeeld beats toegestuurd van de Franse producer Farhot. Putseys zingt daar overheen, en neemt dat op op haar laptop. „Farhot heeft al het een en ander teruggeluisterd en hij vond het geweldig. Nu heb ik hem mijn kale vocalen gestuurd, zodat hij er meer beats bij kan maken.”

Het nummer Ass is een eerste vrucht van hun samenwerking. Echt Afro-Amerikaans klinkt het, in een strakke Europese productie. Tussen zweepslagen van beats schieten gitaarriffs als elastiek heen en weer. Putseys wendbare stem gaat ertegenin, eroverheen, eronderdoor. Het resultaat is volstrekt onvergelijkbaar met haar eerdere werk. „Ik wil dat graag, die variatie. Maar oudere liedjes krijgen ook een plek op de plaat hoor. Ik moet alleen nog even goed uitzoeken wat de rode draad wordt.”

De ‘nieuwe’ koers veroorzaakt nog een probleem: de tekst. Putseys: „Ik kan op zulke beats onmogelijk zingen over gevoelens, het moet nu over coole dingen gaan. Maar ik vind lastig om die te verzinnen, mede omdat mijn Engelse woordenschat niet zo groot is. Daar helpt mijn zus me nu bij, die heeft Engels gestudeerd.”

Een oplossing is het enkel zingen van klanken, zoals ze in Ass doet. „Daar zeg ik echt helemaal niets. Och, weet je wat het is? Toen ik nog zo zoekend was schreef ik altijd daarover. Maar dit jaar is alles zo goed gegaan, dat ik die twijfels niet meer heb. Ik ben nu gewoon té gelukkig.”

Selah Sue staat vrijdag op Lowlands. Bekijk een filmpje op www.nrc.nl/kunst