De universiteit als toevluchtsoord

Het aantal studenten stijgt. Is het de crisis, zijn het de Duitsers, zijn het studenten die na school eerst een tussenjaartje hebben gehad? Universiteiten en hogescholen speculeren.

Ja, er zijn eerstejaarsstudenten die zich in de keuze van hun opleiding hebben laten leiden door de recessie. Noortje Vermeer (18) uit Nijmegen, die dit jaar de havo afrondde, is een van hen. Ze twijfelde tussen twee hbo-opleidingen. Eigenlijk wilde ze toegepaste psychologie gaan doen, om daarna door te stromen naar de universitaire studie neuropsychologie. Het werd verpleegkunde, aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen.

Ze dacht: er vallen zoveel banen uit, er vallen ontslagen. „Mensen in de zorg blijven altijd nodig”, zegt ze. De opleiding verpleegkunde duurt vier jaar. Dat speelde een rol, zegt Vermeer. „Voor de financiën is dit beter. Die andere studie zou zes jaar kosten.”

Of neem Bram Göttgens (22) uit Venlo. In juni haalde hij zijn hbo-diploma industrieel ontwerpen en nu begint hij met een master werktuigbouwkunde aan de Technische Universiteit Eindhoven. Hij nam zijn besluit afgelopen zomervakantie. „Ik zag weinig vacatures. Ook veel klasgenoten besloten verder te studeren.” Bovendien ontdekte hij dat zijn kennis van materialen ontoereikend was voor het werk dat hij wil doen. „Als ik over twee jaar klaar ben, hoop ik dat de economie weer is aangetrokken.”

Het aantal eerstejaarsstudenten dat zich bij een universiteit of hogeschool heeft aangemeld, is dit jaar sterk toegenomen. Dat blijkt uit voorlopige cijfers, die de afgelopen week zijn bekendgemaakt door de vereniging van universiteiten VSNU en de HBO-raad.

Die groei is deels ingegeven door de economische crisis, denken de onderwijsinstellingen. Zeker weten doen ze het niet, want er is nog geen onderzoek naar gedaan. Pas 1 oktober zijn overigens de definitieve cijfers bekend. Dat is de datum waarop alle instellingen het aantal inschrijvingen moeten bekendmaken aan het ministerie van Onderwijs.

Zeker is dat zich relatief meer mensen hebben ingeschreven met een „oud” diploma, uit 2006 of 2007, zegt voorzitter Sybolt Noorda van de VSNU. „Die hadden hun studiekeuze uitgesteld.” Hij noemt het opmerkelijk dat er veel eerstejaars zijn van 24 en ouder. „Dat kan het gevolg zijn van het met ingang van dit jaar afschaffen van de jeugd-WW.” Wie jonger is dan 27 jaar, kan niet langer aanspraak maken op een uitkering; hij moet werken of naar school.

De VSNU noemt ook de grote toename van buitenlandse studenten, vooral uit Duitsland. Die trekken voornamelijk naar de grensstreek. Noorda verwacht dat de universiteiten in Groningen en Maastricht de aanwas zullen merken. Ook de Universiteit van Amsterdam ziet veel nieuwe studenten binnenkomen.

De hoge instroom in het onderwijs was te verwachten, zegt onderzoeker Christoph Meng van het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA) aan de Universiteit Maastricht. „Dat zie je altijd als er een economische dip is.” Wel is de toename „tamelijk hoog”, zegt hij. „Als je kijkt naar het verschil met eerdere goede en slechte tijden, zie je dat de toename nu duidelijker is dan toen.”

Een deel van de studenten heeft kennelijk een tussenjaar gedaan na de havo of het vwo, vermoedt Meng. „Ze zijn op reis gegaan, of hebben gewerkt. Nu gaan ze toch maar weer naar school. Ook zijn het mensen die na het mbo naar het hbo gaan.”

Dat alles is het discouraged worker effect, zegt ROA-hoogleraar Andries de Grip. „Jongeren worden ontmoedigd om te gaan werken.” Ook De Grip noemt de toename „fors”. Hij heeft nog een andere verklaring: „Misschien heeft het te maken met de redelijk goede doorstroommogelijkheden, zowel van hbo naar universiteit als van mbo naar hbo. Het zou ook kunnen dat de bachelor-masterstructuur dit stapelen bevordert. Je gaat gemakkelijk nog een master doen.”

Het gaat om voorlopige cijfers. De stijging zal hoe dan ook minder steil zijn. Dat komt doordat studenten zich via de website Studielink inschrijven voor diverse studies tegelijk, soms aan verscheidene instellingen. Zo heeft de Hanzehogeschool in Groningen momenteel 6.500 inschrijvingen, een stijging van 8,5 procent. Maar daarvan zijn er 850 dubbele inschrijvingen, binnen of buiten de hogeschool, relativeert voorzitter Henk Pijlman van het college van bestuur. „Dat vertekent wel. Vorig jaar zagen we een stijging van 15, 16 procent. We schrokken ons wild. Uiteindelijk werd het 5 procent.” Een dergelijke groei verwacht hij nu ook.

Alle hbo-instellingen noteren een stijging. „Ik heb gehoord van 30 procent”, zegt Pijlman, „maar daar geloof ik niets van.”

Welke studie moet je kiezen in deze tijd? Onderzoeker Christoph Meng kaatst de bal terug. „Wat had je een half jaar geleden gekozen? Kies wat je interessant lijkt. Over vier jaar is de crisis voorbij.”

Dat is precies wat Mark Heuvelman (17) uit Zeewolde gaat doen. Als dertienjarige bouwde hij al websites en leerde hij uit nieuwsgierigheid een aantal programmeertalen. Het is meer dan logisch dat hij met informatica begint aan de TU Eindhoven. De crisis is ver weg voor hem. „Ik vind dit gewoon leuk.”

Een technische opleiding is overigens altijd goed, zegt Meng. „Jongeren zijn nu bang om wat ze zien gebeuren in de industrie. Maar dat is niet terecht.”