Beheerst, rustig. En met humor

Na een roemrijke carrière als voetballer was Dennis Bergkamp vooral family man.

Nu is hij jeugdcoach bij Ajax. „Hij zegt niet veel, maar wat hij zegt is raak.”

„Dennis wie?” De bewoonster van het pand aan de Amsterdamse James Rosskade krabt verbaasd achter haar oren.

De vraag was of zij weet dat er jaren geleden een beroemde voetballer in haar huis werd geboren, maar de Marokkaanse moet het antwoord schuldig blijven. „Dit is een doorgangswijk”, zegt zij met een knikje naar de geluidswal, die het lawaai van de Amsterdamse ringweg A10 moet dempen. „De meeste bewoners zijn allochtoon, ze weten niets over het Nederlandse voetbal. Maar kunt u mij misschien iets meer over Deniz Berkkimp vertellen?”

Het is alweer drie jaar geleden dat Dennis Bergkamp (40) een punt achter zijn imposante voetbalcarrière zette, met een afscheidswedstrijd in het stadion van de club die hem in 1995 uit Italië weg plukte: Arsenal. In een maatschappij waarin roem snel vervliegt leidde de spits sindsdien een anoniem bestaan. Twee jaar lang zat hij thuis in Laren met vrouw Henrita en hun vier kinderen: Estelle, Mitchel, Yasmin en Saffron, alle vier geboren in Engeland en tweetalig opgegroeid. Bergkamp vervulde vooral de rol van family man. Tot hij hoorde dat ex-voetballer Phillip Cocu zich had ingeschreven voor de verkorte cursus Coach Betaald Voetbal.

Bergkamp was al een paar keer ingevallen voor de trainer van de Engelse club Hadley Rangers, waar zijn zoontje Mitchel voetbalde. En hij voelde zich vereerd toen voormalig Ajax-trainer Marco van Basten hem opbelde of hij in Engeland eens rond wilde kijken naar jeugdig talent. „Geen probleem”, zei de voormalig Ajacied, want daar had hij inmiddels een goede neus voor ontwikkeld. Gaandeweg werd Bergkamp steeds nieuwsgieriger naar het leven aan de andere kant van de zijlijn.

Vandaag maakt de voetballer met de fluwelen touch en het unieke balgevoel zijn debuut als coach van de D2 pupillen van Ajax. Hij zal worden geassisteerd door voormalig FC Amsterdam-speler Heini Otto. Want het werk van jeugdtrainer omvat meer dan alleen een veldtraininkje geven; contacten met ouders en vergaderingen zijn evenzeer belangrijk.

In mei nam Bergkamp zijn trainersdiploma in ontvangst, samen met generatiegenoten Cocu, Patrick Kluivert en Michael Reiziger. Hij liep het afgelopen seizoen stage bij het eerste elftal en de B1 van de Amsterdamse topclub. Verder was hij ook enige tijd assistent van Johan Neeskens bij Nederland B.

„Dennis had vorig jaar een positieve houding als stagiair”, vindt Jan Olde Riekerink, hoofd jeugdopleidingen van Ajax. „Zowel naar de jongens als naar de begeleidingsstaf. Ik heb niet het idee dat hij trainer wordt om thuis niet achter de geraniums te hoeven zitten [Bergkamp zei vorig jaar in de Volkskrant dat zijn vrouw blij was dat hij weer het huis uit ging]. Dennis wil graag zijn kennis overdragen aan jonge voetballers. Dat zag je goed bij Arsenal, waar hij een steunpilaar was voor spelers als Robin van Persie – zowel op als buiten het veld.”

Bescheiden en gedreven. Dat zijn de kwalificaties die blijven hangen na gesprekken met mensen die hem de afgelopen maanden als coach aan het werk zagen. Een beeld dat naadloos aansluit bij dat van de jongen die met drie oudere broers de trapveldjes in Amsterdam-West afstruinde. De oudste werd registeraccountant, de tweede biochemicus, de derde computerprogrammeur. Dennis – vernoemd naar de Schotse voetballer Denis Law – was de enige die van zijn hobby zijn professie wilde maken. ‘Maar eerst je vwo-diploma halen’, hield zijn vader hem voor. ‘Want als profvoetballer kun je niet zonder degelijke vooropleiding’.

