Roodborstjes in de schooltas

Nijntje, Formule-1 of roze bloemetjes? Zes scholieren zoeken een nieuwe schoolagenda uit.

Romantische dessins, sportmerken, stripfiguren, voetbalclubs, kledingmerken of gewoon effen blauw. De schoolagenda is het meest verkochte item op de schoolcampus van V&D. Op twee staat kaftpapier. Daarna komen aanverwante zaken als schriften, mappen en etuis.

De brugklassers hebben eind mei hun slag al geslagen. Nu, tegen het eind van de zomervakantie, is de schoolspullenafdeling het domein van de oudere scholieren. Zoals deze dinsdagmiddag bij V&D op het Beursplein in Rotterdam.

Wie: Milan Lourens (14)

School: Wolfert Dalton, Bergschenhoek, derde klas Atheneum

Koopt: Twee rollen kaftpapier en een agenda. Allemaal van de New York Yankees

Geeft uit: minder dan 20 euro

Milan heeft zijn kuitbeen gebroken op de sportdag van school. Met zijn rolstoel manoeuvreert hij tussen de overvolle rekken kaftpapier, mappen en pennen. Op zijn schoot liggen drie agenda’s. Een van schoenenmerk Converse, een van de Formule-1 en een van de New York Yankees. Hij moet kiezen tussen deze drie. Waarom juist deze? „Omdat ik zelf altijd All Stars draag, graag naar de Formule-1 kijk en honkbal speel.”

Wat de rest van de klas heeft, maakt Milan niet zo veel uit. Schriften heeft hij niet nodig, omdat ze bij hem op school met laptops werken. „En ik heb nog een map van vorig jaar, dus die hoef ik ook niet te kopen.”

Zijn moeder knikt en zegt: „Vooral in de brugklas is het een duur grapje. Dan moet alles in één keer worden aangeschaft. Rekenmachines, passers, dat soort dingen. De jaren erna is het eigenlijk een kwestie van aanvullen.”

Milan wikt en weegt nog even. Dan wordt het toch die van de New York Yankees. Ook al is de binnenkant „een beetje saai”. Zijn moeder is tevreden, want deze agenda was afgeprijsd.

Wie: Ebony Martoredjo (14)

School: Christelijke Scholengemeenschap Maarten Luther Calvijn, Rotterdam-Zuid, derde klas VMBO

Koopt: O’Neill rugzak, etui, multomap, schriften, twee rekbare boekenkaften, groot schrift, dossiermap. Allemaal in groentinten, alleen de rugzak is roze-zwart geruit

Geeft uit: minstens 80 euro

Een agenda had Ebony al eerder gekocht. Een ‘Romantic’, roze, met roosjes, vogeltjes en een mijmerend meisje voorop. Een dik en zwaar boekje, want iedere dag heeft zijn eigen pagina. „Dat is niet zo handig, maar dat maakt me niet uit. Hij moet vooral leuk zijn.” De spullen die Ebony vandaag koopt, passen bij de agenda. Groen, glimmend en met romantische prints. „Mijn kamer is ook groen, vandaar. En ik hou van druk. Het moet niet te leeg zijn. Glimmend is ook goed.”

Meer spullen heeft Ebony voorlopig niet nodig, want ze had nog veel van vorig jaar. De rekbare boekenkaften lijken vooral Ebony’s moeder een uitkomst: „Hier kijk, dit materiaal is heel stevig. Dat kan volgend jaar makkelijk opnieuw gebruikt worden.”

Als Ebony voor meer dan 50 euro aan schoolspullen uitgeeft, exclusief de rugzak – „Een goede tas heeft ze gewoon nodig” – dan moet ze zelf bijbetalen van haar zakgeld. Haar moeder: „Ze wil alles van een merk. Dat mag, maar dan moet ze zelf bijbetalen. Zo leert ze meteen met geld omgaan.”

Wie: Vlad Pastolink (16) en Puck Boudesteijn (15)

School: Wolfert van Borselen, Rotterdam, vierde klas VWO

Kopen: een zak Bic-pennen, kleine schriften van Fokke & Sukke en grote zwarte schriften

Geven uit: 20 tot 25 euro

Anders dan de meeste vriendinnenclubjes, hebben Vlad en Puck geen uren over de afdeling gedwaald. Ze gingen recht op hun doel af en kochten gewoon de spullen die ze nog nodig hadden. Voor Vlad en Puck hoeven al die merken niet zo. „Dit is net zo goed en veel goedkoper.” Alleen de Fokke & Sukke schriften zijn een concessie aan deze no-logo benadering. Puck: „Ik ben fan van Fokke & Sukke.”

De grote schriften zijn voor de grote vakken. De kleine schriften voor de kleine. Grote vakken zijn voor Vlad economie, natuurkunde en scheikunde. Voor Puck, die een ander pakket koos, zijn het vooral de talen. „Bij die vakken moet je heel veel opschrijven. Zo’n schrift is zo vol.” Met kleine vakken bedoelen ze vakken zoals „art and design”. Puck licht toe: dat is „handenarbeid”.

Ze zitten op tweetalig onderwijs, dat is „handig voor later”. Vlad en Puck betalen de schoolspullen zelf. Vlad: „Ik heb deze zomer gewerkt, als verkoper bij de Mediamarkt.”

Wie: Lisa de Jong (15) en Kiki Leich (15)

School: Oude Maas, Spijkenisse, derde klas VMBO

Kopen: niets

Geven uit: niets

Lisa en Kiki hebben al hun spullen al. Lisa zoekt alleen nog een Paul Frank-etui, met Julius het aapje er op. Ze heeft er ook een agenda van. Er liggen rode, blauwe en legerprint etuis van Paul Frank. Maar die bedoelt ze niet. „In Spijkenisse hebben ze leukere, dus ik denk dat we niets kopen vandaag.” Lisa en Kiki blijken agendadeskundigen. „Het is belangrijk dat er een week op twee pagina’s staat, dus niet maar één dag op een pagina. Dan heb je geen overzicht.” Ook belangrijk is het touwtje. „Dan vind je meteen de dag.”

Dit jaar vinden Lisa en Kiki de agenda’s wat saai. Niet zozeer de buitenkant, maar van binnen. Weinig plaatjes. „Hier, kijk maar, veel wit, geen puzzeltjes of stickertjes.”

Wat de dames is opgevallen, is dat agenda’s van „kinderachtige figuurtjes” hot zijn onder de oudere scholieren. „Nijntje en Barbapapa en zo.” De ultra-populaire PIP-agenda, een romantisch boekje met roodborstjes, Delfts Blauw en kruissteekjes op de kaft, wilden ze niet. „Het merk is wel belangrijk, maar die PIP-spullen zijn echt te duur.” Een agenda van PIP kost 14,95 euro, een ‘postbodetas’ van PIP 79,95 euro.