Culturele Hoofdstad? Een zeepbel

Tien jaar heeft Vilnius gelobbyd om Culturele Hoofdstad te worden.

Maar door de crisis is eenderde van de evenementen in Litouwen afgeblazen.

Het had dit jaar in Litouwen over kunst moeten gaan. Maar het gaat over geld, vooral over minder geld. „We opereren in vijandelijk gebied”, zegt festivaldirecteur Rolandas Kvietkauskas. „Door de economische crisis hebben mensen andere problemen aan hun hoofd.”

Vilnius is dit jaar, samen met het Oostenrijkse Linz, Culturele Hoofdstad van Europa, maar het evenement kampt met tegenvallers. Kvietkauskas somt op: de Litouwse regering heeft haar begroting van omgerekend 29 miljoen euro bijna gehalveerd, sponsors aarzelen, kunstenaars klagen en de bezoekersaantallen zijn minder hoog dan verwacht.

Tien jaar heeft Litouwen gelobbyd om het te mogen worden. 2009 leek ideaal: Litouwen viert dit jaar dat het precies duizend jaar geleden voor het eerst werd genoemd in een Duits manuscript, in verband met de moord op een groep missionarissen door Litouwse heidenen. Maar de economische crisis maakte een eind aan jaren van groeicijfers en luidde een periode van spectaculaire krimp in. Maar liefst 22,4 procent in het tweede kwartaal, een Europees record. Met alle gevolgen van dien. Folkshock, een groot concert met Litouwse volksmuziek in een modern jasje, werd afgeblazen, samen met ongeveer eenderde van alle 130 geplande evenementen.

„Kunst is een van de eerste slachtoffers in crisistijd”, zegt Kvietkauskas. Door de bezuinigingen moest ook flink worden gesnoeid in de informatiecampagne rondom het evenement. Veel mensen weten daardoor niet eens dat Vilnius Culturele Hoofdstad is. Vooral lokale, Litouwse kunstenaars zijn de dupe. „Internationale producties hebben een lange aanlooptijd”, zegt Kvietkauskas verontschuldigend. „Die kun je niet zomaar stilzetten.”

En zo is het festival niet alleen een artistieke showcase, maar ook een splijtzwam geworden. „Ik vraag me af of het onder deze omstandigheden nog wel zin heeft”, zegt een producent, die haar project in duigen zag vallen. Ze wil niet met haar naam in de krant. „Dat zorgt alleen maar voor meer gedonder. De Litouwse kunstwereld is zó klein.”

De crisis heeft kunstenaars ook veranderd in populaire schietschijven. Door politici werden ze „dieven” genoemd, want wat was nou eigenlijk het economische nut van hun werk? Het Litouwse ministerie van Cultuur kreeg ruzie met de festivalorganisatie en probeerde de teugels van het evenement over te nemen. Tevergeefs, maar intussen overweegt de Europese Unie wel om de regie van toekomstige festivals meer te stroomlijnen, vanuit Brussel.

Op het terras van hotel Klaipeda drinkt architect Lawrence Wallen, die op het festival een cursus verzorgt, een kopje koffie. Behalve het hotel, betalen de Australiër en zijn andere buitenlandse collega’s alles uit eigen zak, ook al hebben ze recht op een dagvergoeding. „Dat was ons eigen initiatief”, zegt Wallen, die lesgeeft in het Zwitserse Zürich. „Ik wil dat het geld zoveel mogelijk naar onze Litouwse cursisten gaat. Wij hebben allemaal leuke banen.”

Dat de crisis in Litouwen zo hard heeft toegeslagen, verbaast hem niet. „Ik zie hier steeds meer extreem dure auto’s rijden”, zegt de 48-jarige Wallen, die vaker in Vilnius is geweest. „Dat is een teken van scheefgroei, van hyperkapitalisme. De vastgoedbubbel was hier heel groot, de illusie van welvaart daardoor ook.” Vilnius, zegt de architect, heeft een voorkant en een achterkant. De voorkant glimt, de achterkant verpietert.

Is het festival mislukt? „Nee hoor”, zegt Lolita Jablonskiene, hoofdcurator van het nieuwe Museum voor Moderne Kunst. „Ondanks de weggevallen projecten biedt de Culturele Hoofdstad nog steeds een prachtige kans om de artistieke verdiensten van ons land onder de aandacht te brengen.” Litouwen, zegt Jablonskiene, moet zijn plek in de bredere Europese cultuur, die het door communisme is kwijtgeraakt, heroveren. Ook Jablonskiene heeft moeten snoeien in haar begroting, maar haar museum, dat in juni werd geopend, was een nationaal prestigeproject. „We beschikken daardoor over een zekere mate van financiële zekerheid”, zegt ze.

Architect Wallen ziet ook voordelen aan de crisis. Zo is zijn project Mapping Vilnius (Vilnius in kaart brengen), er alleen maar relevanter door geworden. „Ik leg aan onze cursisten uit dat Vilnius van hen is en niet van politici en vastgoedhandelaren. Een stad is meer dan een simpele optelsom van gebouwen, economie en toerisme.”

Festivaldirecteur Kvietkauskas baalt natuurlijk van de situatie, maar relativeert meteen: „Zonder het festival zouden de hotels in Vilnius nog veel leger zijn geweest. Dat we Culturele Hoofdstad zijn verzacht het leed.”