Zuid-Amerika vreest inmenging leger VS

Een plan om de militaire aanwezigheid van de VS in Colombia uit te breiden, valt slecht in de rest van de regio. „Zuid-Amerika wil zelf zijn zaakjes oplossen.”

Hugo Chávez, president van Venezuela, zei het gisteren zo: „Oorlogswinden steken op [in Zuid-Amerika, red].” Dat was in Quito, Ecuador, waar de overlegclub van Zuid-Amerika UNASUR bijeen was. Chávez refereerde aan het conflict tussen Caracas en Bogotá over de uitbreiding van Amerikaanse militaire aanwezigheid in buurland Colombia.

Sinds bekend is geworden dat de Verenigde Staten en Colombia een nieuw militair akkoord hebben gesloten, zijn de spanningen in de regio opgelopen. Eerder had de Colombiaanse president Álvaro Uribe buurland Venezuela er al van beschuldigd wapens te hebben geleverd aan de guerrillabeweging FARC. Dit weekeinde stelde Chávez dat Colombiaanse troepen zijn land zouden zijn binnengevallen.

„Het is logisch dat Venezuela zich zorgen maakt”, zegt Jessie Jane de Souza, historicus en kenner van de regio, van de Federale Universiteit van Rio de Janeiro. „Amerikaanse inmenging in de regio ligt terecht nog altijd heel gevoelig. Zuid-Amerika wil zelf zijn zaakjes oplossen.”

De opwinding van Chávez zou volgens haar niet zozeer een bliksemafleider zijn voor interne Venezolaanse problemen – een tactiek die de president in het verleden vaker heeft toegepast. Vooral Venezuela’s grootste exportpartner, de Verenigde Staten, moet het geregeld ontgelden als ‘imperialistische vijand’ van Chávez’ socialistische revolutie.

Caracas heeft al langere tijd een gespannen relatie met Bogotá, legt De Sousa uit. Toen het Colombiaanse leger vorig jaar in Ecuador een FARC-leider ombracht, leidde dat tot een hoog oplopend conflict. Colombia kreeg het aan de stok met Ecuador én Venezuela. De verhoudingen staan sindsdien onder druk.

Het akkoord tussen Washington en Bogotá valt daarbij ook verkeerd in andere landen in de regio. Het behelst dat de VS in ruil voor 5 miljard dollar aan militaire steun toegang krijgen tot zeven Colombiaanse militaire bases. Volgens berichten hebben de Amerikanen al circa driehonderd militairen in het land, een aantal dat opgevoerd zou kunnen worden tot achthonderd. Hoewel de overeenkomst vooral bedoeld zou zijn voor drugsbestrijding – Colombia is ’s werelds grootste cocaïneproducent – zijn ook Brazilië, Argentinië en Paraguay niet overtuigd van de noodzaak ervan.

Met uitzondering van Uribe waren alle leiders van de UNASUR-landen gisteren in Quito voor overleg en ter ere van de nieuwe, tweede ambtstermijn van de Ecuadoriaanse president Rafael Correa. Deze bondgenoot van Chávez besloot vorig jaar de Amerikaanse basis in kuststad Manta te sluiten.

Hoewel Chávez poogde binnen UNASUR Colombia te veroordelen, kreeg hij daarvoor gisteren geen bijval van de meerderheid van de andere leden. Het uitblijven van een eensgezinde veroordeling was tevens het resultaat van een lobby van de Colombiaanse president Uribe zelf. Hij kwam niet naar de top, maar maakte vorige week een driedaags tournee langs zeven landen om de overeenkomst toe te lichten. Ecuador en Venezuela meed hij daarbij.

Opmerkelijk is dat ook de Braziliaanse president Lula zich voor zijn doen kritisch heeft uitgelaten over de Amerikaanse militaire expansie. Zijn buitenlandadviseur Marco Aurélia Garcia noemde het akkoord een „overblijfsel van de Koude Oorlog”. Ook generaal b.d. Jim Jones, de Nationale Veiligheidsadviseur van het Witte Huis, kon de twijfels van Lula vorige week tijdens een bezoek niet wegnemen.

„De regering-Obama heeft een blunder begaan door van tevoren geen overleg te voeren met de regio. De tijden zijn veranderd. Je zou na het vertrek van president Bush een andere benadering verwachten van Washington. Obama heeft dit onderschat”, zegt De Souza.

Van oudsher leven in Brazilië zorgen over buitenlandse infiltratie van het Amazonegebied. De Amazone in Brazilië heeft een grens van meer dan 11.000 kilometer, onder meer met Colombia, Venezuela en Peru. Vanuit de Amazoneregio van Colombia is het relatief eenvoudig Brazilië binnen te komen.

De Amazonegrens is een delicaat onderwerp, zo bevestigt José Maurício Domingues, Latijns-Amerikaspecialist van het Universitaire Onderzoeksinstituut van Rio de Janeiro. Brazilië heeft simpelweg geen behoefte aan pottenkijkers, op de grond of vanuit de lucht. Hij benadrukt: „Het gaat om een groot gebied.”

Hetzelfde geldt voor de Braziliaanse territoriale wateren. In de nabije toekomst staan er grote energieprojecten voor de Braziliaanse kust gepland, nadat er de afgelopen jaren enkele omvangrijke olie- en gasvelden zijn gevonden.

De Souza zegt: „Brazilië heeft natuurlijk geen behoefte aan Amerikaanse fregatten die straks een kijkje komen nemen. Het gaat om de soevereiniteit van een land, om zeer strategische belangen, om olie en gas, grondstoffen die in de toekomst schaars zullen worden.”

Wat verder een rol speelt, is dat het een-tweetje tussen de VS en Colombia indruist tegen de geest van UNASUR. Deze overleggroep, waarvan Colombia een belangrijk lid is, heeft grote ambities: ze moet uitgroeien tot een Zuid-Amerikaanse Unie naar Europees model. Ze moet een defensieraad krijgen, waarbinnen dit soort akkoorden besproken zouden kunnen worden. Domingues zegt: „Dit soort bilaterale afspraken staan de ontwikkeling van UNASUR in de weg.”

Gisteren viel er op de top in Quito geen besluit, maar het staat vast dat de ministers van Defensie van de lidstaten eind deze maand weer bijeenkomen om over de Amerikaans-Colombiaanse deal te praten. Daarbij zal ook de Colombiaanse minister van de partij zijn. Tijdens de UNASUR-top van gisteren stelde Lula bovendien voor een extra overlegronde te organiseren, waarvoor ook de VS uitgenodigd zouden moeten worden.