Innige samenwerking tussen Apple en Google lijkt voorbij

Worden Apple en Google dan tenslotte toch echt concurrenten? De regering-Obama had al vraagtekens gezet bij de samenwerking tussen beide toonaangevende technologiebedrijven. De afwijzing door Apple van een Google-applicatie voor zijn iPhone zorgde ervoor dat in Washington nóg een alarmbel afging, deze keer met betrekking tot de mobieletelefoniesector. Toeval of geen toeval, Eric Schmidt van Google verlaat nu ook eindelijk de raad van commissarissen van Apple.

Bij het melden van het vertrek van Schmidt merkte Apple-baas Steve Jobs op dat potentiële belangenconflicten het voor de Google-topman steeds moeilijker hadden gemaakt om volledig aan de beraadslagingen deel te nemen. Eén lastige kwestie die daar besproken moet zijn: de vraag Apple waarom het programma Google Voice uit zijn App Store, de mobiele softwarewinkel voor de iPhone, heeft gegooid.

De FCC (Federal Communications Commission) wil onder meer weten of AT&T een rol heeft gespeeld bij deze beslissing. AT&T zou als enige aanbieder van iPhone-abonnementen in de VS veel kunnen verliezen door toedoen van het goedkopere internetbellen met behulp van de software van Google. De vragen van de Amerikaanse regering passen in een breder onderzoek naar mogelijk concurrentievervalsende praktijken in de mobieletelefoniesector.

De mate waarin Jobs en Schmidt ook daadwerkelijk ruzie hebben gemaakt over de zaak rond Google Voice is niet duidelijk. Maar louter als een gevoelskwestie zou het voor beiden de laatste druppel kunnen zijn geweest. De federale autoriteiten keken al met een schuin oog naar raden van commissarissen, waarin vertegenwoordigers van potentiële concurrenten zaten. En Apple en Google staan steeds frontaler tegenover elkaar op terreinen als besturingssystemen voor smartphones en webbrowsers.

Voor de consument kan de steeds grotere nadruk op concurrentie tussen technologiefirma’s met grote namen eigenlijk alleen maar goed zijn – als Apple bijvoorbeeld zijn concurrent probeert de loef af te steken of omgekeerd, kan dat tot snelle, nuttige innovaties leiden. En als de overheid dan ook nog een extra zetje geeft, zal een aantal van die innovaties misschien gebruik moeten kunnen maken van elkaars besturingssystemen. Wellicht is dat wat veel gevraagd. Maar het lijkt erop dat een iets minder jongensclub-achtige toekomst in het verschiet ligt.

Richard Beales

Vertaling Menno Grootveld

Voor meer commentaaruit Londen:www.breakingviews.com