Ziek zijn in Amerika

De gezondheidszorg ingrijpend hervormen is voor iedere politicus de meesterproef. Ook in Amerika. President Obama is nu bezig zich daarin te verslikken.

Zijn belofte om het zorgstelsel te hervormen is een hoeksteen van zijn beleid. Sociaal is het onhoudbaar dat ruim 15 procent van de Amerikanen onverzekerd rondloopt. Financieel wordt het systeem ook onbeheersbaar. De afgelopen twee decennia zijn de zorguitgaven gestegen van 8 naar 16 procent van het bruto binnenlands product. En het einde is door de vergrijzing niet in zicht. Vanaf volgend jaar gaat ook in de VS de babyboomgeneratie met pensioen. En dat raakt Medicare, de zorgverzekering voor onder anderen 65-plussers.

Het staat buiten kijf dat het systeem hervorming behoeft. Maar Obama heeft dat onhandig aangepakt. Eerst moest zijn ministerskandidaat Daschle, dossierexpert en politiek dier, wegens een belastingaffaire terugtreden. Vervolgens koos Obama voor de ‘public option’. Alleen door te ‘verstatelijken’ dacht hij de dominante positie van de verzekeringsconcerns, die tarieven, pakketten en toelating van patiënten bepalen, te kunnen doorbreken. Maar indachtig het fiasco van zijn voorganger Clinton, die begin jaren negentig met gedetailleerde concepten op de proppen kwam en sneefde, gaf hij het Congres intussen te veel ruimte bij de voorbereiding van de noodzakelijke wetgeving voor een nieuw financieringsstelsel en de ziektekosten die zouden moeten worden gedekt.

Obama verloor daardoor op twee terreinen het initiatief. Zijn belofte dat de kosten niet zouden worden afgewenteld op de middenklasse maar op de rijkste 5 procent van de bevolking, werd ook door zijn eigen kiezers niet geloofd. En in het Congres kwamen alle ideologische tegenstellingen op tafel. Ook onder de Democraten, waar een belangrijke vleugel droomt van een staatsverzekering. Republikeinen konden daarom van de gelegenheid gebruikmaken om Obama als socialist neer te zetten. Leken de culture wars uit de tijd van Clinton en Bush voorbij, in sommige town hall meetings stak de diepe kloof deze zomer de kop weer op.

Obama lijkt nu eieren voor zijn geld te kiezen. De regering denkt niet meer louter aan een staatsverzekering maar ook aan coöperatieve verzekeringen, die de federale overheid faciliteert maar door de burgers zelf worden beheerd. De Amerikaanse overheid blijft wel als een strikte marktmeester de grenzen van het particulier initiatief bewaken.

Obama laat zich inspireren door het aloude continentale Europese model met zijn coöperatieve ziekenfondsen, waarvan de sporen ook in Nederland nog steeds zichtbaar zijn. Het lijkt een realistische optie. Maar het is de vraag of het niet te laat is. De geest is uit de fles. Ook Democraten lijken niet geneigd tot zo’n compromis halverwege markt en staat. En daarmee geven ze munitie aan Republikeinse onheilsprofeten die het socialisme in Amerika zien opdoemen.

Voor het eerst sinds zijn verkiezing heeft Obama een serieus politiek probleem. Hij heeft het zelf veroorzaakt. Als hij het ook zelf oplost, is zijn presidentschap pas echt begonnen.