Onbescheiden herrieschopper en gedreven veldheer

Advocaat Dion Bartels is een vechter, luidruchtig, en tevreden met zichzelf. Hij heeft iets met Napoleon, maar was „karakterologisch ongeschikt” voor het officierschap.

De vensterbank staat vol met beeldjes van Napoleon Bonaparte. Schilderijen met zijn afbeelding hangen aan de muur. Er zijn puzzels, bekers en medailles. De hele werkkamer in zijn statige huis in Utrecht is gewijd aan de kleine Franse generaal. De Napoleon-verzameling van wijlen Joseph Luns staat er sinds kort ook. Zijn opa, leraar geschiedenis, wakkerde met zijn verhalen over de Franse veldheer de belangstelling aan. Napoleon is een inspiratiebron, een voorbeeld. Want advocaat Dion Bartels ziet zichzelf ook als een generaal die ten strijde trekt.

Drie jaar geleden stelde Bartels zich een doel. Hij ging de miljarden traceren die Nederlandse beleggers hebben verloren met investeringen in kleine, niet beursgenoteerde vastgoedfondsen. Nu is hij bekend als de specialist in vastgoedrecht en beleggingsfraude. Hij zegt al ruim 6.000 gedupeerden te vertegenwoordigen die geld hebben verloren met beleggen in tropisch hout, schepen, vastgoed of wijn.

Zijn werkwijze is eenvoudig. Vermoedt hij ergens fraude, dan gaat hij er met veel kabaal in. Hij stuurt persberichten, sms’t, belt rond. Dat is zijn strategie. Die levert ook veel aandacht voor hemzelf op. Dat is ook fijn. Bestuurders, journalisten, Tweede Kamerleden, officieren van justitie, politiecommissarissen en vastgoedmiljonairs – de telefoonklapper van Bartels staat vol. Hij belt hen. En iedereen mag hem ook altijd bellen. Geven en nemen. Do ut des is de Latijnse lijfspreuk van Bartels: ik geef opdat jij mij ook wat geeft.

Maar hij wekt ook ergernis, en zelfs woede. Om de zoveel tijd moet Bartels voor de rechter verschijnen. Dan heeft iemand een kort geding tegen hem aangespannen. Of beslag laten leggen op zijn rekening.

Dat deed onder andere Jos Lemmens, die verschillende beleggingsfondsen in vastgoed had. Onlangs ging hij failliet. Door Bartels, zegt hij woedend. „Pure oplichting wat hij doet.” Eerst veroorzaakt hij onrust over een beleggingsfonds, en daarna biedt hij beleggers aan tegen betaling te kijken of er nog geld te halen is. Lemmens: „Hij is pyromaan en tegelijk brandweerman.”

Wat drijft deze 50-jarige advocaat uit Utrecht? Geld? Aandacht? Of toch een rechtvaardigheidsgevoel?

Dion Bartels is een veldheer, zegt Jon Sistermans. „Zo eentje die moet trompetteren: hier ben ik, hier ben ik, hier ben ik, hier ben ik.” Sistermans is eigenaar en chef-kok van restaurant Wilhelmina in het Utrechtse Wilhelminapark. Bartels is zijn buurman. Hij woont recht tegenover het Wilhelminapark. In deze statige buurt met grote herenhuizen wonen mensen als voormalig Schiphol-topman Gerlach Cerfontaine, Akzo Nobel-topman Hans Wijers en historicus Maarten van Rossem. „Dion is wel wat luidruchtig voor deze buurt”, lacht Sistermans.

De chef-kok leerde Bartels kennen toen hij in 2000 restaurant Wilhelmina kocht. Sistermans wilde de zaak verbouwen, maar kreeg problemen met de gemeente Utrecht over allerlei vergunningen. Toen kwam Bartels. Die zou wel even wat contacten bellen. Mocht het allemaal niet lukken, dan had hij ook nog wel een oplossing voor Sistermans. „Dan moest ik er maar een privéclub van maken. Iedereen kon dan voor een euro aan de deur lid worden. Als club val je overal buiten.”

Bartels regelde volgens Sistermans de zaak. „Hij belde bijvoorbeeld even burgemeester Annie Brouwer.” Daarna kreeg de chef-kok van de gemeente de tijd om de zaak te verbouwen, zodat hij aan alle voorschriften voldeed.

