In New York ging het wel vaker slecht

De crisis treft ook de ‘hoofdstad van de wereld’, en dus zetten twaalf galerieën gezamenlijke fototentoonstellingen op over de stad. ‘New York Photographs’ werd een oefening in optimisme.

Bijna een jaar geleden besloten twaalf New Yorkse galeriehouders een experiment uit te voeren. Om de economische crisis het hoofd te bieden gingen ze op zoek naar hun grootste gemene deler. Wat verbond de galerieën eigenlijk? Dat bleek al snel ‘de stad’ te zijn. New York.

New York Photographs was het logische vervolg; verschillende galerieën in verschillende wijken werkten een eigen thema uit – maar de stad is altijd de rode draad. De expositie loopt de hele zomer.

Het is een indrukwekkend allegaartje geworden: ‘rauw’ beeld wordt afgewisseld met iconische foto’s van sterren en attracties. Maar boven alles is New York Photographs een oefening in optimisme. Vaker ging het slecht, een enkele keer ging het beter, is de onderliggende boodschap. En die boodschap lijkt te kloppen: ups en downs horen nu eenmaal bij New York.

Een bezoek aan vijf galerieën geeft een goed overzicht van historische breekpunten en hun relatie met de stad. Op een foto uit 1918 van een legerbasis staan de achttienduizend soldaten zo opgesteld dat ze The Human Statue of Liberty vormen. Op een foto van het echte Vrijheidsbeeld, door fotojournalist Margaret Bourke-White genomen in de moeilijkste jaren van de Grote Depressie, kijk je vanaf de sokkel recht naar boven. Het hoofd van Lady Liberty is niet eens te zien; een suggestief, krachtig beeld, dat ontzag inboezemt.

De befaamde foto van Alfred Eisenstaedt waarop een matroos op Times Square een verpleegster in zijn armen neemt en al zoenend het einde van Tweede Wereldoorlog viert, hangt zelfs in twee van de deelnemende galeries – de vraagprijs van de foto is beide keren 40.000 dollar.

Daarna volgen de – in New York – rauwe jaren zeventig, de hedonistische jaren tachtig (die beeld opleveren van een oudejaarsnacht in nachtclub Studio 54) en de extravagante jaren negentig.

De bedrukte periode die volgde op de aanslagen van 11 september 2001, wordt verbeeld door Bill Jacobson. Zijn drie straatbeelden nemen elk een muur in beslag. Ze zijn niet scherp; met moeite zijn gebouwen, een stoep en New Yorkers te onderscheiden. Volgens de galerie suggereren de foto’s „verlies en het verstrijken van de tijd”.

Opmerkelijk genoeg zijn er nauwelijks foto’s van de huidige crisis. Slechts op één afbeelding is, weliswaar met moeite, een verwijzing naar de grootste economische crisis in decennia te vinden. Op een foto van David Hilliard, White Noise, kijkt een zwarte man uit een donkere hotelkamer naar buiten, het witte licht van Times Square in. In de verte zie je een reclame. Het is een felverlicht dollarbiljet met daaronder de tekst I’ll be back.

Elke galerie heeft een eigen thema. Een expositie is gewijd aan het Vrijheidsbeeld; de tentoonsteling Glitz & Grime zoomt in op Times Square en Live from New York... laat alleen artiesten zien: The Beatles die een vliegtuigtrap afkomen, Frank Sinatra die afgezonderd bladmuziek bekijkt, Sonny & Cher die op straat lopen.

De laatste categorie foto’s, in een weinig glamoureuze omgeving, maakt in deze tijd veel indruk: het omgevingsbeeld is het bewijs dat de stad er al eerder was, en er ook eerder al slecht voor stond.

De meeste galerieën hebben voor publiekstrekkers gekozen – misschien kunnen de weggezakte inkomsten daarmee het beste worden opgetrokken. Op de Times Square-expositie hangt de befaamde foto waarop James Dean met opgetrokken schouders en het hoofd in de kraag gedoken door de regen op het verkeersknooppunt loopt. En op de muziektentoonstelling is daar John Lennon. New York City Tee Shirt van fotograaf Bob Gruen uit 1974, waarop de muzikant met een zwarte zonnebril en een wit T-shirt met de naam van de stad erop, de camera in kijkt.

Yossi Milo Gallery haakt in op de aanhoudende interesse van toeristen voor de al lang afgelopen tv-serie Sex and the City, en brengt een verzameling beelden onder de naam Sexy and the City. Die gemakkelijke poging tot scoren wordt de galerie vergeven, want de tentoonstelling is veruit het intrigerendste perspectief op de getroffen stad.

Het anonieme zoenende stel in de metro, de zonnende dame op een dakterras, de uitgedoste travestiet op straat, de topless vrouw in Central Park en de opgetrokken blouse van weer een andere vrouw voor het naambord van (de recentelijk zwaar getroffen) The Chase Manhattan Bank – de beelden zijn eerder geruststellend dan schandelijk. De personages die New York zo interessant maken, blijken van alle tijden.

Misschien is er helemaal niet zoveel veranderd.