Verhagen houdt vast aan harde lijn

Nederland was afwezig toen het presidentschap van Ahmadinejad in Iran maandag werd bekrachtigd.

Vandaag is bij de inauguratie wel een diplomaat, maar geen ambassadeur aanwezig.

Nederland was afgelopen maandag in tegenstelling tot veel andere EU-landen afwezig in Teheran waar op een ceremoniële bijeenkomst geestelijk leider van Iran, ayatollah Khamenei de verkiezing van president Ahmadinejad bekrachtigde. Vandaag, als de officiële inauguratie door het parlement plaatsvindt, geeft Nederland wel acte de présence, maar op laag diplomatiek niveau: niet de ambassadeur maar de tweede man zal er zijn.

Op die manier wil Nederland protesteren tegen de gang van zaken bij de omstreden en door ernstige ongeregeldheden beheerste presidentsverkiezingen van juni. Of, zoals minister Verhagen (Buitenlandse Zaken, CDA) begin vorige maand in de Tweede Kamer zei: „Er kan, wat mij betreft, gelet op het vreselijke optreden geen sprake zijn van business as usual. Daarvoor zijn de gebeurtenissen van de afgelopen weken te ernstig.” Volgens hem hadden Ahmadinejad en het regime hun geloofwaardigheid deels verloren als gevolg van het gewelddadige optreden tegen demonstranten.

Tijdens het debat in de Tweede Kamer was Verhagen nog vol lof over de gemeenschappelijke lijn die de Europese Unie tot dan toe had ingenomen tegenover Iran. Die eenheid lijkt nu weg. Want hoewel Nederland vandaag op ‘laag’ niveau aanwezig zal zijn, vaardigt Zweden, dat momenteel als voorzitter van de EU fungeert namens de gehele Unie, een ambassadeur af. De landen die hebben gekozen voor een volledige aanwezigheid vinden dat directe communicatie met de Iraanse autoriteiten mogelijk moet blijven en dat een boycot de communicatie in de toekomst zou belemmeren, aldus minister Verhagen deze week in een brief aan de Kamer.

Hij is het hier niet mee eens. Volgens Verhagen zou een ‘normale’ aanwezigheid bij de bijeenkomst van maandag of die van vandaag „ten onrechte” kunnen worden uitgelegd als „instemming met de huidige situatie” in Iran.

Met deze principiële opstelling heeft minister Verhagen al bij voorbaat de instemming van de Tweede Kamer. Die riep vorige maand het kabinet in een met algemene stemmen aanvaarde motie op „eensgezind en krachtig protest” te laten horen en maximale druk uit te oefenen op de Iraanse autoriteiten. Het terugroepen van de ambassadeur zoals wel is gesuggereerd door de PVV hoort daar niet bij. Want daarmee zouden alle contacten met het land verbroken worden wat de mensen die in Iran protesteren niet helpt, zo luidt het kabinetsbeleid.

Nederland speelt toch al een bijzondere rol, getuige het dit weekeinde in Teheran begonnen proces tegen demonstranten en leden van de oppositie in verband met hun activiteiten bij de verkiezingsdemonstraties. Die revolutie zou door Nederland actief zijn gesteund luidt de aanklacht. Het komt overeen met de protesten die de tijdelijk zaakgelastigde van Iran in Den Haag in juni ook al overbracht. Hij had het toen over terroristische groeperingen waarmee hij doelde op het met Nederlands subsidiegeld gesteunde oppositionele radiostation Radio Zamaneh. In totaal is hier de afgelopen jaren 6,6 miljoen euro voor beschikbaar gesteld. Volgens Verhagen was deze steun in lijn met het beleid van de regering om de vrije pers in tal van landen ondersteunen.

Hij was dan ook niet onder de indruk van de kritiek uit Teheran.