Inmiddels is Clare overleden aan de gevolgen van zonnen

Elk jaar komen er 36.800 mensen met huidkanker bij.

We weten dat zonnen gevaarlijk is, maar blijven het doen. In Australië weten ze beter hoe je te ontmoedigen.

Op 13 september 2007 overleed Clare Oliver (26) aan huidkanker. Op haar 22ste werd een melanoom bij haar ontdekt, veroorzaakt door te veel zonnen. Sindsdien voerde ze campagne tegen zonnestudio’s, om Australiërs bewust te maken van de gevaren van te veel uv-straling. Na haar dood werd onder haar naam een landelijke tv-campagne gelanceerd: No tan is worth dying for. In de campagne, waaruit deze stills komen, zegt Oliver: „Over iets meer dan een week word ik 26, en ik weet niet eens of ik dat haal. Kijk naar mij – wat zou jij kiezen? Ik denk dat ik zou kiezen voor leven. Ik kies ervoor om eerlijk te zijn en de wereld te zien en om niet op mijn 26ste dood te gaan. Want dat wil ik niet. Dat is nou leven met een melanoom.” Stills uit de Australian Cancer Council-campagne

Lekker bakken in de zon, het kan deze week weer volop. Badhanddoek mee – en hop, naar het strand.

Maar zonnen is bepaald niet zonder gevaar. Jaarlijks komen er volgens KWF Kankerbestrijding 36.800 nieuwe huidkankerpatiënten bij in Nederland. In 2000 waren dat er nog 20.800. En dat terwijl het overgrote deel van de huidkankergevallen kan worden voorkomen: 90 procent.

Waar komt deze explosieve toename vandaan?

Voor een deel komt het door de vergrijzing, zegt Martino Neumann. Hij is dermatoloog bij het Erasmus Medisch Centrum en voorzitter van het Huidfonds. Huidkanker is namelijk van oudsher een ouderdomsziekte: het wordt veroorzaakt door de opbouw van uv-straling in de loop van je leven. Hoe ouder je wordt, des te meer straling je hebt gehad. En des te hoger dus de kans op huidkanker.

Maar er is meer. „De toename komt ook door de babyboomers”, zegt Neumann. „Die konden als eerste naoorlogse generatie verder en vaker op vakantie. Zij vestigden de cultuur dat bruin zijn mooi is.” Omdat huidkanker tijd nodig heeft om zich te ontwikkelen, zien we nu pas de effecten. De babyboomers die in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw gingen zonnen aan de Middellandse Zee, krijgen nú huidkanker.

Tegelijkertijd worden de huidkankerpatiënten steeds jonger. „Dat komt doordat ‘naar de zon’ een vakantiebestemming an sich is geworden”, zegt Marjolijn Swart van KWF Kankerbestrijding. „We gaan niet alleen in de zomer, maar óók in de herfst of met de Kerst.” Op jaarbasis hebben we dus meer zonuren dan twintig jaar geleden. Ook de opkomst van de zonnebanken in de jaren tachtig van de vorige eeuw draagt bij aan deze trend. Vorige week nog zijn zonnebanken officieel kankerverwekkend verklaard door de Wereldgezondheidsorganisatie.

Hoewel veel volwassenen redelijk goed op de hoogte zijn van de risico’s, handelen ze daar niet naar. Nog steeds smeert eenderde van de zonaanbidders zich nooit in. Zeker op vakantie in eigen land en bij uitjes als tennissen en golfen „beschermen Nederlanders zich onvoldoende”, zegt Swart. Een beetje zon is niet erg, „dat is belangrijk voor de aanmaak van vitamine D”. Maar vaak zonnen mensen te lang en onbeschermd, waardoor ze verbranden.

Ouders beschermen ook hun kinderen onvoldoende, de laatste oorzaak van de toename. Kinderen zijn namelijk het meest gevoelig voor de zon. Wie in zijn jeugd verbrandt, heeft later meer kans om huidkanker te krijgen. Met name melanoom, de dodelijkste vorm van huidkanker. Dat zegt de Velthuiskliniek, een cosmetische privékliniek die zich ook specialiseert in huidoncologie. Toch verbrandt 30 procent van de Nederlandse kinderen ieder jaar één of meer keer.

En huidkanker mag dan niet zo dodelijk zijn als andere kankervarianten, het heeft wel degelijk levenslange gevolgen. Een woordvoerder van de Velthuiskliniek zegt dat huidkanker in het gezicht „verminkingen op kan leveren”. Ook komt huidkanker vaak meerdere keren terug, wat vele behandelingen en controles met zich meebrengt. Jaarlijks sterven 600 Nederlanders aan huidkanker.

