Een gemiste kans voor minister Rouvoet

Met enige verbazing las ik 10 augustus het hoofdredactioneel commentaar over het `gezinscongres` dat geopend werd door vicepremier en minister voor Jeugd en Gezin Rouvoet (CU). In het commentaar staat dat het creatief en vreemd is dat een Kamerlid van tevoren invloed wil uitoefenen op de toespraak van de minister. Bij Europese Raden, bij deelname aan internationale conferenties, bij onderhandelingen en zelfs bij andere toespraken van bewindslieden is het echter heel gebruikelijk dat de Kamer suggesties meegeeft of invloed wil uitoefenen op de inhoud of de toon. In het geval van de deelname van minister Rouvoet aan specifiek dit congres was dat ook niet vreemd. Het congres keert zich tegen juist die zaken waar Nederland vrijzinnig beleid op voert. Hoewel ik het met die standpunten niet eens ben, ben ik er groot voorstander van dat zo`n congres in Nederland plaatsheeft. D66 staat immers pal voor de vrijheid van meningsuiting, dus ook voor meningen die niet de onze zijn. Ook de deelname van vicepremier Rouvoet aan het congres vond ik prima. Anders dan homo-organisatie COC en de Catholics for Choice was ik van mening dat het juist goed is dat Rouvoet het Nederlandse standpunt zou verdedigen. Mijn Kamervragen hadden de insteek om Rouvoet op te roepen juist om dit congres het genuanceerde geluid rond het zelfbeschikkingsrecht, gelijke behandeling en emancipatie te laten horen. Aangezien Rouvoet als minister blijk heeft gegeven deze standpunten niet altijd met heel zijn hart te willen verdedigen, waren de Kamervragen een herinnering daaraan. Rouvoet heeft er helaas voor gekozen (middels een videoboodschap) een tamelijk nietszeggend verhaal te houden. Graag had ik gezien dat hij, zonder zijn persoonlijke opvattingen te verloochenen, duidelijk had gemaakt dat ethische dilemma`s rond zelfbeschikkingsrecht, emancipatie en gelijke behandeling door veel Nederlanders als belangrijke normen en waarden worden gezien. Dat hij die kans heeft laten lopen, vind ik jammer. Hij had daarmee ook zelf een brug kunnen slaan tussen zijn persoonlijke opvattingen en die van een vrijzinniger deel van Nederland.