Uitbundig meebrullen met gespierde rocksongs Pearl Jam

Rock Pearl Jam. 13/8 Ahoy Rotterdam * * *

Nergens staat geschreven dat een rockband alleen eigen nummers mag spelen. Voor de Amerikaanse groep Pearl Jam begint de lol pas in de toegift, wanneer ze het repertoire van hun favorieten kunnen plunderen, zoals gisteren in een uitverkocht Ahoy.

Met twee nummers uit The Who’s rockopera Quadrophenia liet Pearl Jam op indrukwekkende manier horen dat ze de moeilijkste nummers aan kunnen. Zanger Eddie Vedder steeg boven zichzelf uit in Love reign o’er meen The real me, aan het eind van een show die eigenlijk bedoeld was om Pearl Jams nieuwe album Backspacer te promoten. De paar nummers die van die nog onbekende cd gespeeld werden, vielen nauwelijks op tussen het bekendere werk dat wél uitbundig werd meegezongen.

Veel van Pearl Jams gespierde rocksongs spelen zich af in een tamelijk monotoon schreeuwregister. Mannen van dertig-plus hoeven niet geweldig toonvast te zijn om ze mee te kunnen brullen en als je tussen twee of drie van dat soort kerels staat, wordt er bij een Pearl Jam-concert flink in je oren getetterd. Vedder maakt veel gebruik van klanken als ‘oh’ en ‘hey!’, per definitie kreten die uitnodigen tot publieksparticipatie. Ook de meisjes doen fanatiek mee.

Het beste voorbeeld blijft de heavy smartlap Alive, de enige echte rockklassieker die de groep uit Seattle in het negentienjarig bestaan op zijn naam schreef. Even flow en Black werden gisteren ook wel meegezongen, maar nergens ging het publiek zo los als bij Alive. Het geeft te denken dat de grootste Pearl Jam-favorieten alle afkomstig zijn van het debuut Ten uit 1991, een album dat zo belangrijk is gebleken voor het handhaven van de populariteit van de groep dat het eerder dit jaar prominent werd heruitgegeven. Elk nieuw album verbleekt er bij voorbaat bij.

Het leek alsof Pearl Jam het reguliere optreden als een lastige verplichting beschouwt, en ze niet kunnen wachten om aan de toegift te beginnen. Al na vijf kwartier verdwenen ze van het podium, om er diezelfde tijdsduur aan vast te knopen met informelere nummers, akoestische solostukken en heftige korte punksongs. Vedder scoorde een open doekje door in Wishlist te verkondigen dat hij graag naar Rotterdam zou verhuizen, maar iets dergelijks doet hij waarschijnlijk in elke stad.

Het de krachtig zingende frontman als onbetwiste ster van een voor de rest niet zo opvallende band, werd het een robuust en degelijk optreden. De emotie in hun muziek is er een van stoere mannen met kleine hartjes. Ze zijn de noeste werkers van de alternatieve rock, voorgoed minder hip dan stadgenoten Nirvana maar inmiddels wel met een veel langere adem.