Picknicken als levenskunst

Picknicken is een levenskunst, die je beheerst of niet. De Fransen bijvoorbeeld zijn er van nature goed in. Die gaan ’s ochtends vroeg naar de markt, slaan een gebraden kippetje, een fles sappige wijn, een paar kaasjes en een stokbrood in. Onderweg naar dat ene afgelegen riviertje rijden ze nog even langs een boomgaard bulkend van de rijpe abrikozen. Achterin hun auto ligt altijd wel een oude slaapzak. In hun broekzak huist permanent een antiek zakmes. Om jaloers op te zijn.

Spanjaarden kunnen het ook. Die verzamelen op de dag des Heren in de open lucht – vaak gewoon op een parkeerterrein langs de kant van de weg – om geweldige aardappeltaarten van wel tien centimeter hoog te eten. De tortilla is uitgevonden voor de picknick, want koud en een dag oud nog veel lekkerder dan vers gebakken.

Kijk hoe de Italianen al fresco eten. Op het strand, met veel lawaai, en oma onder een parasol. Met goedkope wijn in plastic bekertjes, met worstjes waarvoor ze net drie uur zijn omgereden naar dat ene slagertje dat de beste worstjes in de wijde omgeving maakt, en met gemene, door een verre achterneef gestookte grappa.

Ook Turken, Marokkanen, Surinamers en Antillianen lijkt het geen enkele moeite te kosten. Loop vanmiddag om een uur of vijf maar eens een stadspark in; het begrip buitenkeuken krijgt een geheel nieuwe connotatie. Barbecues, gasbranders, koelboxen, jerrycans, gettoblasters en tuinmeubilair, alles wordt meegesleept en uitgestald tot een openluchtrestaurant waar vijf generaties genieten van brood en salades, lamskoteletten, watermeloenen en pom en de felgekleurde frisdranken van Fernandes.

Eten in de buitenlucht; het lijkt zo makkelijk. Tot je een amateur bezig ziet. Zoals je de picknickpro er direct uitpikt, zijn de amateurs ook eenvoudig te herkennen. Aan het fleece kleed van Ikea, dat ze bij voorkeur uitspreiden in de felle zon. Aan de tupperwaredoos waarin ze de pastasalade vervoeren. Aan het redderen rondom de onvermijdelijk lekkende sladressing. Aan de paniek die toeslaat wanneer blijkt dat niemand het wc-papier heeft ingepakt.

Ach, we kunnen niet allemaal pallieters zijn. En zelfs als je de kurkentrekker bent vergeten, zelfs als de kaas zweet, zelfs als de broccoliquiche onderweg gebroken is, zélfs als je je kleedje blijkt te hebben uitgespreid op een mierenhoop, is picknicken een van de leukste manieren om een zomerse zondagmiddag door te brengen.

Janneke Vreugdenhil heeft een kookrubriek op nrc.tv