Autosector VS leeft één week op

Ook in de VS is de sloopregeling voor auto’s – lever een oude auto in en krijg 4.500 dollar korting op de nieuwe – een doorslaand succes. Binnen een week is het geld al op.

Autoverkoper Diane Noble staat tevreden te kijken naar de vijftien gammele wagens die de verder brandschone parkeerplaats van de autodealer ontsieren. Bruine bladeren en dorre takken steken onder de ruitenwissers van een paar pick-uptrucks, andere auto’s hebben zoveel roestschade dat het de vraag is hoe ze hier zijn gekomen. Noble wil niet eens weten hoe de auto’s er onder de motorkap uitzien. Ze glimt: „Er zit eindelijk weer beweging in de zaak.”

Noble is volgens een uitgeprinte oorkonde bovenop haar computerscherm werknemer van de maand – welke maand staat er niet bij – maar ze hoeft haar verkooptrucs dit keer niet toe te passen: deze aftandse voertuigen zijn niet te koop. De enige manier waarop ze het terrein mogen verlaten is achter een sleepwagen en nadat Noble en haar collega’s de motor onklaar hebben gemaakt.

Want zo werkt het zichtbaarste Amerikaanse stimuleringsprogramma voor de economie: automobilisten leveren hun oude wagen in en kopen een nieuwe waaraan de overheid 4.500 dollar meebetaalt. In het Witte Huis noemen ze dit programma cash for clunkers: een clunker is een autowrak. De veelal milieu-onvriendelijke auto’s die ingeleverd worden, gaan direct naar de sloop. Twee vliegen in een klap: de economie wordt aangejaagd, het milieu minder beschadigd.

Maar de animo blijkt zo groot te zijn dat de sloopregeling al na een week aan zijn eigen succes ten onder is gegaan. Politiek Washington schrok voor het weekend van het plotse einde aan het miljard dollar dat ervoor was vrijgemaakt en overal in het land heerst nu onduidelijkheid. Heeft het systeem zichzelf vastgedraaid? Worden er nog wel subsidies versterkt? Als de overheid 1 miljard dollar aan subsidies al niet aan kan, hoe moet dat dan met de honderden miljarden uit Obama’s stimuleringsfondsen?

Hoelang de sloopregeling stand zou houden, was vanaf het begin – vandaag precies een week geleden – onduidelijk. Dealers vreesden al snel voor het opraken van het geld, maar donderdagochtend deed het ministerie voor Transport de zorgen nog af als „paranoïde”. De tot dan toe binnengekomen aanvragen zouden nog geen tiende van het totaalbedrag bedragen.

Donderdagavond bleek opeens dat het geld al bijna op was – terwijl het programma nog tot december had moeten lopen. De verwarring werd nog groter toen het Witte Huis binnen 24 uur driemaal van mening veranderde. Het eerste bericht was dat de premie donderdag direct zou aflopen. Daarna zou de subsidie vrijdag alsnog beschikbaar zijn. En uiteindelijk werd dat uiterste moment verplaatst naar gisteravond.

Hoe het nu verder gaat, is onduidelijk. Mogelijk komt er nog 2 miljard dollar extra voor de regeling, maar dat voorstel is vrijdag alleen goedgekeurd in het Huis van Afgevaardigden. De Senaat moet er nog over stemmen.

Dubuque, in de staat Iowa, is een bescheiden stad met 60.000 inwoners. De enige manier om het centrum te bereiken is via een brede verkeersader vol fastfoodrestaurants, megasupermarkt Wal-Mart en een reeks autodealers. De weg heet Dodge Street, naar het automerk.

Aan weerszijden van budgetmotel Heartland Inn en de Elite Outdoors-winkel (voor al uw wapens en visgerij) staan de twee vestigingen van Mike Finnin Autos. Hier werkt Diane Noble. Ondanks de opgewekte bedrijfsleus ‘You’re winnin with Finnin’ is de sfeer even bedrukt geweest. Het onderdeel dat auto’s van Chrysler verkocht ging noodgedwongen dicht na het faillissement van Chrysler.

Toen de sloopregeling vorige week maandag werd ingevoerd, werd het opeens weer druk. Finnin verkocht sindsdien 25 auto’s, twee keer zoveel als de week daarvoor. Wat in Dubuque gebeurde, was overal in de VS het geval: Amerikanen die sinds het begin van de recessie al twee jaar op hun geld zaten bleken massaal een financiële aanmoediging nodig gehad te hebben. De overheid wees hun de weg terug naar de dealer.

Autoverkoper Noble en haar collega’s werkten eerst een week lang elke avond laat door om zoveel mogelijk aanvragen in te dienen, „maar nu weet ik ook niet meer wat ik mijn klanten die moet vertellen. Extreem frustrerend.”

Ambtenaren die de aanvragen nu afhandelen verkeren ook in onzekerheid: op het uitgeven van nog niet officieel goedgekeurde subsidies staat gevangenisstraf.

Autodealers hebben gemengde gevoelens over de overheidsinmenging in de automarkt. Ze halen graag nieuwe klanten binnen, maar de uitvoering van de sloopregeling doet amateuristisch aan. De website waarop de subsidie moet worden aangevraagd loopt regelmatig vast en was vrijdag de hele dag uit de lucht. En sommige subsidievoorwaarden zijn onhandig. De autobezitter moet bijvoorbeeld minstens twaalf maanden oude eigendoms- en verzekeringsbewijzen (vergelijkbaar met de groene kaart) tonen, maar krijgt daarvan elk jaar een nieuwe versie thuisgestuurd. De oude wordt gewoonlijk weggegooid – en die blijkt nu dan weer nodig.

De machtige Republikeinse Senator namens de staat Iowa Charles Grassley (hij was tweemaal voorzitter van de bankencommissie) was dit weekend op werkbezoek in de buurt van Dubuque. Desgevraagd zegt hij voorstander te zijn van het systeem omdat het „Amerikanen een duwtje in de goede richting geeft.” Maar steun uitspreken voor de voortzetting ervan laat hij na.

Het is juist dat Grassley „per definitie” tegen overheden die zich met stimuleringsprogramma’s in de economie willen mengen is – behalve nu dan. „Want in plaats van een overheid die van bovenaf grote bakken geld uitgeeft”, hij doelt op Obama’s stimuleringsplannen, „ligt de macht nu bij de 300 miljoen Amerikanen zelf. Dat is al meer richting marktwerking, nietwaar?”

Bij autodealer Finnin hebben ze ook gemengde gevoelens over het hele systeem. „Ik haal pas rustig adem als de overheid de beloofde subsidies daadwerkelijk uitkeert”, zegt verkoper Noble. Maar afgezien daarvan niets dan lof. „Want laat ik het zo zeggen: het moment dat we weer auto’s gingen verkopen had niet veel later moeten komen.”

Lees meer reportages over de autosector in de VS op nrc.nl/economie