Corruptiebestrijder Indonesië stuit op verzet

De strijd tegen corruptie was een hoofdthema van de Indonesische president Yudhoyono bij zijn herverkiezing. Nu loopt zijn waakhond gevaar.

Door de ongewassen ramen met kapotte luxaflex komt weinig daglicht de Indonesische corruptierechtbank binnen. De turquoise vloerbedekking heeft zijn beste tijd gehad. Ooit is er een steen door de glazen voorgevel gegaan, maar niemand heeft de moeite genomen dat te repareren. Ondanks het armetierige uiterlijk, is dit de meest spraakmakende rechtbank van Indonesië.

De anticorruptierechtbank is het eindstation van het werk van de in 2004 opgerichte Commissie ter Uitroeiing van Corruptie (KPK). Indonesië scoort hoog op de lijst van corrupte landen maar de KPK en de corruptierechtbank moeten daarin verbetering brengen. Volgens corruptiewaarnemer Transparency International kan het reguliere rechtsysteem gezien worden als een van de meest corrupte instituties van Indonesië. Daarom wordt corruptie sinds vijf jaar in een parallel systeem door de KPK opgespoord en aangeklaagd voor deze in corruptiezaken gespecialiseerde rechtbank.

Hier werden de afgelopen twee jaar lange celstraffen uitgedeeld aan ambtenaren, bestuurders en politici die tot dan toe straffeloos hun gang konden gaan. Als hoogtepunt geldt de zaak tegen de schoonvader van president Yudhoyono’s zoon, die in juni 4,5 jaar gevangenisstraf kreeg. Niemand is veilig voor de anticorruptiecommissie, was de boodschap.

De vraag lijkt nu: hoe lang nog? Want sinds een paar maanden is de aanval op de commissie en haar rechtbank geopend. Het begon in mei, toen de inmiddels geschorste voorzitter van de KPK, Antasari Azhar, werd gearresteerd op verdenking van een moord. Al snel werd duidelijk dat de directieleden van de anticorruptiecommissie niet rouwig waren om het gedwongen vertrek van hun voorzitter. Dat geldt ook voor Adnan Topan Husodo van non-profitorganisatie Indonesia Corruption Watch: „Wij vonden de KPK-leider vanaf het begin verre van ideaal”, zegt hij. Antasari was vroeger openbaar aanklager in Jakarta, een ambt waar volgens Corruption Watch veel corruptie voorkomt. Volgens Husodo had Antasari als voorzitter van de KPK ook de neiging om zaken tegen bevriende verdachten te vertragen. „We waren blij toen hij als verdachte werd aangemerkt.”

Deze week bracht Antasari de anticorruptiecommissie echter zelf opnieuw in opspraak. Tegen de politie verklaarde hij dat een corruptieverdachte twee van de vier andere KPK-directeuren zou hebben omgekocht. „Ik geloof er niets van”, zegt voormalig KPK-directeur Erry Hardjapamekas. „Maar de politie ziet dit als een kans om de KPK te pakken.”

Want de aantijging komt op het moment dat de politie zelf in het vizier kwam van de KPK. Via een afgetapte telefoon zou de commissie hebben gehoord dat commissaris Susno Duadji, baas van de nationale recherche, een omkoopsom accepteerde. Deze Susno reageerde woedend dat „een hagedis niet een krokodil moet uitdagen”. Hij zei dat hij de opmerking slechts had gemaakt om zijn afluisteraars te misleiden. Sindsdien heeft de politie al een KPK-directeur ondervraagd over het ‘ongeoorloofd tappen van telefoons’, en probeert zij de beschuldigingen van Antasari hard te maken. Volgens weekblad Tempo zou de politie al een paar keer op het punt hebben gestaan KPK-directeuren arresteren.

Maar ook voor andere overheidsinstanties die voor corruptie worden aangepakt, was de arrestatie van de voorzitter een startsein om het werk van de commissie te dwarsbomen. Zo gebruikt het parlement een vertragingstactiek om de corruptierechtbank te ondermijnen. In 2006 besloot het Constitutioneel Hof dat de corruptierechtbank ongrondwettelijk was. Binnen drie jaar moest het parlement een wet goedkeuren om haar officiële status te geven, anders zou ze worden opgedoekt.

Maar de volksvertegenwoordigers hebben geen haast, al is het maar omdat negen van hen door de corruptierechtbank tot lange celstraffen zijn veroordeeld. Vier maanden vóór de deadline is de wet er nog niet en de kans is klein dat die er op tijd komt.

Ook een ander overheidsorgaan, de interne toezichthouder BPKP, richtte zich onverwachts tegen de anticorruptiecommissie door 25 medewerkers terug te eisen die bij de commissie gestationeerd waren. Ook kondigde zij, ongeoorloofd, aan de commissie te zullen doorlichten.

„De koruptors vechten terug”, zegt Husodo. Hij denkt dat politici en zakenlieden die zich bedreigd voelen door de KPK, nu hun kans grijpen om de commissie aan te vallen. Op het moment werkt ze aan een paar grote zaken, zegt hij, onder andere rond een voormalige minister.

De KPK kijkt daarom voor steun naar de president. Yudhoyono werd een maand geleden herkozen, mede dankzij het succes van de commissie. Hij gold als de enige kandidaat met een integer imago. Tijdens zijn campagne kondigde hij al aan een spoedwet voor het behoud van de corruptierechtbank te zullen uitvaardigen, als het parlement niet op tijd in actie komt. Inmiddels heeft de president al gesproken met de politie. Oud-directeur Hardjapamekas: „Het publiek en de media staan aan de kant van de KPK. En als de president zich er sterk voor maakt, denk ik niet dat het voortbestaan van de commissie echt in gevaar zal komen.”