RIVM schakelt terug na mild begin van griep

Het RIVM noemt H1N1 nu een gewone griep. Van een epidemie is nog lang geen sprake. Terughoudend zijn met medicijnen is ook „typisch Nederlands”.

Ineens is de gevreesde Mexicaanse griep een gewone griep geworden. Wie niet tot een van de risicogroepen behoort, moet nu gewoon uitzieken. De virusremmer Tamiflu hoeft ook niet meer standaard te worden voorgeschreven. Daarmee wijkt Nederland sinds vrijdag af van het officiële advies van de Wereldgezondheidsorganisatie. Wat is er aan de hand?

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) stelt nu dat patiënten met ernstige griepverschijnselen niet meer standaard een kuur hoeven te slikken met oseltamivir, merknaam Tamiflu. Het effect van dit middel voor mensen die niet tot de risicogroep behoren blijkt beperkt (ze blijven zes dagen ziek in plaats van zeven). Dat weegt niet op tegen mogelijke bijwerkingen als diarree, misselijkheid en hoofdpijn, vindt het RIVM.

De Nederlandse beslissing niet automatisch meer naar een virusremmer te grijpen is volgens de Rotterdamse viroloog Ab Osterhaus ook genomen om te voorkomen dat de voorraad is opgebruikt voordat het in de herfst echt menens wordt met de Mexicaanse griep. Terughoudendheid met geneesmiddelen is volgens hem „typisch Nederlands”.

Zo is Nederland ook altijd zuinig met het gebruik van antibiotica. Bij antibiotica werkt dat goed om resistentie te voorkomen, maar virussen resistent maken is volgens Osterhaus „een mondiale kwestie”. Het helpt dus niet als alleen Nederland beperkt virusremmers voorschrijft.

Is Nederland nu wekenlang voor niets bang gemaakt of voeren de Nederlandse gezondheidsautoriteiten een verstandig beleid, gebaseerd op nieuwe feiten?

De gevreesde nieuwe griepvirusvariant H1N1, die in het voorjaar in Mexico voor het eerst van zich deed spreken, blijkt in Nederland niet zo dodelijk of maatschappijontwrichtend als aanvankelijk werd gevreesd.

Volgens de laatste telling van het RIVM telde Nederland afgelopen vrijdag 912 besmettingen. Erwaren 17 ziekenhuisopnames en één sterfgeval gemeld.

Iedere week verdubbelt het aantal nieuwe besmettingen, maar van een epidemie is nog geen sprake. Daarvoor moeten ten minste vijftig op de honderdduizend inwoners tegelijk ziek zijn, en van die situatie is Nederland nog ver verwijderd.

[Vervolg Griep: pagina 3]

Nederland karig met virusremmer

[Vervolg Griep van pagina 1]

De Wereldgezondheidsorganisatie raadt nog steeds aan „alle griepachtige verschijnselen” te behandelen met Tamiflu. De WHO zegt overigens wel dat ieder land zijn eigen beleid moet bepalen op basis van de eigen infrastructuur en actuele situatie. Van land tot land zijn er enorme verschillen. De VS zitten meer op de Nederlandse lijn, maar bijvoorbeeld Groot-Brittannië, dat flink getroffen is door de Mexicaanse griep, verstrekt Tamiflu aan iedereen die een speciale grieplijn belt.

De WHO heeft van meet af aan al gezegd dat het hier ging om een milde pandemie. Niettemin gaf de organisatie de hoogste alarmfase af. De Nederlandse staat, wellicht opgewarmd door eerdere dreigingen van een vogelgrieppandemie (veroorzaakt door het H5N1-griepvirus) en een sars-epidemie (veroorzaakt door een coronavirus), heeft fors ingezet op antigriepmiddelen om de bevolking te beschermen. In 2005 sloeg de overheid in reactie op de uitbraak van vogelgriep uit voorzorg 5 miljoen doses van de virusremmer Tamiflu in. Deze zomer besloot minister Ab Klink tot de aanschaf van 34 miljoen doses griepvaccin, genoeg om de gehele Nederlandse bevolking tweemaal te vaccineren voor een gegarandeerde werking van het vaccin. Klink drukte ziekenhuizen en bedrijven toch vooral op het hart te zorgen dat er noodplannen klaarlagen, voor als de Mexicaanse griep in zijn volle hevigheid Nederland zou treffen.

Maar dat de overheid de maatregelen tegen Mexicaanse griep nu wat heeft teruggeschroefd heeft meer te maken met realisme dan met een onuitgesproken terugkomen op eerder ingezet beleid.

Achtergronden op nrc.nl/griepvirus