Wat moest hij Bartels hiervoor betalen? Niets, zegt Sistermans. Waarom Bartels hem hielp? Het gevecht, daar houdt hij van, zegt Sistermans. „Mensen met een uitdaging wil hij helpen. En als het lukt, geniet hij van het applaus. Kijk eens, ik kan dat, ik ben de beste.”

In een gesprek mag Bartels ook graag even terloops wat namen noemen. Contacten in het vastgoedcircuit, en in de politiek. VVD-coryfeeën als Ed Nijpels, Robin Linschoten en Frank de Grave, die kent hij nog van zijn tijd bij de JOVD, de jongerenafdeling van de VVD. „Ik ben van hun generatie.”

Hè, reageert Frank de Grave verbaasd. „Ik ken hem eigenlijk nauwelijks.” Ja, Bartels was ook actief bij de JOVD, dat herinnert De Grave zich nog wel. „Maar dat was eerder dan ik. En in die dertig jaar daarna ben ik hem misschien twee keer tegengekomen.”

Dénis André Napoléon Bartels werd in 1958 geboren in Breda. Een klassiek burgerlijk Brabants milieu, beschrijft zijn zus Mädel. Hij is de oudste, en hij heeft nog een zus en een broer. Zijn vader werkte als commercieel directeur bij een installatiebedrijf. Zijn moeder ging bij het CBS werken toen haar kinderen groter waren.

Attent en verantwoordelijk, zegt zijn zus over hem. „Onze ouders konden op hem rekenen.”

De gedrevenheid waarmee Bartels nu de publiciteit zoekt, herkent ze wel van vroeger. „Zo is hij altijd geweest: gedreven.” En niet onredelijk. „Dion kon bijvoorbeeld goed tegen zijn verlies.”

Bartels meldde zich na de middelbare school – gymnasium B – aan bij de Koninklijke Militaire Academie in Breda. Daar hield hij het na een jaar voor gezien. Gouverneur Michiel von Meijenfeldt vond dat Bartels het eerste jaar moest overdoen wegens zijn eigenwijze optreden. „Als mijn commandant zei dat we linksaf moesten, vroeg ik nog wel eens waarom we niet rechtsaf gingen”, vertelt Bartels. „Ik was karakterologisch ongeschikt.”

Hij ging in 1978 rechten studeren in Utrecht. Bartels werd tegelijkertijd actief in de jongerenafdeling van de VVD, waarvan hij in 1976 lid was geworden. Nog tijdens zijn studie werd hij assistent van de gemeenteraadsfractie in Utrecht. In 1982 werd hij er gekozen als raadslid voor de VVD.

Hij ging toen ook aan de slag als advocaat bij kantoor Wijn & Stael in Utrecht. Willem Bekkers, de huidige deken van de Orde van Advocaten, was daar zijn patroon. „Ik kan me niet veel uit die tijd herinneren”, zegt Bekkers. „Behalve dan dat Dion het kantoor na drie jaar verliet. Misschien zegt dat wel genoeg.”

Na zijn vertrek bij Wijn & Stael had Bartels altijd eigen kantoren. In 2004 kreeg hij ruzie met zijn partners Boerman en Sanders en vertrok. Zij vinden dat Bartels schuldig is aan het faillissement van het kantoor in 2007. Bartels zegt dat ze zijn vertrek niet konden opvangen.

In 1990 stopte Bartels met de gemeentepolitiek. Hij besloot zich te specialiseren in vastgoed. In Amsterdam volgde hij de postdoctorale opleiding vastgoed en beleggingskunde. Daarna behaalde hij het diploma van het Royal Institution of Chartered Surveyors, een exclusieve Britse titel voor vastgoedspecialisten die in Nederland is te verwerven via de Universiteit van Amsterdam.

Thom Dijksman was namens dit Britse instituut jarenlang de begeleider van Bartels. „Dion was een leergierige student die hard werkte. Dat was ook wel nodig omdat hij als advocaat op bepaalde deelgebieden van het vastgoed praktische ervaring ontbeerde.” Bartels studeerde af in 2003.

Dijksman – jarenlang directeur van de Nederlandse tak van vastgoedbedrijf CB Richard Ellis en nu zelfstandig vastgoedconsultant, komt Bartels nog regelmatig tegen. „Hij zoekt de publiciteit en staat te boek als een lastige man met een grote mond. Maar ik vind dat hij oprecht en positief bezig is om het imago van het vak te verbeteren. Er ligt door de vele malafide vastgoedaanbieders toch een smet op de branche.”

