Aanslagen in Irak eisen 95 levens

Een serie bomexplosies en mortieraanvallen heeft gisteren in de Iraakse hoofdstad Bagdad aan zeker 95 mensen het leven gekost. Ruim 650 mensen raakten gewond. Het was de dodelijkste aanslag in Irak sinds februari 2008.

Als eerste ontplofte een met explosieven volgeladen vrachtwagen bij het ministerie van Financiën. Vervolgens explodeerde een autobom bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, vlakbij de zwaar beveiligde Groene Zone. Daarop volgden nog vijf andere explosies en mortieraanvallen op de Groene Zone, waar onder andere de Amerikaanse ambassade is gevestigd. De zwaarste van de waarschijnlijk gecoördineerde aanslagen was die bij het ministerie van Buitenlandse Zaken.

Wie verantwoordelijk is voor de aanslagen van gisteren is niet duidelijk. Al-Qaeda-in-Irak wordt verantwoordelijk geacht voor de meeste aanslagen die dagelijks plaatsvinden in met name Bagdad en het gebied bij de Noord-Iraakse stad Mosul. Veel Irakezen maken zich ongerust over het vertrek van de Amerikaanse gevechtstroepen uit de Iraakse steden. Zij hebben minder vertrouwen in de Iraakse veiligheidsdiensten, die sinds 1 juli verantwoordelijk zijn voor de veiligheid.

Toch was het aantal doden bij aanslagen en moorden (volgens persbureau AP 530 sinds 30 juni) tot gisteren ongeveer gelijk aan voorgaande maanden, die als rustig golden in vergelijking met 2006 en 2007. Doelwit vormden in het algemeen slecht bewaakte plaatsen waar zich veel mensen zich verzamelen, zoals markten en afgelegen dorpen.

De bomexplosies gisteren in Bagdad waren anders, omdat de explosieven ontploften in een buurt die veilig werd geacht. Het vertrouwen in de Iraakse veiligheidsdiensten lijkt daarmee een zware klap te hebben gekregen.

Zelfs de veiligheidswoordvoerder voor Bagdad legde gisteren de schuld bij leger en politie. „Uit deze operatie blijkt achteloosheid [...] waarvoor de Iraakse troepen het grootste deel van de verantwoordelijkheid moeten dragen”, zei Qassim al-Moussawi op de staatszender Al-Iraqiya. (AP, AFP)