Een ongemakkelijke quadrille met Darcy

Sinds mei profileert de NCRV zich op maandagavond als de omroep van het kostuumdrama, mede onder verwijzing naar een gespecialiseerde website waar de vertoonde series op dvd zijn te bestellen. Tot nu toe waren in dit kader verzorgde, maar voorspelbare verfilmingen te zien van klassiekers, die altijd in een behoefte voorzien: Jane Eyre, Tess of the D’Urbervilles, Sense and Sensibility.

Gisteren begon de recente vierdelige Britse serie Lost in Austen, die uit hetzelfde vaatje leek te gaan tappen. Maar hier bleef ik wel aan hangen; de neiging tot gapen maakte al snel plaats voor een permanente glimlach, omdat de serie juist de fascinatie van veel kijkers voor romantische nostalgie tot thema verheft.

De hoofdpersoon Amanda Price (Jemima Rooper), een Londense bankemployé met een prozaïsch bestaan in de trant van Bridget Jones, is een fan van Jane Austen. Ze kent Pride and Prejudice uit het hoofd en herleest het boek toch telkens weer, bijvoorbeeld nadat haar dronken verloofde haar het lipje van een bierblikje als ring aan de vinger wilde schuiven.

Door een geheime deur in de badkamer stapt Austens heldin Elizabeth Bennet haar leven in en ze ruilen van plaats. Strikt genomen is dat een ook al versleten plotmechanisme, het verdwalen in de tijd en de culturele misverstanden die zo’n indringer in het verleden oproept. Lost in Austen gaat echter een stapje verder.

Miss Price uit Hammersmith wordt namelijk door de gezusters Bennet merkwaardig welwillend ontvangen. Haar vrijpostigheid in kleding, taal en gedrag zou in het Engeland van 1813 tot wilde paniek moeten leiden, maar discretie noopt in dit geval tot beleefde tolerantie. Bovendien stapt de tijdreiziger in een fictief verhaal waarvan ze elk detail kent. Ze voorspelt dat ze met Mr. Darcy een ongemakkelijke quadrille zal dansen en stelt alles in het werk om haar ‘zus’ Jane te paard door de regen naar het naastgelegen landgoed Netherfield te laten rijden, omdat anders Mr. Bingley niet verliefd kan worden.

De misverstanden ontstaan eerder aan de zijde van de 21ste-eeuwer. Als de wilde zus Lydia bij haar in bed kruipt, roept Amanda uit dat ze in „die film met Jim Carrey” (The Truman Show) is terechtgekomen: „Waar zijn de camera’s verstopt?”

Ook daagt al in de eerste aflevering het besef dat haar gedweep met een wereld van trage hofmakerij, waarin making love nog iets tamelijk onschuldigs betekende, misschien weinig verband heeft met de historische realiteit. Het is een deur die wijder openstaat dan de geheime doorgang, maar het is moeilijk niet te worden gecharmeerd door deze postmoderne charade, met een knipoog naar ons aller mediawijsheid.