Video's van bos en collages van 'dode bomen'

Tentoonstelling Rob Johannesma, Uitval uit een. T/m 13 september in De Vleeshal, Markt, Middelburg. Di t/m zo, 13-17u. Inl. www.vleeshal.nl

Bomen hebben geen betekenis. Al zou je dat, kijkend naar eeuwen kunstgeschiedenis, makkelijk kunnen vergeten. Bomen krijgen daarin vaak de meest uiteenlopende rollen toebedeeld, van paradijselijk decorstuk en fallussymbool tot verbeelder van de menselijke eenzaamheid, zoals bij een romantische schilder als Caspar David Friedrich. Tegelijk zit er in die discrepantie tussen het oorspronkelijke niets en die grote hoeveelheid betekenissen een mooie spanning. Waar je als kunstenaar dan opnieuw betekenis aan kunt geven.

Iets dergelijks lijkt Rob Johannesma te hebben nagestreefd op zijn kleine tentoonstelling Uitval uit een in De Vleeshal in Middelburg. Johannesma is al zijn hele carrière gefascineerd door bomen. Zijn eerste solotentoonstelling, bijna tien jaar geleden, draaide om een foto van een majestueus stuk bos dat traag, teder en zoekend door een camera werd afgetast, alsof Johannesma zijn toeschouwers wilde dwingen met meer aandacht dan normaal naar een ogenschijnlijk ‘gewone’ bomenfoto te kijken. In dat opzicht is er op Uitval uit een weinig veranderd, want ook deze expositie gaat over natuur en beeld en concentratie, alleen lijkt het element ‘interpretatie’ nu belangrijker geworden.

In De Vleeshal toont Johannesma, naast drie kleine video’s van stukken bos, twee grote, gefotografeerde, en vooral complexe collages. Uitgangspunt is daarbij een grote krantenfoto (die nadrukkelijk op een stapel kranten is vastgelegd; kranten worden tegenwoordig niet voor niets vaak ironisch ‘dode bomen’ genoemd) van de verwoesting die is aangericht door een Israëlische luchtaanval in Rafah, een stad in de Gazastrook. Het beeld is dramatisch: wat er gestaan heeft weet je niet, maar het volledige midden van het beeld is weggeslagen, alles grauw en grijs, zelfs de schaarse bomen aan de rand die hebben standgehouden. Er tussendoor lopen vooral mannen, die hun hulpeloosheid lijken te compenseren door onmachtige gesprekken en theatrale gebaren – je krijgt onmiddellijk associaties met theatrale zeventiende-eeuwse schilderijen als die van Poussin.

Maar dat is niet alles. Want in deze collage (die midden in de ruimte hangt en flink wat vierkante meters beslaat) heeft Johannesma wat gaten geknipt. Kijk je daar doorheen dan zie je, achterin de zaal, dezelfde collage hangen, maar nu met daarnaast een foto van het schilderij Johannes de Doper in de wildernis van Geertgen tot Sint Jans. Hierop zien we een eenzame, licht verwarde man (de profeet Johannes) in een paradijselijke setting: het landschap is weelderig en groen en staat vol beesten en bomen.

De ironie wil alleen dat Geertgen (we hebben het over een schilder uit 1490) hiermee ‘de wildernis’ wilde afbeelden, zowel de letterlijke wildernis als die in Johannes’ hoofd: de profeet had zich teruggetrokken om na te denken over zijn missie in de wereld. Precies het tonen van die aarzeling, die verwarring over de werkelijkheid en de betekenis van beelden lijkt Johannesma’s doel met deze installatie – het klopt ook wel heel mooi dat zijn naam zo perfect aansluit bij die van de weifelende profeet. Bovendien worden die twijfel en verwarring nog eens benadrukt doordat Johannesma op alle drie de foto’s subtiel delen heeft uitgeknipt en verwisseld.

Dat geschuif met stukken beeld lijkt de verwarring alleen maar te vergroten, maar toch lijkt daarin ook een element van verlossing te schuilen. Van de aanslagfoto namelijk, kun je als toeschouwer nauwelijks meer reconstrueren hoe hij eruitzag – je kent het origineel niet en gaat je zelfs afvragen of er wel een origineel bestaat. Daar tegenover vertegenwoordigt Geertgens kunstwerk de oude, onwrikbare waarheid van de kunst, van een beeld dat al ruim vijfhonderd jaar in vele geheugens gegrift staat en niet is veranderd. Waarmee Johannesma’s verwarrende installatie alsnog een glimp van een soort van zekerheid laat zien. Bijna geruststellend.