Kwekers vrezen octrooi op zaden

Nederlandse zaadbedrijven vrezen gebrek aan voedsel als biotechmultinationals via octrooien hun greep op de land- en tuinbouw versterken. Zulke monopolies zouden de noodzakelijke vernieuwing van gewassen belemmeren.

Zaadbedrijven mochten vroeger vrij experimenteren met de gewassen van concurrenten, maar biotechbedrijven als Monsanto en Syngenta verhinderen dat nu met een beroep op hun octrooien. Het octrooirecht geldt sinds kort in de land- en tuinbouw. Vroeger werd intellectueel eigendom geregeld via het ruimere ‘kwekersrecht’.

De Nederlandse brancheorganisatie Plantum wil de vrijheid behouden die concurrerende kwekers het recht gaf om met elkaars gewassen nieuwe rassen te ontwikkelen. Machtige biotechspelers als Monsanto (VS) en Syngenta (Zwitserland) hebben de Nederlandse regering schriftelijk gevraagd dat te weigeren.

Niels Louwaars van het Centrum Genetische Bronnen van de Wageningse universiteit noemt het essentieel dat zaadbedrijven nieuwe variëteiten blijven ontwikkelen. „Schimmels, ziekten en insecten passen zich aan aan nieuwe gewassen, die daardoor een beperkte levensduur hebben. Het ontwikkelen van nieuwe variëteiten is dus een permanente race tegen de klok”, aldus Louwaars.

Biotechbedrijven gebruiken sinds de jaren tachtig octrooien om hun veredelingstechniek af te schermen. Door de grote consolidatieslag in de wereld van het zaad sinds de opkomst van biotechnologie beheersen slechts tien bedrijven tweederde van de markt voor ‘merkzaden’. Nederland is een ‘grootmacht’ in zaad, maar heeft veel kleine zaadbedrijven waarvan niet één in de mondiale toptien.

Telers in de knel: pagina 15