Zwerfkeien met bladgoud

Bij sommige kunstopdrachten zie je bijna de twijfels van de kunstenaar voor je. Een busstation in Zoetermeer? Een tochtgat vol verkeer en drukte? Daar een beeld voor ontwerpen? Een paar jaar geleden werd Centrum West, het bus- en treinstation in Zoetermeer, opnieuw ontworpen. Links bussen, midden een schuine fietsbaan, rechts een grootse entree voor een winkelcentrum met hoge glazen puien en bovenin, als een soort architectonisch statement, een ufo-vormige bol die een fitnesscentrum huisvest.

Dit alles verving de smerige overkapping van de bushaltes waar voortdurend iets wits uit de plafonds sijpelde en stalactieten vormde, ongeacht de weersomstandigheden. Shoarmatent Jeruzalem en zijn schrootjesbehuizing verdween, een bankgebouw kwam ervoor terug en nu domineert de naam ‘Rabobank’ in koeienletters het nieuwe plein.

Het nieuwe station moest worden bekroond met een kunstwerk. De opdracht ging naar Joost van den Toorn, een beeldhouwer die onder meer bronzen fantasiewezens maakt door folklore, kitsch, religieuze en andere figuratieve tradities te mengen. Zijn stijl is vriendelijk naïef en van een lompe eenvoud. Het is werk dat tegenstellingen verenigt. Waarschijnlijk kon de kunstenaar daardoor deze opdracht goed aan.

Eind vorig jaar werden De Aardappelmannetjes onthuld. Drie enorme zwerfkeien had de kunstenaar uit Denemarken gehaald, opgestapeld, en twee ervan voorzien van een gestileerde neus, mond en ogen van bladgoud. Iedereen kent uit zijn jeugd nog wel de felgekleurde prikkers die je in een aardappel steekt zodat het een mannetje lijkt. Lollige figuurtjes, die metershoog wat eng worden, met die brede grijns en opengesperde ogen die je hysterisch aanstaren. Ruwe steen, glanzend goud – dit acht meter hoge beeld valt op. Voor de snelle kijker staat er een glanzend sieraad voor het plein. Voor de goede kijker staat er een beeld dat blijft boeien, want hoe langer je kijkt, hoe monsterlijker het wordt.

Bij dit soort ruimtes zie je de lastige ontwerpopgaves er vaak aan af: de busbanen moeten zus, het looppad zo, er moet een trein onderdoor en er is nog een architect wiens ideeën er ook ingepast moeten. Als kunstenaar moet je dan oppassen dat je die vraagstukken niet gaat oplossen en zelf ook een compromis neerzet. Van den Toorn heeft dat goed begrepen. Zijn beeld is zo eigenwijs, mooi glimmend en grotesk lelijk tegelijk, dat het bestand is tegen de compromissen van de openbare ruimte.

De Aardappelmannetjes, Centrum West, Zoetermeer.