Wonderfully zuur en crispy

Je moet eens naar ‘What to eat now’ kijken op de BBC, zei iemand laatst. Dat laat een thuiskok zich geen twee keer zeggen, zeker niet als je je voortdúrend afvraagt what to eat now. Televisiekok Valentine Warner, een innemende grote jongen met krullen en een korte broek, zelfs in de Londense City, vertelde ons gisteravond dat we nu zomerfruit moeten eten. Nu ja, daar kijk je niet meteen enorm van op, maar aan de andere kant: kom maar op. Want het zomerfruit overspoelt de mens bijkans, ik zelf weet nog net mijn neus uit te steken boven een berg pruimen waar de wespen ook op loeren en die we dus steeds snel en door nijdig zoemen achtervolgd naar binnen moeten brengen.

Het eigenaardige was dat Warner nog midden in de zwarte bessentijd leefde, terwijl alle mij bekende struiken zijn gestopt met overdadig bessen te verschaffen. De laatste zwarte bessentaart is al gemaakt, jammer genoeg, want Warner maakte een heerlijke bessenpudding met room. Maar die zou je natuurlijk ook heel goed met bramen kunnen maken – de bramen zijn ongehoord vroeg dit jaar en verschijnen al overal. Dikke jongens ook. En zoet!

Dus als we nu morgen allemaal bramen gaan plukken (iedereen heeft toch nog vakantie?) dan doen we morgenavond bramenpudding.

Helaas deed Warner niets met pruimen – kon ook niet, want zijn programma was duidelijk een paar weken eerder opgenomen – toen er nog wel zwarte bessen waren, maar geen pruimen. Ik heb de eerste twee pruimentaarten net gemaakt en ben van plan álle pruimentaarten die ik maar kan verzinnen te maken.

Engelsen zijn trouwens wel grappig als ze over eten praten. Ze zeggen maar steeds ‘glorious’ en ‘zingy’ en ‘crisp’ en ‘wonderfully soft’ en dat liefst allemaal achter elkaar, waardoor de gerechten bedolven worden onder een slagroomtoef van adjectieven. Neemt Warner een hapje van iets, dan is dat niet gewoon ‘lekker’, of zelfs ‘heerlijk’, maar ‘pure bliss’ of ‘paradise’. Dat ga ik ook leren.

Eerst nog maar een pruimentaart maken die, eh, wonderfully zuur is, of zouden we zelfs ‘rins’ moeten zeggen? Hij is toch ook zoet en crispy dankzij amandelschaafsel en kortom de belichaming van augustus. Pruimenmaand. Daarbij lijkt-ie grappig genoeg nogal op wat Warner met frambozen doet. Dan denk ik dat dit lekkerder is. Met frambozen wordt het allemaal braaf en zoet, en deze taart, hoe zeg ik dat, is puur geluk.

Verwarm de oven op 175 graden. Bak de gehalveerde, ontpitte pruimen met de suiker, het sap en de rasp van de sinaasappel en het merg van een vanillestokje 20 minuten in de oven. Klop de zachte boter met de suiker, eieren, zelfrijzend bakmeel, bakpoeder en gemalen amandelen tot een beslag. Giet dit in een met bakpapier beklede vorm, pruimen en hun sap erbovenop, half uurtje bakken.

Smelt intussen de boter en roer daar de geschaafde amandelen en de basterdsuiker door. Giet over de cake, verlaag de temperatuur naar 160 en bak nog 20 minuten.