Het totale niks

Vier jaar geleden stond ik achter het doel van Henk Timmer, en wat had ik nu graag achter het doel van Nikolaj Michailov gestaan. Zulke momenten komen zelden voor, je moet ze koesteren. Momenten van het totale niks. Alles om je heen was gaan stralen, en plotseling ging het licht uit. Het fort van hoop en verwachting dat je anderhalf uur lang had gemetseld, slotgrachtje hier, portiertje daar, is een smeulende ruïne. Het woord ‘verbijsterend’ hoor je te vaak in het Journaal om recht te doen aan de immense leegte zoals die in mei 2005 werd gevoeld in Alkmaar, en dinsdag in Enschede. We hadden die jongens van Sporting Portugal in de zak. In de laatste minuut van de extra tijd mochten ze een corner nemen, maar dat gaf niet. Toen niet en nu niet. Scoren in slotminuten uit corners was iets van vroeger. Moderne defensies wapenen zich daartegen. Kwestie van je mannetje dekken en afspraken nakomen. Geen vuiltje aan de lucht. Kom maar op met die corner.

En dan zit-ie.

AZ destijds uitgeschakeld voor de finale van de UEFA Cup, FC Twente nu voor de Champions League. In een roman is zoiets onmogelijk, romans moeten geloofwaardig zijn. Sport is niet geloofwaardig. Het toeval zoent je, het geselt je. De helden vallen op de grond en je weet dat hun tranen echt zijn. Vaak stellen ze zich aan, steeds vaker eigenlijk, maar dit is echt. Alles is echt, en wreed. De tragiek van de snelle ondergang is heerlijk omdat je er later met een zeker genoegen aan zult terugdenken. Voor kwesties van leven en dood geldt dat niet, voor voetbal wel. Bij FC Twente duurt dat nog even, maar het genoegen komt, let maar op. In spreekbeurten en kroegen zal men zeggen: ik was erbij. Onvergetelijke avond gehad, unieke ervaring. En de toehoorder denkt: hij wel. Waar was ik eigenlijk?

Fysieke aanwezigheid is belangrijk. De misère woekert door je middenrif. Je kijkt omhoog naar de hemel waar alles zwart is, vol wijsheden die jouw pet te boven gaan. Met zijn allen heel even ontkennen dat de bal in het doel ligt. De scheids keurt hem af, het was een grap – natuurlijk. Zo meteen trapt onze keeper uit, het laatste fluitsignaal klinkt en dan hebben wij gewonnen. Want dat stond inmiddels vast.

Ook het geluid van het totale niks is onovertroffen. Het kabaal om je heen was achtergrondmuziek geworden, je hoorde het al niet meer. Totdat iemand achter de mengtafel alle knoppen omdraaide. Quadrafonische herrie versmalde tot een reepje blijdschap in het vak van de bezoekers. Dat is prachtig, dat is verschrikkelijk.

Je moet het meegemaakt hebben, al is het één keer in je leven.