Droom over luchtkastelen

Gisteren schreef ik dat het niet goed is om heel grote abstracte onbereikbare doelen te stellen. Maar – zo gaat dat nu eenmaal met psychologische tips – soms is dat natuurlijk wel goed. Bijvoorbeeld als je niks te doen hebt en je zit een beetje ontspannen voor je uit te denken.

De essentie is: je moet het niet per se moeten bereiken, dan is het erg prettig om over het onhaalbare te dromen. En door dat dromen vergroot je ook nog eens de kans dat je het wel bereikt. Want volgens psychologen wordt er dan onbewust een doel geactiveerd, in je hoofd. En dat is alsof er een treintje op de rails wordt gezet, dat naar een bepaalde bestemming wil. Zolang er geen blokkades zijn, rijdt het er vanzelf naartoe. En natuurlijk zijn er wel blokkades, die zijn er altijd, maar als er een wordt opgeheven rijdt het treintje gewoon verder. Het is een van de redenen dat dagdromen zo goed is: je maakt er nieuwe onbewuste doelen mee aan. En daar kun je best gebruik van maken. Wat zou je ooit nog eens willen? Fantaseer, droom, maak het concreet door het op te schrijven. Maak bijvoorbeeld een vijfjarenplan dat je vervolgens in een laatje legt en weer vergeet. Goeie kans dat je er een deel van nog bereikt ook.

Ellen de Bruin

Ellen de Bruin schrijft over psychologie voor NRC Handelsblad en nrc.next