Het raadsel van de zon

Heeft de mensheid wel voldoende kennis in huis om met enige kans op succes het effect van de CO2-ophoping te kunnen voorspellen? De zomer is tot dusver niet heet genoeg geweest om er helemaal zeker van te zijn. De aarde als geheel warmt ook al een paar jaar niet meer op zoals de klimaatmodellen voorspellen. En de Noordelijke IJszee is lang zo ijsvrij niet geworden als in het rampjaar 2007 waarschijnlijk leek.

Maar het is nooit helemaal gegaan zoals de modellen berekenden. Niemand heeft ooit beweerd dat ze volmaakt zijn, de ontwerpers niet en zeker niet de broeikas-sceptici, die ook nu weer de klimaatopwinding in de aanloop naar de nieuwe wereldklimaatconferentie zo fel ridiculiseren. De sceptici hebben een mooi succesje binnengehaald: liever dan aan het vermaledijde CO2 schreven ze de opwarming van de aarde al die jaren toe aan de gestaag toenemende zonneactiviteit – en waarachtig, nu de lusteloze zon opeens geen enkele activiteit meer vertoont, er wordt geen zonnevlek meer gezien, nu wordt het nog kouder ook.

Hebben zij dan al die tijd gelijk gehad? Dat is de vraag. Elf jaar geleden waren er ook nauwelijks vlekken, en elf jaar daarvoor ook niet. En in 1976 ook al niet. Toen werd het wel warmer. Het lukt de sceptici almaar niet aan te geven wát het dan is in de veranderingen op de zon dat zo’n zware invloed heeft op het aardse klimaat. De zon geeft soms meer, soms minder ultraviolette straling af en de zonnewind kan de kosmische straling wegdrukken. Het een heeft invloed op de temperatuur van de ozonlaag, het ander op de wolkvorming. De opwarming van de afgelopen eeuw blijkt er niet mee te verklaren. Maar vast staat dat de grilligheid van de zon, het onvoorspelbaar komen en gaan van zonnevlekken en zonnevlammen, bovenaan staat op de lijst van raadsels die op oplossing wachten.

In de zomerserie ‘Onkennis’ schrijven wetenschapsredacteuren over een opvallend gebrek aan kennis.