Essent houdt vast aan kerncentrale

Essent is in beroep gegaan tegen de uitspraak van de rechter dat het energiebedrijf het belang in kerncentrale Borssele niet mag doorverkopen aan RWE, de Duitse energieproducent die Essent overneemt. Dat heeft een woordvoerder van Essent bevestigd.

Sinds RWE bekend heeft gemaakt 9,3 miljard euro te willen betalen voor Essent, is er een conflict ontstaan over de vraag of Borssele onderdeel mag zijn van de overname. De kerncentrale is van EPZ, het elektriciteitsbedrijf dat in handen is van Essent en de Zeeuwse branchegenoot Delta. RWE wil het belang van 50 procent van Essent in EPZ graag overnemen, maar Delta heeft hier bezwaar tegen gemaakt.

In de statuten van EPZ staat namelijk dat het bedrijf alleen eigendom mag zijn van overheidsbedrijven. Essent is – tot de overname is afgerond – eigendom van 140 gemeenten en 6 provincies. RWE is beursgenoteerd in Duitsland en dus geen publiekrechtelijk lichaam.

Essent had een oplossing bedacht waarbij het juridische en economische eigendom van het belang in EPZ gesplitst zou worden. De huidige publieke aandeelhouders zouden het juridische eigendom behouden, terwijl het economische eigendom (de winst) naar RWE zou gaan. Door die constructie haalde de rechter afgelopen maand een streep.

Essent is tegen dat vonnis nu in beroep gegaan. Mocht het hoger beroep geen andere uitkomst bieden, dan zal de overname van Essent wel doorgaan, maar zonder het belang in Borssele.

Oorspronkelijk was het de bedoeling dat alles op 31 juli rond zou zijn. Maar totdat de kwestie rond Borssele afgerond is, kunnen de aandelen niet van de gemeenten en provincies worden overgedragen aan RWE, gezien de onduidelijkheid over de overnamesom. Het huidige bod van 9,3 miljard euro gaat uit van een overname inclusief het aandeel in EPZ. Valt dit weg, dan zal het bod lager zijn. Hoeveel lager is niet bekend, maar de waarde van het belang wordt geschat op 500 miljoen euro.