Gelderse industrie bloedt, recreatie bloeit

Juist nu moet je nieuwe producten introduceren, zegt de Doetinchemse maker van relatieartikelen. En hij toont een klompje met usb-stick. De lokale industrie heeft het zwaar.

Op een winderig industrieterrein in Doetinchem, aan straten met weinig exotische namen als Innovatieweg en Transportweg, zitten ze naast elkaar: groothandels, metaalbewerkers en andere kleinschalige fabrieken. Sectoren die volgens cijfers van het CBS het meeste last hebben van de recessie. 88 Procent meer faillissementen in Gelderland in het eerste half jaar, berekende het CBS. Dat is veel, zeker gezien het van oudsher grote aantal financieel gezonde familiebedrijven in deze regio.

In de vakantieperiode zijn veel op de bouw georiënteerde bedrijven gesloten. De intercom van een producent van ramen en deuren laat weten na de bouwvak weer beschikbaar te zijn. De Staalmarkt, een groothandel in staalproducten, voorziet metaalverwerkende bedrijven in de regio van materiaal. Daar heeft volgens hoofd logistiek Eddie Pas de crisis hard toegeslagen. „Bij veel klanten zijn ontslagen gevallen. Wij merken het omdat ze moeite hebben hun rekeningen te betalen. Wij moeten er meer moeite voor doen om ons geld binnen te krijgen.” Als dochteronderneming van de grote metaalleverancier MCB uit Valkenswaard heeft de Staalmarkt voorlopig niets te vrezen. „Wij worden door MCB wel overeind gehouden, maar voor de kleinere bedrijven in de regio is het duidelijk moeilijker”, zegt Pas. „Ik hoop dat het na de bouwvak weer een beetje aantrekt.”

Regiomanager Gert-Jan Weierink van werkgeversorganisatie VNO-NCW ziet vooral in de industriesector, de bouw en de zakelijke dienstverlening bedrijven in de problemen komen. „Ik ken bedrijven waar 40 procent van de werknemers is ontslagen. Een aantal is ook failliet gegaan, het is nu alle hens aan dek.” Ook binnen Gelderland is er nog een groot verschil per regio. „In het Rivierenland zit traditioneel veel industrie, in de regio Noord-Veluwe weer meer bouw. Dat zijn net de sectoren waar het niet lekker loopt”, zegt Weierink. De recreatiesector, die ook op de Veluwe goed is vertegenwoordigd, heeft volgens hem weer een stuk minder last van de crisis.

Een paar straten verderop zit Nedcon, producent van stellingen voor magazijninrichting. In een grote hal worden de lange metalen componenten voor de stellingen op elkaar gestapeld. Achterin is de lakstraat, waar het metaal in verschillende kleuren kan worden gespoten. Verder is er weinig bedrijvigheid. In het midden van de bedrijfshal verraadt een grote lege plek dat de meeste machines zijn stilgezet, vanwege het gebrek aan orders, of op transport zijn gezet naar Tsjechië, waar de productie goedkoper is.

Aan het begin van dit jaar zijn tachtig van de vijfhonderd werknemers ontslagen, het productieniveau is teruggevallen met 35 procent. „We hebben de kostenstructuur aangepast, daardoor is de schade overzichtelijk geworden”, zegt algemeen directeur Erik Lansink. Op het huidige niveau kan het bedrijf blijven draaien, maar het is vechten om iedere order en de prijzen zijn zo laag dat het nauwelijks iets oplevert. „Veel klanten trekken hun order op het laatste moment weer in of stellen het uit, terwijl wij dan al veel voorbereidend werk hebben gedaan.” Nedcon levert opslagcapaciteit aan alle sectoren. Dat is de redding, denkt Lansink, want terwijl er in de auto- en motorbranche bijvoorbeeld niets meer te verdienen valt, is er voor consumentengoederen nog altijd opslag nodig. Omdat de kredietrisico’s steeds moeilijker te verzekeren zijn, is hij wel extra alert op klanten die in betalingsproblemen komen. „De gereedschapsfabriek Kinzo in Ede ging vorige maand failliet. Niet zo lang geleden was dat nog een klant van ons. Het kan snel gaan.”

Niet iedereen op het industrieterrein is somber gestemd. De groothandel in souvenirs en klompen Hogenkamp opende dit jaar een afdeling in China en introduceerde een heel nieuw assortiment aan relatiegeschenken en producten voor de souvenirwinkels op Schiphol en in Amsterdam. Daar komen weliswaar wat minder toeristen dan andere jaren, maar de omzet blijft op peil.

Directeur Rob Hogenkamp is ervan overtuigd dat je juist nu nieuwe producten moet blijven ontwikkelen, nu de concurrentie stil zit. Enthousiast laat hij een pen in de vorm van een tulp, een klompje met daarin een usb-stick en een delftsblauwe paraplu zien. In de werkplaats achterin het 130 jaar oude familiebedrijf worden houten klompen beschilderd met bedrijfslogo’s. De vraag naar relatiegeschenken is nauwelijks afgenomen. De grote klanten van Hogenkamp bezuinigen eerst op andere zaken, denkt hij. „Als een klant op een beurs staat, moet hij toch wat hebben om uit te delen. En een partij klompjes met daaraan een flessenopener is niet zo duur.”

Voor zijn buurman, de website Allesvan.nl, een franchiseonderneming met online informatie over regio’s in Nederland, liep het minder goed af. In januari trok het bedrijf in het net opgeleverde pand, eind februari ging de onderneming failliet. Nu zit er weer een ander bedrijf.

Volgens Hogenkamp proberen de bedrijven op het Doetinchemse industrieterrein elkaar wel te steunen. „Het is een kwestie van elkaar kennen en het elkaar gunnen. Als wij iets van aluminium nodig hebben gaan we naar Habru, hier om de hoek. Zo helpen we elkaar de crisis door.”