Dat Bartels er niet voor terugdeinst ook grote namen aan te pakken, vindt Dijksman te prijzen. „Er zijn weinig mensen die dat durven”, aldus Dijksman. „Ik vind de kritiek op de werkwijze van Bartels niet terecht. Hij komt op voor beleggers die er zijn ingestonken. En dat is voor hem natuurlijk een interessante markt. Als er niet zoveel kaf onder het koren zat, zou Dion Bartels niet zoveel cliënten hebben.”

De website is een belangrijk werktuig voor Bartels. Hij beschrijft er zijn werkwijze. Geeft er tips over het ontmaskeren van malafide beleggingsaanbieders. En hij zet er zijn persberichten op. Zo liet hij in november 2007 weten aangifte te doen tegen Palm Invest. Dit fonds, dat zei te beleggen in Dubai, zou zich schuldig maken aan fraude. Het vroeg een minimale inleg van 50.000 euro, en beloofde een rendement van 9 procent. Volgens Bartels werd die rente betaald uit de inleg van anderen: een piramidefonds.

Twee maanden later deed de fiscale opsporingsdienst FIOD-ECD een inval bij Palm Invest. Er werd beslag gelegd op auto’s, boten en kapitale villa’s. Volgens justitie is het geld van beleggers inderdaad verdwenen in de zakken van de directie. Eind dit jaar komen vijf verdachten voor de rechter.

Als Bartels een beleggingsfonds beschuldigt, is de volgende stap gedupeerde beleggers werven. Dat gaat eenvoudig. Op de website staan kant-en-klare formulieren. Uitprinten, invullen en – in het geval van Palm Invest – 1.190 euro overmaken naar Bartels.

Uiteraard roept Bartels tegenstand op. Zo zei een woordvoerder van Palm Invest voordat de FIOD binnenviel dat de „geruchten die Bartels de wereld inbrengt” tot problemen leidden. Banken gingen opeens moeilijk doen, en toen kon het fonds zijn verplichtingen aan de beleggers niet nakomen.

Dat is exact wat ook vastgoedbelegger Jos Lemmens zegt. Hij spande een kort geding aan tegen Bartels, nadat die in een persbericht had gesteld dat Lemmens de rente niet betaalde aan zijn beleggers. De rechter besloot dat Bartels moest rectificeren: er was wel betaald, alleen te laat. Een paar weken geleden ging Lemmens alsnog failliet. Door het gedoe met Bartels kreeg hij naar eigen zeggen problemen met banken.

Bartels accepteert dat de rechter hem af en toe terugfluit. „Eerst gaf Lemmens de schuld aan de kredietcrisis. Toen was het een boze belegger die het had gedaan. Daarna kwam hij bij de advocaat van die belegger terecht: bij mij dus. En inmiddels krijgt toezichthouder AFM de schuld. Ik zou me beledigd voelen als hij me niet zou noemen. Ik vind het prima, zolang ik maar niet ook de schuld krijg van de daling van de dollarkoers.”

Rechtszaken tégen hem zijn voor de Utrechtse advocaat geen reden zich in te houden. Integendeel. Hij heeft sinds kort zijn pijlen gericht op Richard Homburg, een van de grootste aanbieders van vastgoedbeleggingen in Nederland. De beschuldigingen gaan inmiddels over en weer – standaardprocedure voor Bartels. Homburgs advocaat Jerry Hoff heeft aangifte tegen Bartels gedaan bij het Openbaar Ministerie. Hij beschuldigt Bartels ervan zonder vergunning beleggingsadviezen te geven.

Bartels legde vorige week namens een cliënt beslag op een rekening van Homburg. Tegen Hoff diende Bartels een klacht in bij de Orde van Advocaten, nadat Hoff hem bestempeld had als een „juridisch pyromaan” wiens werkwijze „een grote schande is voor de Nederlandse advocatuur”.

Voor Jon Sistermans van restaurant Wilhelmina bevestigt de jongste ruzie het vechtlustige karakter van zijn buurman Bartels. „Dion wil de beste zijn. Maar soms vraag ik me af of hij niet te veel probeert aan te pakken. Een goede veldheer voorkomt dat hij op meerdere fronten tegelijk moet vechten.”

De chef-kok wijst naar de camera’s aan de gevel van Bartels’ huis. Achter het raam staat een rood bordje. „Dit huis wordt beveiligd”, staat erop.