Voor het eerst latina in Hooggerechtshof

Republikeinse senatoren die tegen de benoeming van Sotomayor tot opperrechter stemden, dreigen latino kiezers nog verder van zich te vervreemden.

Sonia Sotomayor Foto AP President Barack Obama's Supreme Court nominee, Sonia Sotomayor, concludes her testimony before the Senate Judiciary Committee on the fourth day of her confirmation hearing, on Capitol Hill in Washington, Thursday, July 16, 2009. (AP Photo/J. Scott Applewhite) AP

Nu de Amerikaanse Senaat gisteren heeft ingestemd met de benoeming van Sonia Sotomayor tot opperrechter, zal voor het eerst een van de negen leden van het Hooggerechtshof een latino zijn. Een historisch moment, zei president Obama kort na de stemming in de Senaat, en een „prachtig moment voor de familie van Sotomayor – en voor de Verenigde Staten”.

Het was ook een belangrijk moment voor de president zelf, ook al stond al lang buiten kijf dat de door Obama voorgedragen Sotomayor de stemming zou overleven: de Democraten hebben zestig van de honderd stemmen in de senaat en enkele Republikeinen hadden al laten blijken ook voor Sotomayor te zullen stemmen. Obama is zijn eerste benoeming in het hoogste rechterlijke college van het land – voor iedere president een zeldzame kans om de richting van het land tot in lengte van jaren te beïnvloeden – zonder kleerscheuren doorgekomen.

Opperrechter John Roberts zal Sotomayor zaterdag de eed afnemen. In september kan ze al deelnemen aan een belangrijke hoorzitting van het hof over de financiering van verkiezingscampagnes.

Ze volgt de door vader Bush benoemde David Souter op, die dit voorjaar bekendmaakte dat hij met pensioen gaat. Souter was in de loop der jaren steeds meer gaan behoren tot het linkse deel van het hooggerechtshof. Met de benoeming van Sotomayor zal er daarom naar verwachting geen verschuiving optreden in de ideologische balans binnen het hof.

Alle Democraten stemden voor Sotomayor (55), die zich als dochter van arme Puerto-Ricaanse immigranten uit de Bronx heeft opgewerkt tot aanklager en later rechter. Alleen senator Edward Kennedy, die lijdt aan hersenkanker, moest verstek laten gaan.

De meeste Republikeinse senatoren (31 van de 40) stemden tegen Sotomayor. Van te voren hadden politieke analisten gewaarschuwd dat ze daarmee veel steun kunnen verspelen onder latino’s, een belangrijke groep kiezers (vijftien procent van de bevolking) waar de Republikeinen de afgelopen jaren steeds minder op kunnen rekenen. Bij de presidentsverkiezingen in november stemden twee keer zo veel latino’s op Obama als op zijn Republikeinse rivaal McCain.

Maar in conservatieve hoek bestonden grote bezwaren tegen Sotomayor, die als rechter zou hebben bewezen dat ze zich te veel laat leiden door haar politieke overtuiging en persoonlijke betrokkenheid.

Veel aandacht trok een opmerking die ze had gemaakt in een toespraak in 2001: ik mag hopen, zei ze, dat een verstandige latina rechter meestal een beter besluit neemt dan een blanke man. Obama had al tijdens zijn verkiezingscampagne gezegd dat hij op zoek zou gaan naar kandidaten voor het Hooggerechtshof die beschikken over inlevingsvermogen. Dat gaf tegenstanders van Sotomayor munitie om te zeggen dat de kandidaat op grond van haar levensverhaal wel veel betrokkenheid kan hebben, maar dat onpartijdigheid en respect voor de grondwet veel belangrijker is.

Ook werd Sotomayor verweten dat ze als lid van een gerechtshof in New York een claim afwees van zeventien brandweermannen (zestien blanken en een latino), dat ze bij hun poging promotie te maken gediscrimineerd waren door hun werkgever. Deze had de resultaten van een test geschrapt, toen bleek dat zwarte brandweerlieden slechte resultaten behaalden.

Na afloop van de stemming haastten veel Republikeinse tegenstemmers, onder wie McCain, zich om te benadrukken dat ze niet tegen latino’s zijn.