Een schrikbarend cijfer, zeker als je weet dat er al tientallen jaren wordt gewaarschuwd tegen de gevaren van zonnen. Zo heeft KWF Kankerbestrijding deze maand weerman Peter Timofeeff in de strijd geworpen: Zon beter met Peter, luidt de slogan van Fight Cancer, het actieplatform voor jongeren van KWF Kankerbestrijding.

Maar kennelijk werken de campagnes voor bewust zonnen niet. Zijn ze misschien te zachtaardig? In Australië bijvoorbeeld, zijn de campagnes steeds harder geworden. Daar zong ‘zeemeeuw Sid’ in 1981 nog wat Australiërs moesten doen in de zon: ’Slip, slop, slap. It sounds like a breeze when you say it like that. Slip, slop, slap. Slip on a shirt, slop on sunscreen and slap on a hat.’ Het aanstekelijke liedje was enorm succesvol, maar door de jaren heen merkte de Australische Cancer Council dat een hardere aanpak beter werkte.

Dus laten de tv-campagnes sinds de jaren negentig steeds confronterender beelden zien. Een spotje uit 1996 toonde close-up hoe een huidtumor op de neus wordt verwijderd. En in 2008 kwam de commercial No tan is worth dying for op tv, over Clare Oliver die op haar 26ste overleed aan huidkanker.

Australië stak de afgelopen drie jaar 16 miljoen dollar (9,3 miljoen euro) in tv-campagnes tegen zonnen. En met succes. Australische kinderen lopen op het strand in zonwerende wetsuits met mouwtjes en hoedjes, speeltuinen worden overdekt met shade sails en de laagste factor zonnebrand die in de schappen ligt is Sun Protection Factor (SPF) 30.

Tegenover de 16 miljoen dollar in Australië staat 0 euro subsidie van de Nederlandse overheid. Toegegeven: de nood in Australië is hoger. Het land heeft de meeste huidkankerpatiënten ter wereld. Jaarlijks komen daar 430.000 nieuwe gevallen bij (op een bevolking van 21 miljoen). De Australische Cancer Council geeft aan dat twee op de drie Australiërs voor hun zeventigste huidkanker krijgen. Het eiland bevindt zich in de zomer dan ook recht onder het gat in de ozonlaag.

De Australische ziekenhuizen zijn jaarlijks ruim 300 miljoen dollar (ongeveer 172 miljoen euro) kwijt aan het behandelen van huidkanker. Maar volgens de Australische Cancer Council levert elke dollar die wordt geïnvesteerd door de overheid, binnen twintig jaar 2,32 dollar aan verminderde gezondheidszorgkosten op. Het Nederlandse ministerie van Volksgezondheid is echter niet van plan campagnes te gaan subsidiëren, aldus een woordvoerder: „Huidkanker is inderdaad een groeiend probleem. Gelukkig is de overlevingskans bij de meeste huidkankers goed.”

Nederland doet het anders. In april 2008 werd de Johnny Shadow-campagne gelanceerd door KWF Kankerbestrijding om basisschoolkinderen bewust te maken van de gevaren van zonnen. Dit zwarte, lachende mannetje met vrolijke kuif rijdt in zijn camper rond in spotjes op Zappelin en Nickelodeon. Ook worden op basisscholen lespakketten en ‘smeerstations’ met zonnebrandcrème uitgedeeld.

Of de kinderen echter de goede doelgroep voor de campagnes zijn, is de vraag. Op de Ten Boomschool in Maarssen werd het smeerstation van de Kankerbestrijding enthousiast ontvangen. Kleuterleerkracht Wilmy van Eijk vertelt: „De kinderen roepen nu voor het buitenspelen: juf, we moeten nog insmeren! En tegen elkaar: anders krijg je huidkanker hoor!” Maar niet meer dan twee of drie kinderen op een klas van dertig worden thuis ingesmeerd als het zonnig is, merkt ze.

„Het zijn de ouders die de zonnebrand aanschaffen”, zegt Winfried Brok. Hij is directeur van basisschool Sancta Maria in Bergen op Zoom, waar ook een smeerstation is geplaatst. „De ouders zijn niet onder de indruk van een vrolijk mannetje als Johnny Shadow. De maatschappij verhardt, dus moeten de spotjes ook harder. De ouders moet een schrikbeeld worden aangejaagd. Ze moeten een roodverbrand kind te zien krijgen, dát maakt ze alert. Als ze zouden weten hoe ernstig het is, zouden ze er wel anders over denken.”

Bekijk de commercial No tan is worth dying for via nrcnext.nl/links