Dick

De fans van Zenit wuifden hem uit en Dick moest huilen op de luchthaven in Sint-Petersburg. Het was een beeld uit de Koude Oorlog: eenzame man op weg naar Siberië. Het fluiten op twee vingers verstorven in kinderen, kleinkinderen en treinen.

Advocaat en ontslag: het past niet bij elkaar. Advocaat en tranen, dat weer wel. Ik had hem eerder zien wenen, toen hij over zijn vader sprak. Hij sidderde in een korte snok van verdriet, meer niet. Van de gouden generatie Nederlandse voetbalcoaches is Dick veruit de gevoeligste. Soms stond hij zelfs als open wond op het trainingsveld. Met name in Portugal, als bondscoach. Maar ook toen, bij het leven gegrild, bleef hij fluiten op twee vingers. Voetbal is groter dan weemoed.

Het is tijd voor een excuus: steller dezes heeft door de jaren heen dapper meegedaan aan karikaturale schetsen van Dickie. Napoleon op korte beentjes, wantrouwig als de neten, filosoof van prakkies, vrekkig als Molière… dat soort treurige clichés.

De stripfiguur Advocaat.

Dick incasseerde op koninklijke hoogte: zonder weerwoord. Hoe heftig van gemoed hij soms ook was, zijn polemische drift bleef opgesloten in de kooi van voetbaltaal. Waar het leven persoonlijk werd, haakte hij af. Altijd in nors zwijgen, soms met net iets te hoge schouders. In de waardigheid van zijn littekens kon niemand inbreken. Al helemaal geen columnisten: zijn repliek was hooguit prikkeldraad.

Er zijn voetbaltrainers die twee keer per jaar roepen dat zij de besten zijn. Of dat de Champions League hun op het lijf geschreven is. Of dat niemand hun kan vertellen wie dom is en wie slim. Aan die verbale rococo heeft Dick Advocaat zich nooit gewaagd. Hij wist van zichzelf dat hij een toptrainer is, maar om daar dan een serenade van te maken? Zo is hij niet opgevoed. Nooit muziek in huis, nog steeds niet.

Dick was altijd op zijn mooist als het ijskoud was. Trainer met sjaal. Niet met regenjas. Hij kon zich lekker induffelen. Soms dacht ik: staat daar een lijkwade langs de lijn? Maar dan begon hij ineens weer te gesticuleren, en liepen ogen, wangen en benen vol bloed. In een hitte van hem alleen. Onverminderd weerbarstig bij 25 graden onder nul.

Juichen kon hij niet.

Hij liep als het ware weg van zijn eigen vreugde. En altijd in paradepas. Geluk gaat de andere kant op, bij Dick. En hij houdt het nooit langer vol dan een atoom. Na de steekvlam moet er weer gewerkt worden. Juichen is ook werken. Misschien wel de meest noeste arbeid voor Dick. Een soort slavernij.

Doodverdrietig was ik toen ik hoorde van zijn ontslag bij Zenit. Iedereen in de voetbalwereld mag van zijn voetstuk vallen, maar niet Dick Advocaat. En dat had dan luttele maanden geleden nog als feestvarken aan tafel gezeten met Vladimir Poetin. Om maar te zeggen: geen ranziger randverschijnsel in de sport dan politici. Maskers van ongedierte.

Overal waar Dick Advocaat de noppen aanbond, had hij succes. In Eindhoven, in Zeist, in Glasgow, in Sint-Petersburg. Hoezo Mourinho? Wij, van de polder, hebben wel wat anders te bieden. De meest geslepen monnik van het heelal.

Dan moet je natuurlijk niet in België zijn, zeker niet als bondscoach. In een land, nota bene, waar chaos heerst, waar de voetbalbond een varkensstal is van territoriumdrift en ijdeltuiterij, waar coaches en internationals zich laten opsplitsen in zoiets onnozels als taalgemeenschappen, waar het laatste oordeel altijd het oordeel is van een ballotage in drieledig grijs? In niets gehinderd door kennis, passie en balgevoel. Wel veel valse romantiek op het ereterras.

Arme Dickie.

Hij mag niet eens vóór de afgesproken datum van 1 januari het land in. Dat wil bondscoach ad interim, Frank Vercauteren, niet. De belediging is niet na te voelen. Maar Dick Advocaat kennende zal hij wel weer zeggen: ach, er zijn meer weeshuizen.

Altijd dat juk van verweesdheid: ik neem het Nederland kwalijk. Niemand heeft deze fantastische trainer een thuis bezorgd. Terwijl Dick Advocaat absoluut niet moet onderdoen voor Alex Ferguson. Of voor Arsène Wenger. Wij, van de media, hebben hem ook niet aan de ketting van liefde en bewondering gehouden. De hele natie is schuldig aan verwaarlozing.

Mag het voor een keer plechtig: meneer Advocaat, stort u, aub, niet in de lugubere leegte van Plopsaland. Er zijn betere en betrouwbaarder vrienden. En uiteindelijk: op een patrijsje à la Brabançonne zit u toch ook niet te wachten. Daarom: word trainer van Heerenveen.