Pas op voor kant-en-klaar

Eigenlijk raar dat wij in Nederland geen dikke room hebben, zoals Engelsen fijn hun ‘double cream’ kennen of Fransen de ‘crème épaisse’. Wij, met al onze koeien, hebben alleen maar slagroom. Zouden wij meer vetangst hebben? Vast. Het is ook al zo moeilijk om volle kwark te krijgen, terwijl magere gewoon vies is. Volle kwark wordt eigenlijk alleen door biologische zuivelmakers geproduceerd. Die zijn zeker minder bang voor vet. Of ze zijn meer geïnteresseerd in smaak - dat is ook een mogelijkheid.

Dat zou dan wel zeldzaam zijn. Toevallig de laatste tijd een paar keer afgehaald eten en kant-en-klare sauzen geproefd - mijn hemel. Dat het zo erg is. Bij de heerlijke kibbeling die de visverkoper bakte, van heuse verse vis (ik durf niet te zweren dat het kabeljauw was, maar dat hoeft vandaag de dag ook niet), kwam een dotje saus, zo onzegbaar vies! Zoet! Het leek wel slagroom met slasaus.

En de worstjes uit blik die ik laatst at: vol smaakversterker zodat je een krachtige kunstmatige maggismaak zat te eten.

En dan ook nog, ik beken nu maar alles, Chinees eten, van de afhaal. Alweer heel zoet: zoete pindasaus, zoete (en tegelijk heel zoute) babi ketjap en tjaptjoi die helemaal vol leek te zitten met ve-tsin, want zó hysterisch van smaak dat ik er nog dagen naar van ben geweest. Nee niet ziek: ontdaan. Dat zulke dingen aldoor gegeten worden.

De mensen mishandelen zichzelf, eetmatig.

Dus dat er geen dikke room is, verbaast je dan niet meer. Al is het jammer, want met al dat heerlijke zomerfruit, ben je vaak al dik tevreden met bijna niets. Fruit met room. Fruit met een scheutje drank. Of, kreeg ik gisteren van een vriendin, fruit (in dit geval heel rijpe meloen en heel rijpe perzik) overgoten met vlierbloesemlimonade en wat limoensap. Goddelijk lekker, echt waar. En ook wel eens fijn weinig werk. Als het mooi weer is heb je weinig zin om uren in de keuken te staan.

Maar op een druilerige regenmiddag wil je natuurlijk wel pudding maken.

Bramenpudding met room

  • 500 g bramen plus een paar extra
  • 100 g basterdsuiker
  • 3 el water
  • 3 el vlierbessenlimonade of 3 el port
  • 6 blaadjes gelatine
  • 3,5 dl slagroom
  • 3,5 dl volle melk

Doe de bramen met het water en de suiker in een pan en kook zachtjes een minuut of tien, of tot de bramen uit elkaar vallen. Zeef het geheel boven een nieuwe pan, druk het fruit met een houten lepel zo goed mogelijk door de zeef. Je moet ongeveer 3 dl sap overhouden. (Zo niet, pas dan de andere hoeveelheden aan.) Doe er de vlierbessenlimonade of de port bij (het resultaat is verschillend maar alle twee goed) en roer goed om.

Week de gelatine 5 minuten in koud water. Warm de room en de melk in een pannetje tot ze bijna koken, haal van het vuur en roer er de goed uitgeknepen gelatine door. Roer tot die helemaal is opgelost.
Spoel een puddingvorm om met koud water en giet de pudding in de vorm. Bedek met plasticfolie en laat een uur of vier in de ijskast staan, tot de pudding stevig is.

Verwijder het plasticfolie en dompel de puddingvorm kort in heet water tot zo hoog mogelijk. Ga met een mesje langs de bovenste rand om die los te maken. Leg een bord op de vorm en keer het geheel in één beweging om. Schud aan de vorm of klop erop om de pudding los te laten komen. Als het niet wil, dompel hem dan nog even in heet water.

Garneer met de achtergehouden bramen.