VS, bestrijd de hypocrisie bij de VN

Met de toetreding van de VS tot de Mensenrechtenraad van de VN kan een einde komen aan het dubbelspel van sommige landen, vindt Frank Kuitenbrouwer.

‘De recente geschiedenis laat zien dat er weinig te winnen is met buiten de tent te blijven”. Zo kondigde de Amerikaanse ambassadeur bij de Verenigde Naties, Susan E.Rice, de terugkeer van haar land in de Mensenrechtenraad van de wereldorganisatie aan. De regering- Bush was weggebleven toen de bestaande en sterk verpolitiekte mensenrechtencommissie van de VN werd opgewaardeerd tot de nieuwe raad. Volgens Bush was het alleen maar oude wijn in nieuwe zakken. Hij voelde toch al niet veel voor multilateraal overleg. Met alle gevolgen van dien.

Door zijn toetreding heeft president Obama meer kans iets aan de misstanden te doen dan de regering-Bush, die zich arrogant had teruggetrokken. Met de promotie van commissie naar raad is de kritiek op de selectieve verontwaardiging in het mensenrechtenbeleid van de VN namelijk niet verdwenen, werd opgemerkt in een kroniek van het Nederlands Juristenblad. Vooral de speciale rapporteurs over problematische landen of thema’s zijn een knelpunt. Een aantal mandaten dat de raad erfde van de commissie werd verlengd, maar al gauw bleek dat er aanzienlijk verzet was tegen dit soort onderzoekers, omdat zij een inbreuk zouden betekenen op de soevereiniteit van de staten. Typerend voor de mensenrechten is nu juist dat zij niet een louter nationale aangelegenheid zijn.

De mandaten voor Birma, Noord-Korea en Somalië werden verlengd, maar de rapporteurs over Congo, Cuba en Wit-Rusland moesten stoppen. De mandaten voor fundamentele thema’s, zoals buitengerechtelijke executies en marteling, konden maar met moeite overeind worden gehouden. De instelling van een speciale rapporteur voor culturele rechten dreigde de deur te openen voor het afzwakken van de algemene geldigheid van de mensenrechten. Teleurstellend was met name een resolutie van Pakistan tegen „schandalisering van godsdienst”.

De moeizame start van de Mensenrechtenraad hangt samen met de verschuiving in de verdeling van de zetels over de blokken van landen waarmee de VN werkt. Weinigen hebben de manier voorzien waarop de organisatie van islamitische staten (OIC) de nieuwe raad gebruikt om Israël op de korrel te nemen (vijf van de eerste zes zittingen) ten koste van mensenrechtenschendingen in een hele serie andere landen. Samen met de groep van Afrikaanse landen heeft de OIC een „overheersende rol” in de raad, signaleerde de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken Verhagen (CDA) vorig jaar. Dit jaar wordt volgens hem „cruciaal”. Verhagen bepleit herbezinning van de westerse landen op hun mensenrechtenstrategie. Nieuwe allianties zijn nodig, „meer outreach naar swing voters”. Nederland moet beter zoeken naar gematigde krachten binnen andere machtsblokken in de raad. Een teer punt blijft of Nederland dat steeds samen met de andere EU-landen moet doen of dat het af en toe ook eigen initiatieven moet nemen. Volgens een rapport van een Europese denktank gaat er vaak wel heel erg veel energie zitten in de onderlinge afstemming ten koste van de slagkracht.

De Mensenrechtenraad telt leden als Azerbajdzjan, China, Cuba, Rusland en Saoedi-Arabië. Niet bepaald de ‘vaandeldragers van de mensenrechten’ die secretaris-generaal Ban Ki-moon op de eerste zitting voor ogen stonden. De Tsjechische oud-president en voormalig dissident Vaclav Havel noemde hun aanwezigheid „beschamend”. Dat is niet te veel gezegd. Er wordt overigens wel iets aan gedaan door de invoering van een periodieke rapportage over de mensenrechten van alle VN-lidstaten, met leden van de raad voorop.

Aan de andere kant is het hele punt van internationale gespreksgroepen dat iedereen eraan meedoet en niet alleen je vrienden. Het heeft weinig zin het lidmaatschap van een organisatie voor wapenbeheersing te beperken tot de landen die al ontwapend hebben. Dat geldt ook voor de Nederlandse deelname aan de Mensenrechtenraad. Ons land heeft werk gemaakt van de periodieke toetsing en zich opengesteld voor vragen. Daarmee contrasteerde de weigering van minister Verhagen deel te nemen aan de grote vervolgconferentie van de VN over racisme in april in Genève. De minister had groot gelijk te dreigen met wegblijven toen de voorbereidende teksten op tafel kwamen, maar die werden sterk bijgesteld. Ook dan kun je nog weglopen als het te gek wordt, zoals bij de toespraak van de Iraanse president Ahmadinejad. Nederland, en trouwens ook de VS, verschenen echter helemaal niet. Het valt te vrezen dat dit ons land onnodig diplomatieke punten kost bij een volgende mensenrechtengelegenheid.

Frank Kuitenbrouwer is medewerker van NRC Handelsblad.