Bergkamp senior kon zonder moeite een oogje in het zeil houden, want de spits verliet pas begin jaren negentig zijn ouderlijk huis. Hetzelfde huis aan de James Rosskade waar zijn ploeggenoten hem in 1992 opzochten nadat Ajax de UEFA-Cupfinale had gewonnen van Torino. Bergkamp lag met koorts in bed, dus was de spelersbus vanaf het Olympisch Stadion doorgereden naar Amsterdam-West om de spits bij het feestgedruis te betrekken.

Dat Bergkamp zich destijds schaamde tegenover zijn buurtgenoten – het getoeter en de zwaailichten waren tenslotte voor hem bedoeld – zegt veel over hem. En wie hem bijna twee decennia later van nabij volgt, zal beamen dat de voormalig wereldster weinig veranderd is. „Ik kan mij nog goed herinneren hoe Dennis zich voelde toen wij vorig jaar een bezoek brachten aan Arsenal”, zegt Ab Plugboer, assistent-trainer van Volendam. De twee zaten in hetzelfde klasje voor de cursus Coach Betaald Voetbal, en kozen voor een stage bij de voormalig werkgever van Bergkamp.

Plugboer: „Het onthaal dat Dennis in Londen kreeg, heeft zeer veel indruk op mij gemaakt. Het was eind december, en we mochten meteen aanschuiven voor het kerstdiner. Eerst zong de voltallige selectie een lied over Dennis. Daarna zette Liam Brady [een Ierse voetballegende, nu hoofd jeugdopleidingen bij Arsenal] het refrein in. Dennis genoot van het eerbetoon, maar voelde zich er ook ongemakkelijk bij. Al die voetbalsterren die over hem de loftrompet uitstaken... Hij leek het moeilijk te kunnen geloven.”

Die bescheidenheid verklaart misschien ook waarom trainer Bergkamp niet aan loopbaanplanning wil doen. En hij, anders dan bijvoorbeeld Frank Rijkaard en Marco van Basten, geen ambitie heeft om op korte termijn een topclub te leiden. „Een goede beslissing”, vindt Olde Riekerink van Ajax. Want als hoofdtrainer moet je van een bepaald soort hout gesneden zijn. „Het is moeilijk om in een vroeg stadium te bepalen of je daar geschikt voor bent. Of te voorspellen of je zult slagen. Zoiets moet groeien. De toekomst zal uitwijzen of Dennis ooit manager wordt bij Arsenal, zoals vaak wordt gesuggereerd.” Zelf sloot Bergkamp dit in interviews niet uit.

Olde Riekerink nuanceert de veelgehoorde klacht dat de oud-voetballer saai is en een slecht communicator. „Dennis spreekt de taal van de jeugd en hij is zeer humoristisch”, zegt hij. Een mening die wordt gedeeld door Michel Vonk, die als jeugdtrainer van AZ dezelfde cursus als Bergkamp doorliep: „Extravert is Dennis niet te noemen. Maar zijn rustige karakter zal hem niet in de weg zitten. En misschien is het wel makkelijker om tijdens persconferenties over anderen te praten dan over jezelf.”

Sportjournalist en persvoorlichter Kees Jansma, die een mediatraining verzorgde op de trainerscursus, herinnert zich Bergkamp als intelligente student. „Hij was in zijn vraagstelling altijd zeer scherp. Dennis zegt niet veel, maar wat hij zegt is raak.”

Wat voor type coach Bergkamp wordt, is moeilijk te voorspellen. „In Nederland zijn coaches geneigd te instrueren”, zegt Vonk. „Maar Dennis moet daar niets van hebben. Hij viel bij de cursus op, omdat hij het spel niet stillegde als hij iets uit wilde leggen. Ik heb hem nooit horen schreeuwen, of tegen een bal zien jakkeren. Zijn aanpak vertoont veel gelijkenis met die van Arsène Wenger: rustig, beheerst en met een vleugje humor. Mijn voorspelling is dat we veel van diens invloeden in het coachen van Bergkamp terug zullen zien.”