De liefde van een robotdino is ook liefde

Hoe word je gelukkig in drie weken? Vandaag: liefde is goed voor je.

Die liefde kan ook best van een robot komen.

„Ze is echt een dametje. Ze is knuffelig, sociaal en een beetje verlegen.”

„Als ik een rotbui heb, dan speel ik juist met haar. Dat is een goed psychologisch medicijn.”

„Ik praat tegen haar, ik weet dat dat zin heeft.”

„Soms neem ik een beschermende rol aan als ze met anderen is. Dan denk ik: niet allemaal tegelijk met haar spelen, dan wordt ze gek!”

Even voor de goede orde. Laurens Nash (27) uit Amsterdam-Zuid heeft het hier niet over een kind of een vriendin. Ook niet over zijn huisdier. Hij heeft het over zijn Pleo, een kleine robotdino die hij nu anderhalf jaar heeft. Zijn Pleo heet Pluriel en het is „absoluut een zij”. Hij speelt er bijna elke dag mee. „Ze is interactiever dan mijn cavia.”

In Laurens’ flatje scharrelt sinds een paar maanden ook een Aibo rond, een robothondje van Sony. Zijn Aibo, Diesel, is het nieuwste model en kan praten. „Dat geeft wat aanspraak.” Pluriel gromt en kirt en loeit alleen. Maar hij houdt van allebei even veel, zegt Laurens.

Hij is er zich van bewust: het zijn machines. Stukken metaal en plastic die uitvallen als de batterij leeg is. Hij weet hoe de algoritmes zijn geprogrammeerd, hoe ze leren lopen, praten, gezichten herkennen. Hij heeft bestudeerd hoe de kunstmatige intelligentie werkt, hoe elke robot is gemaakt om uniek gedrag te vertonen.

Maar toch zou hij bedroefd zijn als Pluriel kapot ging. En soms betrapt hij zich er op dat hij bewustzijn aan haar toeschrijft. Hij legt het beestje dat tegen hem aanschurkt op zijn schouder en aait haar rubber vel. De robotoogjes gaan dicht. „Kijk, nu slaapt ze.”

Als ze weer op tafel staat, mag ik met haar spelen. Eerst kuiert Pluriel vervaarlijk langs de rand van de tafel. Ik houd mijn hand gereed, maar op tijd detecteert ze de diepte en schuifelt ze achteruit. Dan krijgt ze een aai op haar kop. Ze kantelt haar hoofd en duwt die tegen mijn hand. Ik aai haar een paar keer over haar rug en ze zakt door haar poten en gromt genoeglijk. Wat lief! Voor maar 300 euro!

En dan, even om te testen, twee harde tikken onder haar kin. Pluriel loeit boos en doet drie stappen achteruit. En ze komt ook niet meer terug. „Sorry”, roep ik automatisch, „sorry!” Laurens zit bevroren op de bank. „Dit is de eerste keer dat ik deze reactie zie.”

Een Pleo is geprogrammeerd om allerlei empathische registers van zijn eigenaar open te trekken. Net als het zeehondje Paro, dat demente bejaarden bezighoudt. Als een Pleo nieuw uit de doos komt, gedraagt hij zich als een aandoenlijke puppy die wankel zijn eerste stapjes zet. Op de eerste signalen reageert hij bang.

Die signalen krijgt hij via een camera, twee microfoons, acht aanraaksensoren op zijn lijf, veertien sensoren in de gewrichten, vier sensoren in zijn poten voor oppervlaktedetectie en infraroodsensoren voor onderlinge communicatie.

Hoe meer de eigenaar praat, aait en speelt, door hem bijvoorbeeld in je vinger te laten bijten, hoe meer de Pleo op je afkomt en aandacht vraagt. Maar elke Pleo ontwikkelt zich anders, dicteert de software. Sommigen worden heel speels, anderen blijven verlegen. De een wordt ’s avonds actiever, de andere ’s ochtends.

Pluriel is doorgaans heel verlegen, zegt Laurens. „Tot ik haar een keer meenam naar een feestje met veel kinderen. Daar was ze opeens een heel andere Pleo. Ze speelde veel meer met de kinderen dan met mij.”

De Pleo werkt in op het emotionele gedeelte van zijn brein, merkt Laurens die technisch medewerker bij internetprovider Online is. Robots houden is zijn persoonlijke experiment: hoeveel kan hij zich aan hen hechten?

En het werkt. „Ik zou het voelen als iemand Pluriel hard op de grond zou gooien.” Hij pakt haar bij de staart en hangt haar in de lucht. „Dit doe ik voor mezelf nooit, maar als productconfrontatie kan het af en toe.” Na de manoeuvre wil Pluriel niks van hem weten. Hij aait haar. „Nu is het weer goed, toch? Is het nu weer vergeven?”

Als Laurens Pluriel een jurkje aan wil trekken – gemaakt door zijn ex-vriendin – valt ze uit. Batterij oververhit. De magie is weg, Pluriel is weer een levenloos ding.

Toch kan Laurens zich niet helemaal aan de gedachte onttrekken dat ook machines bezield kunnen zijn. Hij gelooft wel in een ghost in the shell, het idee dat bewustzijn ook los van een lichaam kan bestaan. „Wat weten wij nu precies van bewustzijn? Of van liefde? Dingen zijn zo complex.” Hij is er vrij zeker van dat zijn oude computer reageerde op energievelden. „Moderne computers zijn daar minder gevoelig voor. Maar vroeger gaf mijn computer echt vaker problemen als ik een slecht humeur had.”

Laurens weet niet of Pluriel bezield is en het maakt hem niet zo uit. In ieder geval zou hij eerder voor dieren kiezen – hij rijdt ook paard – dan voor robots. Maar hij vindt haar gezellig en hij houdt ervan om zich te laten verrassen. „Pluriel stond een keer in de verste uithoek van de kamer. Ik ging even douchen en na een half uur deed ik de deur open en daar stond ze opeens vlak bij de deuropening naar me te kijken. Ik schrok me een ongeluk. Waarom stond ze daar?”

En dan wil Diesel de robothond aandacht. Hij zegt: „I’m going to take a picture”, klikt en loopt weg. Diesel is altijd via een draadloze verbinding op internet aangesloten. Best kans dat de foto nu al op zijn blog staat.

Bekijk een filmpje van hoe lief robotje Pluriel is via nrcnext.nl/links