Prudential strooit met dividend terwijl Aegon geld moet ophalen

In het huidige economische klimaat is een dividendverhoging een ongewone stap voor ieder bedrijf, laat staan voor een financiële dienstverlener. Maar de Britse verzekeraar Prudential verhoogde zijn halfjaarlijkse uitkering gisteren met 5 procent, op hetzelfde moment dat zijn Nederlandse branchegenoot Aegon zijn kapitaalbasis verstevigde met 1 miljard euro aan nieuw aandelenkapitaal.

Prudential is duidelijk een buitenbeentje door meer te betalen, en zette de dividendverhoging zelfs door ondanks een halfjaarverlies van 254 miljoen pond (294 miljoen euro). Maar dat verlies was vooral van boekhoudkundige aard, veroorzaakt door een eenmalige last van 559 miljoen pond als gevolg van de verkoop van een Taiwanese dochter.

Ter verdediging kan Prudential er ook op wijzen dat het zijn dividend tijdens de voorgaande baissemarkt juist neerwaarts had bijgesteld.

Maar zelfs als het dividend dragelijk lijkt, is dit een vreemde tijd om kapitaal af te romen. De crisis heeft het vermogen van veel concurrenten ondermijnd om nieuwe activiteiten te ontplooien. American International Group (AIG), een directe concurrent van Prudentials Amerikaanse dochter Jackson National Life, is volledig op de terugtocht.

Prudential doet daar zijn voordeel mee. Op basis van de gebruikelijke graadmeter voor de sector, het jaarlijkse premie-equivalent, is de winstmarge op nieuwe activiteiten van Prudential in het eerste half jaar gestegen van 38 procent in dezelfde periode vorig jaar naar 52 procent nu. Het interne rendementspercentage op nieuwe activiteiten overstijgt nu zowel in Azië als in de VS de 20 procent, aldus het concern.

Dus waarom zou je dan kapitaal aan je aandeelhouders teruggeven, in plaats van je nog meer op deze winstgevende markten te storten? Omdat de royale rendementen kunnen wegslippen als Prudential te hard zou aandringen. Ze zullen waarschijnlijk sowieso verdwijnen als de sector weer overeind krabbelt. En Prudential heeft altijd nog zijn geldmachine achter de hand ter financiering van eventuele expansieplannen: de Britse divisie met lage groeicijfers.

Maar ook andere verzekeraars zitten op het vinkentouw. Aegon heeft gezegd dat zijn kapitaaluitbreiding vooral bedoeld is om de overheid terug te kunnen betalen. Maar het concern zinspeelde ook op het verkrijgen van ‘flexibiliteit om kapitaal in de sector aan het werk te zetten.’

De wens van verzekeraars om groter te worden als de mondiale economie stabiliseert, kan tot een ongezonde honger naar dure en riskante fusies en overnames leiden. Beleggers in deze sector moeten waakzaam blijven dat hun kapitaal verstandig wordt besteed.

Christopher Hughes