Voorkennis bij Société Générale

Bestuurder Jean-Pierre Mustier van de Franse bank Société Générale is gisteren opgestapt omdat hij beschuldigd wordt van handel met voorkennis. Ook tegen voormalig commissaris Robert Day is toezichthouder AMF een procedure begonnen.

Mustier gold tot vorig jaar als kroonprins van de jarenlange topman Daniel Bouton, tot hij onder druk kwam te staan door de affaire-Kerviel. Mustier was toen directeur van de zakenbank van Société Générale, die begin vorig jaar 4,9 miljard euro verlies leed door de ongeoorloofde handel van Jérôme Kerviel. Hij werd overgeplaatst na kritiek op de interne controle onder zijn leiding. Zijn vertrek bij Société Générale werd al verwacht, aan het einde van dit jaar.

De bank liet gisteren weten dat Mustier nu op eigen initiatief met onmiddellijke ingang is vertrokken, zonder vertrekpremies, nadat hij een brief heeft ontvangen van de Franse beursautoriteit AMF. De verdenkingen houden geen verband met de affaire-Kerviel.

Bestuursvoorzitter Oudéa van SG verklaarde gisteren „persoonlijk overtuigd” te zijn van Mustiers onschuld. Het onderzoek zou zich richten op augustus 2007, toen Mustier besloot al zijn aandelen en beleggingen van de hand te doen, behalve een deel van zijn belang in Société Générale. Op de website van Le Nouvel Observateur verklaart Mustier te hebben gehandeld op basis van openbare informatie over verwachte liquiditeitsproblemen bij banken.

De AMF zou vermoeden dat voorkennis de bankier tussen de 50.000 en 200.000 euro heeft opgeleverd. Aangenomen wordt dat het gaat om een relatief klein aandeel van de portefeuille van Mustier, die een grote reputatie had opgebouwd als beurshandelaar.

De procedure van de AMF tegen ex-commissaris Robert Day houden wel verband met de affaire-Kerviel. Day zou kort voordat de affaire aan het licht kwam voor 40,5 miljoen euro aandelen in SG hebben verkocht.