Alles is Spaans geworden in Westerbork

De Spaanse wielerronde Vuelta start 29 augustus voor het eerst buiten het Iberisch schiereiland. De proloog is in Drenthe, dat in de ban raakt van het wielerevenement.

Een grote zwarte houten stier siert de gevel van brasserie Diggels in de dorpskern van Westerbork. „’s Avonds is die verlicht”, vertelt eigenaar Bertus Witteveen trots, terwijl hij naar boven wijst. Langs zijn horecazaak aan de drukke Hoofdstraat fietst toepasselijk een wielrenner. „Die is alvast aan het oefenen.”

Witteveens collega van Hotel Abdij de Westerburcht aan de overkant heeft El Toro, symbool van Spanje, boven de ingang hangen. Zoals er heel wat middenstanders zijn die inhaken op de La Vuelta, de Ronde van Spanje, die 30 augustus de dorpskern van Westerbork aandoet. Witteveen is met eigenaar Jans Dobben van het gelijknamige wooncentrum de drijvende kracht achter de Spaanse week in het Drentse dorp.

„We zijn hier mega-enthousiast. Het is super, super dat de Vuelta hier langskomt. Eenmalig en uniek”, struikelt hij haast over zijn woorden. Bij de terrasingang van het restaurant staat de speciale Vueltawijn, een rode Navarro met op het etiket La Vuelta 2009. Het logo is een grijze stier die over een geel gekleurde wielrenner springt. Naast de fles prijken twee Spaanse vlaggetjes. Witteveen liet 2.500 flessen wijn maken. Te koop voor 7,50 per stuk.

Jans Dobben laat dertig rood-gele kussens naaien, die tijdens de wielerwedstrijd zijn etalages opfleuren. Uit een kledingzak pakt hij twee Spaanse jurken die hij aan een rij met stoffenstalen hangt. Een paarse met gouden strepen en een witte met geel. „Prachtig hè? Ons winkelpersoneel trekt die aan. De dames dan, hè?” schatert hij. Ook laat hij honderd geel-rode vlaggen naaien. „Die hangen we langs het traject dat naar en door Westerbork voert.” Alle festiviteiten kosten 80.000 euro, waarvan de gemeente de helft betaalt. De rest brengen de ondernemers zelf op. De route werd omgelegd om door Westerbork te komen. Witteveen: „Daar heb ik een jaar over gebakkeleid.”

Het idee om het wielerfestijn naar Drenthe te halen, komt van journalist Dick Heuvelman. Die besprak het met wijlen Relus ter Beek, commissaris van de koningin in Drenthe. Ter Beek was een groot wielerliefhebber en stuurde drie jaar geleden een brief naar de Spaanse organisatie, vertelt de Drentse sportgedeputeerde Anneke Haarsma (PvdA). Ze reisde daarna diverse malen met Ter Beek naar Spanje. „Dat hij daar kwam als commissario de la reina gaf hem toch een aureool. En zijn kennis van het wielrennen sprak de Spanjaarden aan.” Toen die in 2007 het TT-circuit zagen met zijn logistieke centrum waren ze „dolenthousiast”, vertelt Haarsma. „De bek viel hun open. Zo professioneel vonden ze alles.” Ze vindt het triest dat Ter Beek de start niet meer meemaakt. „Maar als eerbetoon rijdt de koers langs de begraafplaats in Witteveen waar Relus ligt.”

Het is viva España in Drenthe, dat in de ban is van de Spaanse Vuelta. In Hijken is op de wand van café De Dorpskern een muurschildering aangebracht met twee wielrenners. In Orvelte schilderde Wil Weerdmeester met veertig cursisten een megaschilderij: een Spaanse flamencodanseres die met een Drent op klompen de boerendans uitvoert. Bij de Blokker in Westerbork liggen geel-rode boa’s en dito kransen in een bak. „We hebben er van elk vijfhonderd besteld”, vertelt eigenaar Bert Wassen als hij een rood-gele hoed omhoog houdt.

Het door het ‘Huus van de Taol’ gedrukte drietalige woordenboekje Vueltataol op fietse deur Drenthe beleeft zijn tweede druk. De eerste (10.500 exemplaren) was in enkele weken weg. Van de tweede druk (7.500) zijn er al drieduizend verkocht. ‘Ie zult wel geliek hebben’ wordt vertaald als ‘Ik geloof geen woord van wat u zegt’. En ‘Het kun minder’ als ‘Hij won afgetekend’.

Witteveen heeft 20.000 Vueltaplacemats laten drukken voor de zes restaurants in Westerbork. Dinsdag over een week kookt hij in een grote houtgestookte pan paella voor 1.500 liefhebbers. Het rijstgerecht wordt aan een lange tafel geserveerd.

De provincie Drenthe betaalt 600.000 euro van het startgeld van 2,2 miljoen. De gemeenten Assen en Emmen dragen respectievelijk 350.000 en 270.000 bij. Niet iedereen is te spreken over de kosten van het sportevenement. SP-fractievoorzitter Philip Oosterlaak in de Drentse Staten vindt dat er te veel geld wordt gespendeerd aan „het prestigeproject”. „Het kost elke Drent een tientje. Bovendien kregen we nooit een fatsoenlijke onderbouwing van Gedeputeerde Staten over wat het Drenthe echt oplevert. Ja, behalve dan het vage ‘dat het ons op de kaart zet’.”

Witteveen vindt Oosterlaaks opmerkingen „bekrompen”. „Dit wereldevenement heeft een enorm positieve uitstraling voor Drenthe.” De economische effecten zijn niet exact vast te stellen, geeft gedeputeerde Haarsma toe. „Maar een expositie als Go China! [vorig jaar in Assen en Groningen red.] leverde 13 miljoen op. Ik weet zeker dat er nu heel wat Spanjaarden naar Drenthe zullen komen.”

Voor supermarkt De Boer doet Jantje Schadenberg haar boodschappen in de fietstas. De oudere inwoonster gaat zich opgeven voor de paellamaaltijd. „Dat is best eetbaar.” En natuurlijk gaat ze naar de wielerkoers kijken. „Heel gezellig. Ik mag zelf ook graag fietsen.”