De redder in nood haakte af

De man die Van der Moolen groot maakte, was onlangs even in beeld als redder van het sinds vanmorgen in surseance verkerende financiële handelshuis.

Hij zal er geen spijt van hebben. Even had Hans Kroon de afgelopen maanden overwogen om de bestuurscrisis bij Van der Moolen te helpen oplossen. Een maand na zijn besluit om niet tijdelijk terug te keren als directielid heeft Van der Moolen – zijn Van der Moolen – uitstel van betaling aangevraagd.

Dat had de man die het effectenbedrijf in de jaren zeventig, tachtig en negentig groot maakte, niet willen meemaken.

Kroon zou zeven jaar na zijn definitieve vertrek tijdelijk terugkeren in de directie. Hij zou bestuursvoorzitter Richard den Drijver een handje gaan helpen met het ‘management’ en ‘het motiveren van mensen’. Op de jaarvergadering begin mei stemden nagenoeg alle aandeelhouders met applaus in met Kroons benoeming voor drie jaar.

Maar Kroon krabbelde terug. Vorige maand besloot hij „vanwege persoonlijke redenen” af te zien van zijn rentree. Twee dagen later, op 17 juli, was de bestuurscrisis bij Van der Moolen compleet. Topman Den Drijver stapte op na de vooraankondiging van slechte kwartaalcijfers. De raad van commissarissen, bemand door twee nieuwe commissarissen, nam de dagelijkse leiding van het bedrijf tijdelijk op zich. Een financieel directeur heeft Van der Moolen al niet meer sinds de vorige in oktober 2006 opstapte.

De opkomst, en in zekere zin ook de ondergang, van Van der Moolen is nauw verbonden met de persoon Hans Kroon, die vanmorgen niet bereikbaar was voor commentaar. Toen de nu 66-jarige ras-Amsterdammer het bedrijf als directievoorzitter in 1997 verliet, ontstonden de problemen.

Afgeblazen emissies, winstwaarschuwingen, verliezen, een fraudeschandaal in de VS, mislukte investeringen en persoonlijke vetes tussen commissarissen en directie. Een van die commissarissen was tot 2002 Kroon zelf. Die had grote moeite zijn bedrijf los te laten. Hij liet zich geregeld negatief uit over de koers van zijn opvolgers, eerst Peter van der Lugt, later Fred Böttcher. Zoals een aandeelhouder het in mei formuleerde: „De deuren zijn soms een beetje klein bij Van der Moolen.”

Op en rond het Damrak wordt Kroon vooral herinnerd als de man die Van der Moolen groot heeft gemaakt. Na een mislukt avontuur op de mulo begon hij als 17-jarige bediende op de beursvloer. Zijn vader, die zich had opgewerkt van postbode tot personeelschef, had er een kennis werken. Kroon bracht in zijn eerste jaren koffie rond en assisteerde beurshandelaren. Hoewel hij zijn school niet afmaakte, kon hij goed hoofdrekenen. Hij had een afkeer van academici en nam, toen hij eenmaal directeur was, alleen sollicitanten aan die hooguit de mavo hadden afgerond. Begin jaren zeventig werd Kroon zelf geregistreerd als handelaar, in 1975 kon hij zich inkopen bij Van der Moolen, het effectenhuis dat in 1892 was opgericht. Hij werd al snel de leidende figuur, samen met zijn kompaan Arie van Os, de latere penningmeester van Ajax.

[Vervolg VDM: pagina 9]

Kroon kon VDM niet loslaten

[Vervolg VDM van pagina 1]

Kroon en Van Os waren niet alleen succesvol als hoekman – de bemiddelaar tussen beleggers en effectenbanken – maar namen ook belangrijke strategische beslissingen voor Van der Moolen. De Siamese tweeling, luidde hun bijnaam.

Zo was Van der Moolen het eerste handelshuis dat met avondhandel begon. Het succesvol opkopen van een serie kleinere branchegenoten zorgde ervoor dat Van der Moolen in 1994 officieel het grootste hoekmansbedrijf op de Amsterdamse beursvloer werd, met bijna een derde van de markthandel in hanen. Daarmee troefde het zijn grote concurrent AOT af, het bedrijf dat in 1990 vergeefs samenwerking zocht.

Op dat moment was Van der Moolen zelf ook al een beursgenoteerd bedrijf, na een succesvolle beursgang eind 1986. Van Os en Kroon werden er definitief miljonair mee – de verkopende aandeelhouders streken gezamenlijk een kleine 30 miljoen gulden mee op. Maar voor Van Os was de lol er af. Hij trok zich terug als algemeen directeur, en werd door Kroon opgevolgd.

Kroon maakte een begin met internationale uitbreiding. Het Amsterdamse hoekmanshuis kreeg vestigingen in Londen en Frankfurt en kocht zich in in het effectenbedrijf in de Verenigde Staten.

De succesvolle opmars bleef niet onopgemerkt. Institutionele beleggers als HAL, ING en de Nationale investeringsbank (het huidige NIBC) kochten grote belangen. Directeur Kroon profiteerde van die belangstelling en de daardoor opgelopen beurskoers. In november 1996 verkocht hij zijn resterende belang van ruim 16 procent voor zo’n 50 miljoen gulden.

Toen had hij zijn vertrek al aangekondigd. In maart 1997 volgde Peter van der Lugt hem op. Nog voor Kroon feitelijk weg was vertelde hij al dat dat hem zwaar zou vallen. In een interview met zakenblad Quote zei hij: „Het is moeilijk om alles los te laten. Het is een kind van je geworden. Hoe gaat je opvolger ermee om? Je weet wat er gebeurt als je kinderen uit logeren gaan. Dan mogen ze de koektrommel leegeten en lekker laat naar bed.”

Kroon heeft zich later vooral kritisch uitgelaten over het beleid van zijn tweede opvolger, Fred Böttcher. Dat leidde tot een breuk: Kroon vertrok in 2002 uit de raad van commissarissen.

In 2006 verdween ook Böttcher van het toneel, en haalde Van der Moolen met de overname van het Britse effectenhuis Curvalue een nieuwe topman binnen, Richard den Drijver. Die kon het weer wel goed vinden met voorganger Kroon. Hij stelde hem aan als adviseur. Maar toen Kroon vorige maand in Het Financieel Dagblad zei nog steeds adviseur te zijn, en nog vijf à zes dagen met Van der Moolen bezig te zijn, voelde het bedrijf zich geroepen dat in een persbericht te corrigeren. „De heer Kroon is niet langer verbonden aan de onderneming als adviseur.”